← België

ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20201002.1N.4

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 02 oktober 2020

) FR Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20201002.1N.4 Fiches 1 - 3 De verplichting dat de dekkingswaarden, bestaande uit de activa van het bijzonder vermogen dat verzekeringsondernemingen moeten aanhouden als waarborg voor de naleving van de verplichtingen die op hen rusten voor de uitvoering van de verzekeringsovereenkomsten

de verzekeringsverrichtingen, te allen tijde ten minste gelijk moeten zijn aan deze verplichtingen, belet niet dat door een derde schuldeiser een hypotheek wordt gevestigd op een vermogensbestanddeel dat in het bijzonder vermogen wordt opgenomen, maar het voorrecht van de verzekerden

de begunstigden op het bijzonder vermogen gaat evenwel voor op deze hypotheek

(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: VERZEKERING - ALGEMEEN Vrije woorden: Verzekeringsonderneming - Vorming van een bijzonder vermogen - Hypotheek gevestigd op een vermogensbestanddeel - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet van 9 juli 1975 betreffende controle bij de verzekeringsondernemingen - 09-07-1975 - Artt. 16, § 1, eerste lid, § 2, eerste

tweede lid,

§ 3

, eerste tot

met derde lid, 17, tweede lid,

18, eerste

tweede lid - 30 ELI link Pub nr 1975070904 Verordening nr. 12 van de Controledienst voor de Verzekeringen tot vaststelling van de regels betreffende de doorlopende inventaris van de dekkingswaarden - 22-01-2001 - Art. 6 - 34 Link Justel databank 20010122-34 KB 22 februari 1991 houdende algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen - 22-02-1991 - Art. 10, § 9, 3° - 33 ELI link Pub nr 1991011037 Burgerlijk Wetboek - Boek III - Titel XVIII: Voorrechten

hypotheken. - Hypotheekwet - 16-12-1851 - Art. 12 - 01 ELI link Pub nr 1851121650 Thesaurus CAS: VOORRECHTEN

HYPOTHEKEN - ALGEMEEN Vrije woorden: Verzekeringsonderneming - Vorming van een bijzonder vermogen - Hypotheek gevestigd op een vermogensbestanddeel - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet van 9 juli 1975 betreffende controle bij de verzekeringsondernemingen - 09-07-1975 - Artt. 16, § 1, eerste lid, § 2, eerste

tweede lid,

§ 3

, eerste tot

met derde lid, 17, tweede lid,

18, eerste

tweede lid - 30 ELI link Pub nr 1975070904 Verordening nr. 12 van de Controledienst voor de Verzekeringen tot vaststelling van de regels betreffende de doorlopende inventaris van de dekkingswaarden - 22-01-2001 - Art. 6 - 34 Link Justel databank 20010122-34 KB 22 februari 1991 houdende algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen - 22-02-1991 - Art. 10, § 9, 3° - 33 ELI link Pub nr 1991011037 Burgerlijk Wetboek - Boek III - Titel XVIII: Voorrechten

hypotheken. - Hypotheekwet - 16-12-1851 - Art. 12 - 01 ELI link Pub nr 1851121650 Thesaurus CAS: BANKWEZEN. KREDIETWEZEN. SPAARWEZEN - KREDIETVERRICHTINGEN Vrije woorden: Verzekeringsonderneming - Vorming van een bijzonder vermogen - Hypotheek gevestigd op een vermogensbestanddeel - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet van 9 juli 1975 betreffende controle bij de verzekeringsondernemingen - 09-07-1975 - Artt. 16, § 1, eerste lid, § 2, eerste

tweede lid,

§ 3

, eerste tot

met derde lid, 17, tweede lid,

18, eerste

tweede lid - 30 ELI link Pub nr 1975070904 Verordening nr. 12 van de Controledienst voor de Verzekeringen tot vaststelling van de regels betreffende de doorlopende inventaris van de dekkingswaarden - 22-01-2001 - Art. 6 - 34 Link Justel databank 20010122-34 KB 22 februari 1991 houdende algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen - 22-02-1991 - Art. 10, § 9, 3° - 33 ELI link Pub nr 1991011037 Burgerlijk Wetboek - Boek III - Titel XVIII: Voorrechten

hypotheken. - Hypotheekwet - 16-12-1851 - Art. 12 - 01 ELI link Pub nr 1851121650 Annotaties Publicaties: Bulletin des assurances [Bull.ass.] - DEVOET, Claude; Note 'La résolution du conflit

tre le droit de priorité des créanciers d'assurance et l'effet des conventions de netting' - 2020, n° 4, p. 474-479. Revue de Droit Commercial Belge [R.D.C.] - TOUSSAINT, Béatrice; Note 'La protection des créances d'assurance organisée par les patrimoines spéciaux de l'

treprise d'assurance' - 2020, n° 9, p. 1193-1199. Revue de Droit Commercial Belge [R.D.C.] - TOUSSAINT, Béatrice; Note 'La protection des créances d'assurance organisée par les patrimoines spéciaux de l'

treprise d'assurance. - 2020, n° 9, p. 1193-

  1. Tekst van de conclusie C.19.0085.N Conclusie van eerste advocaat-generaal R. Mortier:
  2. Feiten

procedure Verweerster was als verzekeringsmaatschappij actief in de sector van de levensverzekeringen

groepsverzekeringen. Naar aanleiding van de aankoop van een onroerend goed werd haar door eiseres een hypothecair krediet toegekend. Ingevolge een verslechterende financiële toestand nam de toenmalige CBFA een aantal maatregelen

werd verweerster in 2011 van de lijst van toegelaten verzekeringsondernemingen geschrapt

van rechtswege ontbonden. Toen eiseres vernam dat door de CBFA was beslist verweerster het verbod op te leggen om vrij te beschikken over haar activa ging zij over tot eenzijdige afboeking van het bedrag van het saldo van de toegekende kredieten meer rente, commissie

kosten. De vereffenaars van verweerster die vaststelden dat de vereffening van verweerster deficitair was maanden eiseres aan tot terugbetaling van de eenzijdig afgeboekte gelden ter vrijwaring van de rangregeling onder de schuldeisers. Eiseres weigerde hierop in te gaan waarna verweerster overging tot dagvaarding. De appelrechters verklaarden, net zoals de eerste rechter, de vordering van verweerster ontvankelijk

gegrond. Zij oordelen vooreerst dat, nu het vertrouwen van eiseres in verweerster definitief was aangetast door de ernstige tekortkomingen

onregelmatigheden die waren vastgesteld

de hierop genomen maatregelen door de CBFA, eiseres op rechtmatige wijze de kredietrelatie heeft opgezegd

zij ook, ondanks de vereffening van verweerster, rechtsgeldig kon overgaan tot compensatie van de saldi op de verschillende rekeningen op het ogenblik dat zij de kredietopening opeisbaar heeft gesteld. Op grond van artikel 14 van de Wet Financiële zekerheden kon de effectieve doorvoering van schuldvergelijking na de aanvang van de situatie van samenloop worden tegengeworpen aan de schuldeisers van verweerster aangezien dit plaatsvond op basis van een nettingovereenkomst die werd gesloten vooraleer de samenloop plaatsvond

zowel de vordering als de schuld waarop de schuldvergelijking werd toegepast, bestonden op het ogenblik van de samenloop. Ook het pandrecht kon worden tegengeworpen aan de overige schuldeisers in de samenloop. De appelrechters overwegen dit alles evenwel onder voorbehoud van wat zij beslissen met betrekking tot het "bijzonder vermogen". Verweerster voerde met betrekking tot dit bijzonder vermogen aan dat dit bij absolute voorrang voorbehouden is voor het nakomen van verplichtingen jegens de verzekeringnemers

-begunstigden

de som die door eiseres werd afgeboekt integraal tot dit vermogen behoorde. De appelrechters volgen dit standpunt

wijzen op het openbare orde karakter van dit absolute voorrecht van de verzekerden

verzekeringsbegunstigden zodat eiseres niet gerechtigd was over te gaan tot de door haar doorgevoerde compensatie

de afboeking onterecht was. Tegen dit arrest van 8 januari 2019 van het hof van beroep te Brussel komt eiseres op met één middel, bestaande uit twee onderdelen.

  1. Bespreking 2.
  2. Verzekeringsondernemingen zijn er krachtens artikel 16 van de Wet van 9 juli 1975 betreffende de controle van verzekeringsondernemingen, hierna Controlewet, toe gehouden onder de benaming "technische reserves" of "provisies" de verplichtingen te berekenen

te boeken die op hen rusten zowel voor de uitvoering van de door hen gesloten verzekeringscontracten als voor de toepassing van de wetten of verordeningen betreffende die verzekeringsverrichtingen. Deze technische reserves of provisies moeten op elk ogenblik gedekt zijn door gelijkwaardige activa die aangeduid worden als dekkingswaarden. Zij moeten in volle eigendom toebehoren aan de verzekeringsonderneming

toegewezen zijn als waarborg voor die verplichtingen

dit per afzonderlijk beheer

(1). Krachtens artikel 16, §3 van de Controlewet dient elke verzekeringsonderneming een speciaal register bij te houden, de doorlopende inventaris, van de dekkingswaarden, waarbij het totale bedrag van de ingeschreven dekkingswaarden te alle tijde ten minste gelijk is aan het bedrag van de technische voorzieningen. Deze gezamenlijke dekkingswaarden vormen per afzonderlijk beheer een bijzonder vermogen. Het voornaamste kenmerk van dit bijzonder vermogen is dat het bij voorrang voorbehouden is ter nakoming van de verbintenissen tegenover de verzekerden of de begunstigden van het verzekeringscontract. Uit de parlementaire werkzaamheden van de Controlewet blijkt dat de wetgever hierbij uitging van een werkelijk exclusief recht ten bate van de verzekeringsschuldeisers
(2). Voor de verzekerden dient een bijzonder recht op die activa erkend te worden, welk recht hen de toekenning ervan zal waarborgen overeenkomstig de doelstellingen die de samenstelling ervan hebben verantwoord
(3). Dit collectief voorrecht dat de verzekerden

verzekeringsbegunstigden genieten komt ten volle tot uiting op het ogenblik dat de verzekeringsonderneming wordt onderworpen aan een faillissement. Vooreerst zal dit bijzonder vermogen in principe geen deel zal uitmaken van de faillissementsboedel

(4). De curator zal dit bijzonder vermogen afzonderlijk moeten vereffenen

dit vòòr de afwikkeling van de failissementsboedel. De ter zake toepasselijke regels zijn verwoord in artikel 48/16 van de Controlewet

(5). Bij de vereffening van dit bijzonder vermogen moet rekening worden gehouden met de rechten van de schuldeisers uit verzekering, de schuldeisers waarvan sprake in het tweede lid

de gelijkheid van alle schuldeisers van eenzelfde rang. Indien de vereffening van dit bijzonder vermogen een beschikbaar saldo laat wordt dit toegewezen aan de massa van de schuldeisers, terwijl, indien dit vermogen ontoereikend is om de verzekerden

de begunstigden uit verzekeringsverrichtingen volledig schadeloos te stellen, deze voor het niet betaald gedeelte een bevoorrechte schuldvordering behouden die echter een algemeen voorrecht is

waarbij zij dan alle bijzondere voorrechten dienen te laten voorgaan. 2.2. Zoals vermeld dient het bedrag van de door de verzekeringsonderneming samen te stellen technische voorziening

te boeken technische schulden op elk ogenblik voldoende te zijn om te waarborgen dat alle uit de verzekeringsovereenkomsten voortvloeiende verplichtingen kunnen worden nagekomen

(6). Buiten het kader van insolvabiliteitsprocedures is de onderneming evenwel vrij om te beschikken over de totaliteit van haar vermogen, met inbegrip van dit bijzonder vermogen voor zover de in waarde vereiste bedragen hierdoor niet worden gewijzigd. Op voorwaarde van het behoud van hun waarde hebben de bijzondere vermogens dus een fluctuerende aard die toelaat dat hun samenstelling kan evolueren
(7). Zoals eiseres terecht aanvoert, belet dit niet dat op een vermogensbestanddeel dat opgenomen wordt als dekkingswaarde een zakelijk zekerheidsrecht rust. In dat geval zal het bedrag dat niet-beschikbaar is ter dekking van de verzekerinsgverplichtingen evenwel niet meegeteld worden voor de berekening van de omvang van het bijzonder vermogen. Verweerster benadrukt in de memorie van antwoord dus terecht dat het bijzonder vermogen bestaat uit de nettowaarde van de toegewezen activa na aftrek van de schuldvorderingen van de medecontractant jegens de verzekeringsonderneming zodat dit een waarheidsgetrouw beeld geeft van de beschikbare waarde van het bijzonder vermogen. Ook de appelrechters hebben in die zin geoordeeld wanneer zij stellen dat het onroerend goed dat gefinancierd werd met een krediet toegekend door eiseres met als waarborg een hypothecaire inschrijving in eerste rang, werd opgenomen in de doorlopende inventaris maar dit

kel ten belope van de affectatiewaarde. Het nog verschuldigd bedrag uit hoofde van de door de hypotheek gewaarborgd krediet werd niet in het bijzonder vermogen opgenomen. De appelrechters oordeelden met andere woorden dat de dekkingswaarden niet bezwaard waren met een zakelijk recht ten voordele van eiseres. 2.3. De vraag stelt zich dan of het bestaan van een nettingbeding dat werd opgenomen in het Algemeen Reglement der Verrichtingen iets aan deze situatie verandert. De appelrechters stellen immers vast dat eiseres overging tot afboeking

compensatie op grond van dergelijk door haar ingeroepen nettingbeding. Nettingovereenkomsten organiseren een conventioneel verrekeningsproces waarbij de wederzijdse verplichtingen tussen partijen verrekend worden zodat een nettobedrag wordt verkregen dat door de

e partij aan de andere partij moet worden betaald. Dit bedrag is het saldo van de verrekening waarbij de verplichtingen elkaar opheffen ten belope van de laagste schuld

(8). Op zich doet het bestaan van nettingbedingen opgenomen in kaderovereenkomsten geen afbreuk aan de rechten van verzekerden

begunstigden van verzekeringen nu deze voorrechten juist als doel hebben om te worden uitgeoefend op de toegewezen activa nadat een eventuele schuldvergelijking in rekening werd gebracht. De waardering van de aan het bijzonder vermogen toegewezen activa houdt zoals gezegd slechts rekening met de nettowaarde van deze activa, na aftrek van de schuldvorderingen van de medecontractant jegens de verzekeringsonderneming

(9). Het is in functie van deze nettowaarde dat de doorlopende inventaris wordt opgesteld

dit staat er dus niet aan in de weg dat kaderovereenkomsten worden afgesloten waarin nettingbedingen worden opgenomen. De absolute, van openbare orde zijnde

exclusieve aard van de voorrechten van de verzekerden

verzekeringsbegunstigden is hiermee niet onverenigbaar nu deze voorrechten juist als doel hebben om te worden uitgeoefend op de toegewezen activa nadat een eventuele schuldvergelijking werd in rekening gebracht. Door zich in artikel 16, §3, derde lid van de Controlewet te beperken tot de verplichting om in het register

kel melding te maken van zakelijke rechten die de dekkingswaarden bezwaren lijkt de wetgever duidelijk van mening dat de activa gedekt door een nettingbeding geen deel uitmaken van het onderpand van activa dat ter beschikking is van de schuldeisers

hiervan nooit deel zullen uitmaken zodat het bestaan van deze bedingen niet moet worden vermeld in de inventaris. Van een voorrangsprobleem tussen nettingbedingen

het voorrecht op de dekkingswaarden van de technische reserves is dus geen sprake

(10). Het eerste onderdeel dat er van uitgaat dat het bijzonder voorrecht van de verzekerden

de verzekeringsbegunstigden er niet aan in de weg staat dat zakelijke zekerheden kunnen uitgewonnen worden op dekkingswaarden gaat uit van een andere rechtsopvatting

faalt bijgevolg naar recht. Het oordeel dat krachtens artikel 14 van de Wet Financiële Zekerheden de effectieve doorvoering van schuldvergelijking na de aanvang van de situatie van samenloop kon worden tegengeworpen aan de schuldeisers van verweerster, aangezien dit plaats vond op basis van een nettingovereenkomst die werd gesloten vooraleer de samenloop plaatsvond

zowel de schuldvordering als de schuld waarop de schuldvergelijking werd toegepast bestonden op het ogenblik van de samenloop, laat het Hof toe zijn wettigheidstoezicht uit te oefenen. In zoverre kan het eerste onderdeel niet worden aangenomen. 2.4. Tweede onderdeel Anders dan waarvan het tweede onderdeel uitgaat hebben de appelrechters niet geoordeeld dat het voorrecht van de verzekerden belet dat nettingovereenkomsten betreffende dekkingswaarden mogelijk zijn

na het ontstaan van samenloop kunnen worden uitgevoerd, maar dat het bestaan van een nettingbeding geen voorrecht boven het absoluut voorrecht van de verzekerden op het bijzonder vermogen creëert. Verweerster benadrukt in de memorie van antwoord terecht dat dergelijk voorrecht in hoofde van verweerster het absoluut voorrecht van de verzekerden

de verzekeringsbegunstigden zou uithollen. Het onderdeel mist feitelijke grondslag. Conclusie: verwerping. ________________________

(1)In hoofde van de verzekeringsondernemingen bestaat de verplichting om voor elke groep van activiteiten "leven"

"niet leven" in België uitgeoefend, een afzonderlijk beheer

een afzonderlijke boekhouding te voeren. De appelrechters stellen te dezen vast dat er maar één

kel beheer

één

kel bijzonder vermogen is, meer bepaald voor de tak "Leven" (arrest p. 14, nr. 20).

(2)Memorie van Toelichting bij het Ontwerp van wet betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, Parl.St. Senaat, 1970-71, nr. 269, 18 februari 1971, 31-32.
(3)Verslag namens de commissie voor de economische zaken uitgebracht door de Heer Moreau de Melen over het ontwerp van wet betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, Parl.St. Senaat, 1970-71, nr. 560, 6.
(4)M. DE GRAEVE

B. WINDEY, "Verzekeringsrechtelijke aspecten", in Faillissement & Reorganisatie, 2000, IX-7.

(5)M. DE GRAEVE

B. WINDEY, "Verzekeringrechtelijke aspecten", in Faillissement & Reorganisatie, 2000, IX 8.

(6)M. Dreesen

A. Houthoofd, "De (vreedzame) co-existentie van het voorrecht op de dekkingswaarden van de technische reserves

provisies,

erzijds,

nettingbedingen, anderzijds", in Liber Amicorum Herman Cousy, 2011, p. 411-413.

(7)M. DREESEN

A. HOUTHOOFD, "De (vreedzame) co-existentie van het voorrecht op de dekkingswaarden van de technische reserves

provisies,

erzijds,

nettingbedingen, anderzijds", in Liber Amicorum Herman Cousy, 2011, p. 416.

(8)M. DREESEN

A. HOUTHOOFD, "De (vreedzame) co-existentie van het voorrecht op de dekkingswaarden van de technische reserves

provisies,

erzijds,

nettingbedingen, anderzijds", in Liber Amicorum Herman Cousy, 2011, p. 409.

(9)M. DREESEN

A. HOUTHOOFD, "De (vreedzame) co-existentie van het voorrecht op de dekkingswaarden van de technische reserves

provisies,

erzijds,

nettingbedingen, anderzijds", in Liber Amicorum Herman Cousy, 2011, p. 423-424.

(10)M. DREESEN

A. HOUTHOOFD, "De (vreedzame) co-existentie van het voorrecht op de dekkingswaarden van de technische reserves

provisies,

erzijds,

nettingbedingen, anderzijds", in Liber Amicorum Herman Cousy, 2011, p. 424. PDF document ECLI:BE:CASS:2020:CONC.20201002.1N.4 Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20201002.1N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.