← België

S.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 05 januari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210105.2N.2 Rolnummer: P.20.0736.N Zaak: S. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht - Internationaal publiekrecht - Overige Invoerdatum: 2021-01-07 Raadplegingen: 1138 - laatst gezien 2026-06-20 04:03 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Artikel 1 Eerste Aanvullend Protocol EVRM verbiedt de rechter een herstelmaatregel te bevelen die kennelijk onredelijk is; hierbij dient hij na te gaan of het voordeel van de bevolen herstelmaatregel voor het behoud van een goede ruimtelijke ordening opweegt tegen de last die daaruit voortvloeit voor de overtreder; het bevolen herstel moet evenredig zijn met de in concreto vastgestelde aantasting van de ruimtelijke ordening en de maatregel moet redelijk blijven in vergelijking tot de last die hij voor de betrokkene meebrengt

(1).
(1)Zie Cass. 5 februari 2019, AR P.17.0756.N ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190205.1, AC 2019, nr. 65; Cass. 5 januari 2016, AR P.14.1754.N ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160105.2, AC 2016, nr. 3; Cass. 24 november 2009, AR P.09.0278.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091124.4, AC 2009, nr.
  1. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE Vrije woorden: Herstelmaatregel - Redelijkheid van de bevolen herstelmaatregel - Evenredigheid - Beoordeling door de rechter - Draagwijdte Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Allerlei Vrije woorden: Artikel 1 Eerste Aanvullend Protocol EVRM - Herstelmaatregel - Redelijkheid van de bevolen herstelmaatregel - Evenredigheid - Beoordeling door de rechter - Draagwijdte Fiches 3 - 4 De rechter oordeelt onaantastbaar in feite of een herstelmaatregel evenredig is met de in concreto vastgestelde aantasting van de ruimtelijke ordening en of uit de vergelijking tussen het voordeel voor de ruimtelijke ordening dat volgt uit die maatregel en de voor de betrokkene veroorzaakte last niet volgt dat de herstelmaatregel kennelijk onredelijk is; bij die beoordeling kan de rechter de aard van en de wijze waarop het stedenbouwkundige misdrijf werd gepleegd dat tot de herstelmaatregel aanleiding geeft, het flagrante karakter van het misdrijf en de doelbewustheid waarmee het werd gepleegd, mee in overweging nemen. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - HERSTEL VAN PLAATS IN DE VORIGE STAAT. BETALING VAN EEN MEERWAARDE Vrije woorden: Herstelmaatregel - Redelijkheid van de bevolen herstelmaatregel - Evenredigheid - Beoordeling door de rechter - Criteria - Wijze Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER Vrije woorden: Stedenbouw - Herstelmaatregel - Redelijkheid van de bevolen herstelmaatregel - Evenredigheid - Criteria - Wijze Tekst van de beslissing Nr. P.20.0736.N I
  2. K. S., beklaagde,
  3. K. V., beklaagde, eisers, met als raadslieden mr. Dirk Libotte en mr. Niels Vos, beiden advocaat bij de balie Brussel, tegen GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR bevoegd voor het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant, met kantoor te 3000 Leuven, Dirk Boutsgebouw, Diestsepoort 6 bus 93, eiser tot herstel, verweerder, met als raadsman mr. Philippe Declercq, advocaat bij de balie Leuven. II GEWESTELIJK STEDENBOUWKUNDIG INSPECTEUR bevoegd voor het grondgebied van de provincie Vlaams-Brabant, reeds vermeld, eiser tot herstel, met als raadsman mr. Philippe Declercq, advocaat bij de balie Leuven, tegen
  4. K. S., reeds vermeld, beklaagde,
  5. K. V., reeds vermeld, beklaagde, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 15 juni
  6. De eisers I voeren in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. De eiser II doet afstand van zijn cassatieberoep. Raadsheer Steven Van Overbeke heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep van de eisers I
  7. Het arrest oordeelt onder meer dat: - de herstelvordering van de eiser II niet ontvankelijk is; - het betalen van een meerwaarde bovenop de bevolen bouw- of aanpassings-werken als vorm van herstel kennelijk niet verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening. In zoverre gericht tegen die beslissingen, is het cassatieberoep van de eisers I bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middel van de eisers I
  8. Het middel voert schending aan van artikel 1 Eerste Aanvullend Protocol EVRM en artikel 6.3.1 Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening: het arrest veroordeelt de eisers I ambtshalve tot het verlagen van het dak naar het vroegere niveau, zodat dit niet meer uitsteekt boven de oude gevelmuur, en dit volgens de plannen, getekend door architect F.M. op 22 april 2015, die werden goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Kampenhout op 28 juli 2015; met het oordeel dat de eisers I wisten of behoorden te weten dat het volume van de door hen aangekochte woning in natuurgebied onder geen beding mocht worden uitgebreid, oordeelt het arrest echter niet naar recht dat de last die de verlaging van het dak op het gebied van kosten en wooncomfort met zich mee zal brengen voor de eisers I, in die omstandigheden niet onevenredig is; immers mag noch het flagrante karakter van de inbreuk, noch de kenniscomponent van de overtreder in overweging worden genomen bij de beoordeling van de evenredigheidstoets; hierdoor voegen de appelrechters bij de beoordeling van de rechterlijke maatregelen ook een beoordelingscriterium toe zonder wettelijke basis.
  9. Artikel 6.3.1, § 1, Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening bepaalt: "Naast de straf beveelt de rechtbank, ambtshalve of op vordering van een bevoegde overheid, een meerwaarde te betalen en/of bouw- of aanpassingswerken uit te voeren en/of de plaats in de oorspronkelijke toestand te herstellen of het strijdige gebruik te staken. Dat gebeurt, met inachtneming van de volgende rangorde: 1° als het gevolg van het misdrijf kennelijk verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening, het betalen van een meerwaarde; 2° als dit kennelijk volstaat om de plaatselijke ordening te herstellen, de uitvoering van bouw- of aanpassingswerken; 3° in de andere gevallen, de uitvoering van het herstel van de plaats in de oorspronkelijke toestand of de staking van het strijdige gebruik. Voor de diverse onderdelen van eenzelfde misdrijf kunnen verschillende herstelmaatregelen gecombineerd worden, bevolen volgens de rangorde, vermeld in het eerste lid. Het bevolen herstel dekt steeds de volledige illegaliteit ter plaatse, ook al werd die mee veroorzaakt door stedenbouwkundige misdrijven of inbreuken die niet bij de rechter aanhangig zijn."
  10. Artikel 1 Eerste Aanvullend Protocol EVRM verbiedt de rechter een herstelmaatregel te bevelen die kennelijk onredelijk is. Hierbij dient hij na te gaan of het voordeel van de bevolen herstelmaatregel voor het behoud van een goede ruimtelijke ordening opweegt tegen de last die daaruit voortvloeit voor de overtreder. Het bevolen herstel moet evenredig zijn met de in concreto vastgestelde aantasting van de ruimtelijke ordening en de maatregel moet redelijk blijven in vergelijking tot de last die hij voor de betrokkene meebrengt.
  11. De rechter oordeelt onaantastbaar in feite of een herstelmaatregel evenredig is met de in concreto vastgestelde aantasting van de ruimtelijke ordening en of uit de vergelijking tussen het voordeel voor de ruimtelijke ordening dat volgt uit die maatregel en de voor de betrokkene veroorzaakte last niet volgt dat de herstelmaatregel kennelijk onredelijk is. Bij die beoordeling kan de rechter de aard van en de wijze waarop het stedenbouwkundige misdrijf werd gepleegd dat tot de herstelmaatregel aanleiding geeft, het flagrante karakter van het misdrijf en de doelbewustheid waarmee het werd gepleegd, mee in overweging nemen. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
  12. Het arrest (p. 9-10) stelt vast en oordeelt dat: - het betrokken perceel is gelegen in natuurgebied, met name in een gebied dat wegens zijn esthetische en wetenschappelijke waarde is gerangschikt als landschap, waarin wonen in beginsel uitgesloten is en waar het in beginsel verboden is bestaande constructies te verbouwen of te herbouwen waardoor een vergroting van het bouwvolume optreedt; - het perceel deel uitmaakt van het Vlaams Ecologisch Netwerk (VEN) en in een habitatrichtlijngebied ligt; - met de rangschikking als landschap, wegens onder meer de esthetische waarde, en het principiële verbod om het bouwvolume van bestaande constructies te ver¬groten, wordt gestreefd naar het behoud van de kenmerken van het na¬tuurgebied, wat onverenigbaar is met een toename van menselijke aanwezigheid en activiteiten en ernstig wordt verstoord door het vergroten van reeds bestaande bouwwerken; - de plaatselijke ordening aldus is opgevat dat in de straat waar het perceel van de eisers I in het natuurgebied is gelegen, met uitzondering van het perceel van die laatsten en nog één ander perceel, alle andere percelen niet zijn bebouwd, de natuur er zich kan ontwikkelen en het landschap wordt bewaard; - bij de verbouwingen en uitbreiding van hun woning de eisers I verschillende materialen hebben gebruikt, meer bepaald een houten structuur voor de nieuw gebouwde chalet die door de ramen van het oorspronkelijke vergund geachte gebouw te zien is en een dak dat boven de oorspronkelijke woning uitsteekt, wat het onafgewerkte geheel tot een visueel storend element in het landschap maakt; - het betalen van een meerwaarde, met behoud van de uitgevoerde werken, als vorm van herstel kennelijk niet verenigbaar is met een goede ruimtelijke orde¬ning; - het om de plaatselijke ordening te herstellen kennelijk volstaat om bouw- of aanpassingswerken uit te voeren die de visueel storende kenmerken van de woning, veroorzaakt door de gepleegde inbreuken, verhelpen, namelijk
(1)het verlagen van het dak naar het vroegere niveau zodat dit niet meer uitsteekt boven de oude gevelmuur, en
(2)het onzichtbaar maken van de bestaande houtstructuur binnen de oude muren door op die plaatsen waar ze wel zichtbaar is de raam- en deuropeningen van de vroegere stenen muur dicht te maken; - de aldus ambtshalve bevolen bouw- of aanpassingswerken moeten worden uitgevoerd volgens de plannen van de eisers I zelf, die eerder voor die werken immers een stedenbouwkundige aanvraag hebben ingediend; - de eisers I, die voorhouden dat een verlaging van het dak tot zijn oorspronkelijke niveau de vrije hoogte binnen in de woning erg zou beperken en bovendien grote kosten met zich zou meebrengen, wisten of behoorden te weten dat het volume van de door hen aangekochte woning in natuurgebied onder geen beding mocht worden uitgebreid, en de last die de verlaging van het dak op het gebied van kosten en wooncomfort met zich zal meebrengen voor de eisers I in die omstandigheden niet onevenredig is; - enkel met de uitvoering van de opgelegde werken de gevolgen van de bewezen inbreuken volledig hersteld zijn, waarbij het door de eisers I voorgestelde op¬metsen van de gevelmuur tot het niveau van het nieuwe dak de inbreuk zou bestendigen en de plaatselijke ordening niet zou herstellen. Met die redenen verantwoorden de appelrechters naar recht de beslissing dat het bevel tot het verlagen van het dak naar het vroegere niveau in verhouding is met de aantasting van de ruimtelijke ordening die werd veroorzaakt door het stedenbouwmisdrijf van de eisers I, alsook dat er geen sprake is van een kennelijke onevenredigheid tussen het voordeel voor de ruimtelijke ordening dat volgt uit die maatregel enerzijds en de voor de eisers I door die maatregel veroorzaakte last anderzijds. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek 7. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verleent akte van de afstand van het cassatieberoep van de eiser II. Verwerpt het cassatieberoep van de eisers I. Veroordeelt de eisers I tot de kosten van hun cassatieberoep. Laat de kosten van het cassatieberoep van de eiser II ten laste van het Vlaams Gewest. Bepaalt de kosten in het geheel op 119,90 euro waarvan de eisers I en de eiser II elk 59,95 zijn verschuldigd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Sidney Berneman en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 5 januari 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210105.2N.2 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091124.4 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160105.2 ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190205.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210511.2N.6 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220524.2N.7 ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240917.2N.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.