id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 15 januari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210115.1N.7 Rolnummer: C.20.0163.N Zaak: D. contra ROVE ARCHITECTEN BVBA Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2022-07-13 Raadplegingen: 1091 - laatst gezien 2026-06-17 10:02 Versie(s): Vertaling FR Fiche De regel dat de ontbinding van een wederkerige overeenkomst krachtens artikel 1184 Oud Burgerlijk Wetboek, tot gevolg heeft dat de overeenkomst, in beginsel, met terugwerkende kracht wordt ongedaan gemaakt, sluit niet uit dat contractuele bedingen die tot voorwerp hebben de gevolgen van de ontbinding tussen partijen te regelen, verder uitwerking krijgen
(1).
(1)Cass. 23 oktober 2017, AR C.17.0234.N ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20171023.1, AC 2017, nr.
- Thesaurus CAS: OVEREENKOMST - EINDE Vrije woorden: Wederkerige overeenkomst - Ontbinding - Gevolg Tekst van de beslissing Nr. C.20.0163.N W. D., eiser, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiser woonplaats kiest, tegen ROVE ARCHITECTEN bv, met zetel te 2800 Mechelen, Oscar Van Kesbeeckstraat 52, bus 101, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0501.931.151, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 15 mei
- Raadsheer Koenraad Moens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Els Herregodts heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- De regel dat de ontbinding van een wederkerige overeenkomst krachtens artikel 1184 Oud Burgerlijk Wetboek, tot gevolg heeft dat de overeenkomst, in beginsel, met terugwerkende kracht wordt ongedaan gemaakt, sluit niet uit dat contractuele bedingen die tot voorwerp hebben de gevolgen van de ontbinding tussen de partijen te regelen, verder uitwerking krijgen.
- Artikel 6.5 van de ontbonden architectenovereenkomst tussen de eiser en de verweerster bepaalt: "De opdrachtnemer staat niet in voor de geldelijke gevolgen van fouten en vergissingen van andere bouwpartners. Bij samenlopende fouten van de uitvoerders tot het ontstaan van de schade is de opdrachtnemer gehouden alleen de schade te vergoeden die door zijn fout is ontstaan en dit in verhouding tot de foutaandelen van de andere aansprakelijken". Dit beding dat de door de architect te vergoeden schade beperkt in het geval dat hij zijn verbintenissen niet nakomt, strekt zich ook uit tot de schade die hij moet vergoeden als gevolg van de ontbinding van de overeenkomst.
- De appelrechters die op grond van voornoemd artikel 6.5 oordelen dat de verweerster niet in solidum is gehouden met de aannemer of de stabiliteitsingenieur voor aanvullende schade naast de ontbinding, verantwoorden hun beslissing naar recht. Het middel kan niet worden aangenomen. (...) Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiser op 421,24 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, en de raadsheren Koenraad Moens en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 15 januari 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal Els Herregodts, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210115.1N.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20171023.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div