← België

S.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 26 januari 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210126.2N.7 Rolnummer: P.20.1208.N Zaak: S. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Internationaal publiekrecht Invoerdatum: 2021-02-03 Raadplegingen: 453 - laatst gezien 2026-06-19 23:36 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 Artikel 59, § 3, eerste lid, Wegverkeerswet en artikel 26 van het koninklijk besluit betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen, op grond waarvan onder meer moet worden uitgelegd dat de betrokkene een tweede ademanalyse mag vragen, houden geen verband met het recht op bijstand van een raadsman maar hebben enkel tot doel de betrokkene te wijzen op de mogelijkheid om een tweede analyse te vragen. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 59 Vrije woorden: Recht op een tweede ademanalyse - Verwittiging - Verband met het recht op bijstand van een advocaat - Draagwijdte Thesaurus CAS: RECHT VAN VERDEDIGING - STRAFZAKEN Vrije woorden: Wegverkeer - Ademanalyse - Recht op een tweede ademanalyse - Verwittiging - Verband met het recht op bijstand van een advocaat - Draagwijdte Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.3 Vrije woorden: Wegverkeerswet - Ademanalyse - Recht op een tweede ademanalyse - Verband met het recht op bijstand van een advocaat - Draagwijdte Fiches 4 - 5 Uit geen enkele wets- of verdragsbepaling volgt voor de verbalisant de verplichting om nadat hij de betrokkene heeft verwittigd van zijn recht om een tweede ademanalyse te vragen, uitdrukkelijk vast te stellen dat die aan dat recht verzaakt; uit de omstandigheid dat de verbalisant niet vaststelt dat de betrokkene een tweede analyse vraagt, volgt dat de betrokkene aan dat recht heeft verzaakt, tenzij hij het tegendeel aannemelijk maakt. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 59 Vrije woorden: Recht op een tweede ademanalyse - Verzaking - Geen verplichting om de verzaking uitdrukkelijk vast te stellen - Gevolgen Wettelijke bepalingen: Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij Koninklijk besluit van 16 maart 1968 - 16-03-1968 - Art. 59, § 3 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 KB 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen - 21-04-2007 - Art. 26 - 40 ELI link Pub nr 2007014149 Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.3 Vrije woorden: Wegverkeerswet - Ademanalyse - Recht op een tweede ademanalyse - Verzaking - Geen verplichting om de verzaking uitdrukkelijk vast te stellen - Gevolgen Wettelijke bepalingen: Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij Koninklijk besluit van 16 maart 1968 - 16-03-1968 - Art. 59, § 3 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 KB 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen - 21-04-2007 - Art. 26 - 40 ELI link Pub nr 2007014149 Tekst van de beslissing Nr. P.20.1208.N B. S. K., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Leen Vanbrabant, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Nederlandstalige correctionele rechtbank Brussel van 9 september

  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Antoine Lievens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  2. Het middel voert schending aan van artikel 6 EVRM, artikel 149 Grondwet en artikel 59 Wegverkeerswet: uit het strafdossier blijkt niet dat de eiser expliciet heeft verzaakt aan de mogelijkheid om een tweede ademanalyse te vragen; het bestreden vonnis oordeelt ten onrechte dat de miskenning van deze formaliteit niet leidt tot uitsluiting van het bewijs; een verwittiging van een recht tot een tweede ademanalyse zonder uitdrukkelijke vaststelling van de verzaking aan dat recht, maakt dat recht inhoudsloos.
  3. Artikel 149 Grondwet is vreemd aan de aangevoerde grief. In zoverre faalt het middel naar recht.
  4. Artikel 59, § 3, eerste lid, Wegverkeerswet bepaalt: "Op verzoek van de in § 1, 1° en 2°, bedoelde personen aan wie een ademanalyse werd opgelegd, wordt onmiddellijk een tweede analyse uitgevoerd en, indien het verschil tussen deze twee resultaten meer bedraagt dan de door de Koning bepaalde nauwkeurigheidsvoorschriften, een derde analyse."
  5. Krachtens artikel 26 van het koninklijk besluit van 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen (KB Ademtest- en Ademanalysetoestellen) moet de betrokkene onder meer worden uitgelegd dat hij een tweede ademanalyse mag vragen.
  6. Noch uit deze bepalingen, die geen verband houden met het recht op bijstand van een raadsman maar enkel tot doel hebben de betrokkene te wijzen op de mogelijkheid om een tweede analyse te vragen, noch uit artikel 6 EVRM, volgt voor de verbalisant de verplichting om nadat hij de betrokkene heeft verwittigd van zijn recht om een tweede ademanalyse te vragen, uitdrukkelijk vast te stellen dat die aan dat recht verzaakt. Uit de omstandigheid dat de verbalisant niet vaststelt dat de betrokkene een tweede analyse vraagt, volgt dat de betrokkene aan dat recht heeft verzaakt, tenzij hij het tegendeel aannemelijk maakt. Dit maakt de uitoefening van het recht op een tweede analyse niet inhoudsloos. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht.
  7. Het bestreden vonnis oordeelt als volgt: - het besturen van een voertuig onder invloed van alcohol is een misdrijf waarvan het bewijs, wanneer het wordt geleverd door een ademanalyse, wordt geregeld door de bijzondere gebruiksmodaliteiten van de aangewende toestellen; - artikel 59, § 3, Wegverkeerswet bepaalt het recht op het vragen van een tweede ademanalyse; - artikel 26 KB Ademtest- en Ademanalysetoestellen bepaalt dat aan de betrokkene moet worden uitgelegd dat hij een tweede ademanalyse mag vragen; - de wet legt geen bijzondere bewijsmiddelen op betreffende het bewijs van de naleving van de wettelijke formaliteiten wat dit aspect betreft; - in het proces-verbaal is de rubriek betreffende het duidelijk en expliciet aan de betrokkene meedelen van de mogelijkheid van een tweede ademanalyse en het recht op een tegenexpertise door middel van een bloedproef overeenkomstig artikel 28 KB Ademtest- en Ademanalysetoestellen aangeduid met "ja"; - er wordt door de eiser geen enkel element aangebracht dat aannemelijk zou kunnen maken dat deze vermelding in het proces-verbaal onjuist zou zijn. Met deze redenen verantwoordt het arrest de beslissing naar recht. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Ambtshalve onderzoek
  8. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 77,61 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 26 januari 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210126.2N.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.