.1.c - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.e - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.3 - 30 Link Justel databank 19501104-30 Vrije woorden: Artikel 5.1.e - Vrijheidsberoving - Voorlopige hechtenis - Handhaving - Bevel tot aanhouding lastens een persoon die geïnterneerd is - Beoordeling - Criteria - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.c - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.e - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.3 - 30 Link Justel databank 19501104-30 Vrije woorden: Artikel 5.3 - Vrijheidsberoving - Voorlopige hechtenis - Handhaving - Bevel tot aanhouding lastens een persoon die geïnterneerd is - Beoordeling - Criteria - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.c - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.e - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.3 - 30 Link Justel databank 19501104-30 Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - HANDHAVING Vrije woorden: Bevel tot aanhouding lastens een persoon die geïnterneerd is - Artikelen 5.1.c, 5.1.e en 5.3 EVRM - Beoordeling - Criteria - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.c - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
.1.e - 30 Link Justel databank 19501104-30 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, ondertekend op 4 november 1950,
P.21.0318.N M. V. F. V. R., inverdenkinggestelde, aangehouden, eiser, met als raadsman mr. Peter Verpoorten, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 26 februari 2021. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Eric Van Dooren heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel 1. Het middel voert miskenning aan van de bewijskracht van akten: het arrest oordeelt dat eisers vrijheidsberoving in het kader van zijn internering oorzaak vindt in andere feiten dan die waarvoor hij sedert 16 juni 2020 is aangehouden en bijgevolg een autonoom verloop kent; nochtans blijkt uit haar vonnis van 10 juli 2020 dat de kamer voor de bescherming van de maatschappij eisers invrijheidstelling op proef heeft herroepen op grond van dezelfde feiten; in het kader van zijn internering werd de eiser immers ook reeds op 17 juni 2020 door het openbaar ministerie aangehouden; aldus miskent het arrest de bewijskracht van het vermelde vonnis. 2. Een grief houdende miskenning van de bewijskracht van een akte bestaat erin een stuk aan te wijzen waarnaar de bestreden beslissing uitdrukkelijk verwijst en die beslissing te verwijten dat zij aan dit stuk een vermelding toeschrijft die er niet in voorkomt dan wel te verklaren dat dit stuk geen vermelding bevat die er wel in voorkomt, met andere woorden dat het daarvan een uitlegging geeft die onverenigbaar is met de bewoordingen ervan. 3. Het arrest verwijst niet naar het in het middel bedoelde vonnis en kan dan ook de bewijskracht ervan niet miskennen. Het middel mist feitelijke grondslag. Tweede middel 4. Het middel voert schending aan van artikel 5.1.c en 5.3 EVRM: eisers vrijheidsberoving steunt op twee titels, namelijk het bevel tot aanhouding en de beslissing van de kamer voor de bescherming van de maatschappij die een interneringsmaatregel oplegt; het arrest handhaaft de voorlopige hechtenis van de eiser omwille van het actuele recidivegevaar en omdat er in het kader van zijn lopende internering wegens andere feiten geen garanties op verdere handhaving bestaan; de voorlopige hechtenis moet evenwel gelden als een ultimum remedium en dus slechts wanneer er geen alternatieven voorhanden zijn; dat alternatief bestaat hier in eisers internering waarbij zijn opsluiting kan worden verdergezet in een afdeling van de gevangenis van Turnhout of Merksplas waar een behandeltraject kan worden uitgewerkt; bijgevolg kan er geen sprake zijn van recidive- of vluchtgevaar; de appelrechters laten na dit alternatief concreet te toetsen en antwoorden niet op het daarover in appelconclusie aangevoerde verweer. 5. In zoverre het middel verplicht tot een onderzoek van feiten, waarvoor het Hof niet bevoegd is, is het niet ontvankelijk. 6. Artikel 5.1 EVRM bepaalt: "Niemand mag van zijn vrijheid worden beroofd, behalve in de navolgende gevallen en langs wettelijke weg: (...)
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.