id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 20 april 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210420.2N.14 Rolnummer: P.21.0438.N Zaak: F. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2021-04-27 Raadplegingen: 440 - laatst gezien 2026-06-19 23:38 Versie(s): Vertaling FR Fiche Uit de bepaling van artikel 67, § 1, Wet Strafuitvoering, volgt dat de strafuitvoeringsrechtbank de strafuitvoeringsmodaliteit slechts kan herzien indien de veroordeelde daarmee instemt en die instemming is een noodzakelijke maar voldoende voorwaarde is; bij afwezigheid van die instemming is de strafuitvoeringsrechtbank verplicht de toegekende strafuitvoeringsmodaliteit te herroepen in plaats van te herzien. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Vrije woorden: Strafuitvoeringsrechtbank - Artikel 67, § 1, Wet Strafuitvoering - Herziening van een strafuitvoeringsmodaliteit - Instemming van de veroordeelde - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 67, § 1 - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Tekst van de beslissing Nr. P.21.0438.N S. F., veroordeelde tot een vrijheidsstraf, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Line Verstraeten, advocaat bij de balie Dendermonde. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, van 22 maart
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Eric Van Dooren heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepaling - artikel 67, § 1, Wet Strafuitvoering.
- Krachtens artikel 67, § 1, Wet Strafuitvoering kan de strafuitvoeringsrechtbank, indien zij van oordeel is dat de herroeping of de schorsing ervan niet noodzakelijk is, een toegekende strafuitvoeringsmodaliteit herzien. In dat geval kan de strafuitvoeringsrechtbank hetzij de opgelegde voorwaarden verscherpen of bijkomende voorwaarden opleggen hetzij een andere strafuitvoeringsmodaliteit toekennen. Indien de veroordeelde niet met de nieuwe voorwaarden of met de nieuwe strafuitvoeringsmodaliteit instemt, moet de toegekende strafuitvoeringsmodaliteit evenwel worden herroepen.
- Uit die bepaling volgt dat de strafuitvoeringsrechtbank de strafuitvoeringsmodaliteit slechts kan herzien indien de veroordeelde daarmee instemt. Die instemming is een noodzakelijke, maar voldoende voorwaarde. Bij afwezigheid van die instemming is de strafuitvoeringsrechtbank immers verplicht de toegekende strafuitvoeringsmodaliteit te herroepen in plaats van te herzien.
- Het vonnis beslist tot herziening van de strafuitvoeringsmodaliteit van elektronisch toezicht en tot toekenning van de strafuitvoeringsmodaliteit van beperkte detentie in zoverre de eiser zich akkoord verklaart met meerdere algemene en geïndividualiseerde bijzondere voorwaarden, die ook gedeeltelijk nieuw zijn. Verder beslist de strafuitvoeringsrechtbank dat indien de eiser de nieuwe strafuitvoeringsmodaliteit niet aanvaardt, zij het elektronisch toezicht herroept.
- Uit het vonnis noch uit de processen-verbaal van de rechtszittingen van 16 maart 2021 en 22 maart 2021 blijkt dat de eiser instemde met de nieuwe strafuitvoeringsmodaliteit van beperkte detentie of van de verscherpte en bijkomende voorwaarden.
- Aldus herziet de strafuitvoeringsrechtbank de strafuitvoeringsmodaliteit van elektronisch toezicht zonder vooraf kennis te hebben genomen van eisers instemming daartoe. Die beslissing is niet naar recht verantwoord. Middelen
- De middelen die niet kunnen leiden tot een cassatie zonder verwijzing, behoeven geen antwoord. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding wordt gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar het de strafuitvoeringsrechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Sidney Berneman, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 20 april 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210420.2N.14 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div