← België

R.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 11 mei 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210511.2N.2 Rolnummer: P.21.0284.N Zaak: R. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2021-05-20 Raadplegingen: 691 - laatst gezien 2026-06-19 23:38 Versie(s): Vertaling FR Fiche Artikel 443, tweede en derde lid, Wetboek van Strafvordering bepaalt dat een aanvraag tot herziening niet ontvankelijk is indien de aanvrager bij zijn verzoekschrift geen met redenen omkleed gunstig advies voegt van drie advocaten bij het Hof van Cassatie of van drie advocaten die tenminste tien jaar ingeschreven zijn op de tabel; uit deze bepaling volgt dat een inschrijving op de lijst van de advocaten-stagiairs hier niet als een inschrijving op de tabel kan worden aangemerkt

(1).
(1)P. TRAEST en J. ROELANDT, "Herziening van de herziening anno 2019", NC 2019/6, 488-489; P. TRAEST, "Is der herziening in strafzaken aan herziening toe?", in F. DERUYCK, E. GOETHALS, L. HUYBRECHTS, J.-F. LECLERCQ, J. ROZIE, P. TRAEST en R. VERSTRAETEN (eds.), Amicus curiae Liber amicorum Marc De Swaef, Antwerpen, Intersentia, 2013, 388-
  1. Thesaurus CAS: HERZIENING - VERZOEK EN VERWIJZING OM ADVIES Vrije woorden: Verzoek - Ontvankelijkheid - Gunstig advies van drie advocaten die tenminste tien jaar ingeschreven zijn op de tabel - Draagwijdte - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 443, tweede en derde lid - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.21.0284.N R. R., verzoeker tot herziening, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de verzoeker woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Bij verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht en ter griffie van het Hof is neergelegd op 26 februari 2021, vraagt de verzoeker op grond van artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering de herziening van: - het vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 6 september 2017 (nr. 2017/13734); - het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 18 juni 2018 (nr. 2018/2854). Raadsheer Eric Van Dooren heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. RELEVANTE GEGEVENS
  2. Lastens de verzoeker werden onder meer de volgende beslissingen gewezen: - het vonnis van de politierechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde, van 19 mei 2015 waarin hij wegens de niet-inlevering van het rijbewijs op 16 augustus 2014 na te zijn vervallen verklaard van het recht tot sturen, bij verstek werd veroordeeld tot een geldboete van 200,00 euro, na verhoging met opdeciemen gebracht op 1.200,00 euro of een vervangend rijverbod van zestig dagen en een verval van het recht tot het besturen van motorvoertuigen voor een termijn van drie maanden, waarbij het herstel in het recht tot sturen afhankelijk werd gesteld van het slagen in een medisch onderzoek; - het vonnis van de politierechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Sint-Niklaas, van 14 september 2015 waarin hij wegens de niet-inlevering van het rijbewijs op 27 februari 2015 na te zijn vervallen verklaard van het recht tot sturen, bij verstek werd veroordeeld tot een geldboete van 300,00 euro, na verhoging met opdeciemen gebracht op 1.800,00 euro of een vervangend rijverbod van negentig dagen en een verval van het recht tot het besturen van motorvoertuigen voor een termijn van drie maanden; - het vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 6 september 2017 waarin hij onder de telastlegging B wegens het besturen van een motorvoertuig op 2 juli 2016 zonder met goed gevolg het bij het voormelde vonnis van 19 mei 2015 voorgeschreven onderzoek te hebben ondergaan, bij verstek werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes maanden, een geldboete van 1.000,00 euro, na verhoging met opdeciemen gebracht op 6.000,00 euro of een vervangend rijverbod van driehonderd dagen en een verval van het recht tot het besturen van motorvoertuigen voor een termijn van twee jaar, waarbij het herstel in het recht tot sturen afhankelijk werd gesteld van het slagen in een theoretisch en praktisch examen en een medisch en psychologisch onderzoek; - het vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 13 december 2017 waarbij op tegenspraak het verzet van de verzoeker tegen het voormelde vonnis van 6 september 2017 wegens laattijdigheid niet ontvankelijk werd verklaard; - het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 18 juni 2018 waarbij op tegenspraak het beroepen vonnis van 13 december 2017 werd bevestigd; - de beschikking van de voorzitter van het Hof van 25 september 2018 (P.18.0863.N), waarbij het cassatieberoep tegen het voormelde vonnis van 18 juni 2018 niet toelaatbaar werd verklaard en waardoor de voormelde vonnissen van 6 september 2017 en 18 juni 2018 in kracht van gewijsde zijn gegaan.
  3. Uit de bij het verzoekschrift gevoegde brief met bijlage van de griffie van de politierechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Sint-Niklaas, van 1 juli 2016 blijkt verder dat het verval van het recht tot het besturen van motorvoertuigen dat door het voormelde vonnis van die rechtbank van 14 september 2015 aan de verzoeker werd opgelegd voor een termijn van drie maanden, werd uitgevoerd van 1 april 2016 tot 1 juli 2016 en dat de verzoeker zijn rijbewijs op 1 juli 2016 terug in ontvangst nam. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  4. Artikel 443, tweede en derde lid, Wetboek van Strafvordering bepaalt dat een aanvraag tot herziening niet ontvankelijk is indien de aanvrager bij zijn verzoekschrift geen met redenen omkleed gunstig advies voegt van drie advocaten bij het Hof van Cassatie of van drie advocaten die tenminste tien jaar ingeschreven zijn op de tabel.
  5. Uit deze bepaling volgt dat een inschrijving op de lijst van de advocaten-stagiairs hier niet als een inschrijving op de tabel kan worden aangemerkt.
  6. De verzoeker heeft bij zijn verzoekschrift een gunstig advies gevoegd van mr. Katrien Van der Straeten, advocaat bij de balie Dendermonde, mr. Martine Geyskens, advocaat bij de balie Antwerpen, en mr. Charlotte Kennis, advocaat bij de balie Dendermonde. Uit het bijgevoegde attest van de stafhouder van de balie Dendermonde blijkt dat mr. Charlotte Kennis bij deze balie op 12 oktober 2007 werd ingeschreven op de lijst van de advocaten-stagiairs en op 20 mei 2011 op het tableau. Aldus is mr. Charlotte Kennis op de datum van haar advies minder dan tien jaar ingeschreven op de tabel. Het verzoek tot herziening is bijgevolg niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verklaart de aanvraag tot herziening niet ontvankelijk. Veroordeelt de verzoeker tot de kosten. Bepaalt de kosten op 0,00 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 11 mei 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210511.2N.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.