← België

L. contra K.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 08 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210608.2N.1 Rolnummer: P.21.0312.N Zaak: L. contra K. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2021-06-14 Raadplegingen: 901 - laatst gezien 2026-06-19 23:45 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Uit artikel 779 Gerechtelijk Wetboek volgt niet dat wanneer de rechtsmacht van de rechter over een geschilpunt is uitgeput, en over dat geschilpunt dan ook een eindbeslissing is gewezen, de behandeling van de andere geschilpunten enkel door dezelfde rechters kan geschieden als die welke over het eerste geschilpunt uitspraak hebben gedaan

(1).
(1)Cass. 8 januari 2002, AR P.99.1529.N ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020108.7, AC 2002, nr. 13. Thesaurus CAS: RECHTBANKEN - STRAFZAKEN - Strafvordering Vrije woorden: Eindbeslissing over een geschilpunt - Behandeling andere geschilpunten - Samenstelling van de zetel - Invloed Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 779 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: RECHTERLIJKE ORGANISATIE - STRAFZAKEN Vrije woorden: Samenstelling van de zetel - Eindbeslissing over een geschilpunt - Behandeling andere geschilpunten - Invloed Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 779 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Fiche 3 Wanneer de appelrechters in een tussenarrest het hoger beroep van een beklaagde en dat van het openbaar ministerie ontvankelijk verklaren, alvorens over de grond van de zaak recht te doen een verzoek tot het horen van getuigen afwijzen en verder conclusietermijnen en een rechtsdag vastleggen en de beslissing over alle overige aanhangige geschilpunten aanhouden, hebben zij hun rechtsmacht over het geschilpunt dat betrekking heeft op het verhoor van getuigen uitgeput; het moeten dan ook niet noodzakelijk dezelfde rechters te zijn die daarna in een eindarrest over de schuld van de beklaagde oordelen en uitspraak doen en de omstandigheid dat het eindarrest verwijst naar het tussenarrest doet daaraan geen afbreuk
(1).
(1)Cass. 8 januari 2002, AR P.99.1529.N ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020108.7, AC 2002, nr.
  1. Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Rechtspleging in hoger beroep Vrije woorden: Rechtspleging in hoger beroep - Beslissing over de ontvankelijkheid van het hoger beroep - Beslissing over het verzoek tot het horen van getuigen - Behandeling andere geschilpunten - Uitspraak over de gegrondheid - Samenstelling van de zetel - Verwijzing naar het tussenarrest - Gevolgen Tekst van de beslissing Nr. P.21.0312.N W. M. M. J. L., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Stephen Schellinck, advocaat bij de balie Dendermonde, met kantoor te 9340 Lede, Kasteeldreef 48, waar de eiser woonplaats kiest, tegen,
  2. E. K., burgerlijke partij,
  3. N. K., burgerlijke partij, verweerders, met als raadsman mr. Patrick Waeterinckx, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 11 februari
  4. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Sidney Berneman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  5. Het bestreden arrest spreekt de eiser vrij voor de feiten van de telastlegging B. In zoverre ook tegen deze beslissing gericht, is het cassatieberoep bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middel
  6. Het middel voert schending aan van artikel 779 Gerechtelijk Wetboek: de samenstelling van de zetel die het bestreden eindarrest heeft uitgesproken en het tussenarrest van 10 november 2020 verder uitwerkt zonder het debat ab initio te hernemen, verschilt van de zetel die het voormeld tussenarrest heeft gewezen; het tussenarrest dat het verzoek tot het horen van getuigen op de rechtszitting afwijst, is onlosmakelijk verbonden met het debat over de schuldvraag die in het eindarrest wordt beoordeeld; het eindarrest is dan ook de voortzetting van het debat voorafgaand aan het tussenarrest van 10 november 2020 en kon enkel worden gewezen door dezelfde rechters als deze die de rechtszittingen voorafgaand aan het tussenarrest van 10 november 2020 hebben bijgewoond en dit arrest hebben gewezen.
  7. Krachtens artikel 779 Gerechtelijk Wetboek kan het vonnis, op straffe van nietigheid, enkel worden gewezen door het voorgeschreven aantal rechters die alle rechtszittingen over de zaak hebben bijgewoond of, zo dat niet het geval is, door de rechters voor wie het debat is hervat.
  8. Uit die bepaling volgt niet dat wanneer de rechtsmacht van de rechter over een geschilpunt is uitgeput, en over dat geschilpunt dan ook een eindbeslissing is gewezen, de behandeling van de andere geschilpunten enkel door dezelfde rechters kan geschieden als die welke over het eerste geschilpunt uitspraak hebben gedaan.
  9. Wanneer de appelrechters in een tussenarrest het hoger beroep van een be-klaagde en dat van het openbaar ministerie ontvankelijk verklaren, alvorens over de grond van de zaak recht te doen een verzoek tot het horen van getuigen afwijzen en verder conclusietermijnen en een rechtsdag vastleggen en de beslissing over alle overige aanhangige geschilpunten aanhouden, hebben zij hun rechtsmacht over het geschilpunt dat betrekking heeft op het verhoor van getuigen uitgeput. Het moeten dan ook niet noodzakelijk dezelfde rechters te zijn die daarna in een eindarrest over de schuld van de beklaagde oordelen en uitspraak doen. De omstandigheid dat het eindarrest verwijst naar het tussenarrest doet daaraan geen afbreuk. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
  10. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 156,81 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samen-gesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Sidney Berneman, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 8 juni 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210608.2N.1 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020108.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.