← België

M.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 15 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210615.2N.10 Rolnummer: P.21.0522.N Zaak: M. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2021-06-18 Raadplegingen: 759 - laatst gezien 2026-06-19 04:31 Versie(s): Vertaling FR Fiche Artikel 37ter, § 4, Strafwetboek bepaalt dat de rechter de straf onder elektronisch toezicht slechts kan uitspreken als de beklaagde op de openbare rechtszitting aanwezig is of vertegenwoordigd is en nadat hij, hetzij in persoon, hetzij via zijn raadsman, zijn instemming heeft gegeven; deze instemming moet uit de processtukken blijken

(1).
(1)D. VANDERMEERSCH, “La détention sous surveillance électronique et la peine de surveillance électronique: de nouvelles formules pour de vielles recettes?”, RDP 2014, 600-622; T. DECAIGNY, “Nieuwe correctionele hoofdstraffen: de straf onder elektronisch toezicht en de autonome probatiestraf”, T. Strafr. 2014, 211-225; D. DE WOLF, “Twee nieuwerwetse sancties in het Strafwetboek: de invoering van de probatie en het elektronisch toezicht als autonome straffen”, RW 2014-15, 1082-110; O. NEDERLANDT, “La surveillance électronique comme peine autonome et comme modalité d'exécution des peines? Présentation et commentaire de la loi du 7 février 2014”, JT 2014, 441-446; C. VAN DEUREN, “Het elektronisch toezicht als autonome straf”, NC 2014, 359-362 ; M. GIACOMETTI en C. GUILLIAN, “Les peines de surveillance électronique et de probation autonome, nouvelles peines alternatives à l'emprisonnement ?”, in Actualités de droit pénal, Limal, Anthémis, 2015, 87-152; T. DAEMS en Y. MAGIS, “Elektronisch toezicht en autonome probatie nader bekeken”, in Strafrecht en strafprocesrecht: doel of middel in een veranderende samenleving?, Mechelen, Kluwer, 2017, 175-217; T. MOREAU en D. VANDERMEERSCH, Eléments de droit pénal, Die Keure, 2019, 240-242; C. VAN DEN WYNGAERT, S. VANDROMME en Ph. TRAEST, Strafrecht en strafprocesrecht in hoofdlijnen, Oud Turnhout, Gompel&Svacina, 2019, 429-
  1. Thesaurus CAS: STRAF - ANDERE STRAFFEN - Allerlei Vrije woorden: Autonome straf van elektronisch toezicht - Instemming van de beklaagde - Voorwaarde Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 37ter, § 4 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Annotaties Publicaties: RABG-Rechtspraak Antwerpen Brussel Gent - 2021, nr. 18, p. 1757-
  2. - X.; Noot onder cassatie. Tekst van de beslissing Nr. P.21.0522.N
  3. V. M.-C. M., beklaagde,
  4. D. A. A. V. D. C., beklaagde, eisers, met als raadsman mr. Ignace Laplaese, advocaat bij de balie West-Vlaanderen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, van 12 maart
  5. De eisers voeren geen middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepaling - artikel 37ter, § 4, Strafwetboek
  6. Artikel 37ter, § 4, Strafwetboek bepaalt dat de rechter de straf onder elektronisch toezicht slechts kan uitspreken als de beklaagde op de openbare rechtszitting aanwezig is of vertegenwoordigd is en nadat hij, hetzij in persoon, hetzij via zijn raadsman, zijn instemming heeft gegeven.
  7. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat door of namens de eiseres 1 op enig ogenblik in de procedure is ingestemd met het opleggen van de straf onder elektronisch toezicht. Het bestreden vonnis dat niettemin de door de eerste rechter aan de eiseres 1 opgelegde straf van het elektronisch toezicht bevestigt, schendt de vermelde bepaling. Omvang van de cassatie
  8. De vernietiging van de aan de eiseres 1 opgelegde straf onder elektronisch toezicht leidt tot de vernietiging van de aan de eiseres 1 opgelegde geldboete, het daarvoor opgelegde vervangend rijverbod, het verval van het recht tot het besturen van alle motorvoertuigen, het afhankelijk maken van het herstel van dit verval van de vier examens en onderzoeken, de bijdrage aan het Slachtofferfonds en de kosten. Het laat de beslissing over de schuld, de bijdrage aan het Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand en de vaste vergoeding onaangetast. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  9. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissingen zijn overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het de eiseres 1 veroordeelt tot straffen, de veiligheidsmaatregel van het herstel van het verval, de bijdrage aan het Slachtofferfonds en de kosten. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Verwerpt de cassatieberoepen voor het overige. Veroordeelt de eiseres 1 tot een vierde en de eiser 2 tot de helft van de kosten. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank Oost-Vlaanderen, rechtszitting houdend in hoger beroep. Bepaalt de kosten op 102,03 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Sidney Berneman en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 15 juni 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210615.2N.10 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.