← België

HET SCHAAFJE bvba contra REGIE DER GEBOUWEN

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 22 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210622.2N.18 Rolnummer: P.21.0414.N Zaak: HET SCHAAFJE bvba contra REGIE DER GEBOUWEN Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2021-06-28 Raadplegingen: 891 - laatst gezien 2026-06-19 23:38 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De inverdenkinggestelde die bij dezelfde beslissing van het onderzoeksgerecht voor bepaalde feiten naar het vonnisgerecht wordt verwezen en voor andere feiten buiten vervolging wordt gesteld, is ingevolge zijn buitenvervolgingstelling gerechtigd op een rechtsplegingsvergoeding lastens de burgerlijke partij door wiens klacht bij de onderzoeksrechter de strafvordering aanhangig is gemaakt

(1).
(1)Zie Cass. 17 maart 2020, AR P.19.1161.N ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200317.2N.4, AC 2020, nr. 195, T. Strafr. 2020/6, 422 en noot J. LAMBRECHTS, "De rechtsplegingsvergoeding in strafzaken: ambtshalve veroordeling in de onderzoeksfase mogelijk en zelfs verplicht, of toch niet?"; D. DILLENBOURG, “Répétibilité des frais de défense en matière pénale ou l'avènement de l'indemnité de procédure nouvelle”, RDP 2008, p. 122; F. VAN VOLSEM, “De rechtsplegingsvergoeding en de strafrechter: een ietwat moeilijk huwelijk”, NC 2008, 379-425, nr. 189: R. VERSTRAETEN, Handboek Strafvordering 2012, nr. 1394: J. LAMBRECHTS, “De rechtsplegingsvergoeding in strafzaken”, in Comm. Straf., 2019, nr. 28: J. MEESE en P. TERSAGO, “De rechstplegingsvergoeding in strafzaken” in B. VAN DEN BERGH en S. SOBRIE, “Wie zal dat betalen…? De rechtsplegingsvergoeding ont(k)leed”, p. 357, nr.
  1. Thesaurus CAS: RECHTSPLEGINGSVERGOEDING Vrije woorden: Beslissing van het onderzoeksgerecht - Gedeeltelijke buitenvervolgingstelling en verwijzing van de inverdenkinggestelde - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 128 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: ONDERZOEK IN STRAFZAKEN - GERECHTELIJK ONDERZOEK - Regeling van de rechtspleging Vrije woorden: Gedeeltelijke buitenvervolgingstelling en verwijzing van de inverdenkinggestelde - Rechtsplegingsvergoeding lastens de burgerlijke partij Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 128 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.21.0414.N HET SCHAAFJE bv, met zetel te 9450 Haaltert, Ninovestraat 1, inverdenkinggestelde, eiseres, met als raadsman mr. Joris Van Cauter, advocaat bij de balie Gent, tegen REGIE DER GEBOUWEN, met zetel te 1060 Sint-Gillis, Gulden Vlieslaan 87 bus 2, burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, van 11 maart
  2. De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Erwin Francis heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet en de artikelen 128 en 135 Wetboek van Strafvordering, alsmede miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van de motiveringsplicht van de rechter: het arrest verklaart ten onrechte het hoger beroep van de eiseres niet ontvankelijk; dat hoger beroep was gericht tegen de beslissing van de raadkamer in zoverre die zonder motivering en dus op onregelmatige wijze de rechtsvordering van de eiseres verwierp om haar een rechtsplegingsvergoeding toe te kennen lastens de verweerder, door wiens klacht de strafvordering aanhangig is gemaakt; het arrest oordeelt dat de beroepen beschikking niet onregelmatig is aangezien de raadkamer de eiseres naar de vonnisrechter heeft verwezen voor de telastleggingen A.2 en B, zodat de eiseres automatisch geen recht heeft op een rechtsplegingsvergoeding lastens de verweerder en de raadkamer dat niet bijkomend moest motiveren; de eiseres heeft echter wel degelijk recht op een rechtsplegingsvergoeding aangezien de raadkamer haar eveneens buiten vervolging heeft gesteld voor de telastleggingen A.1 en C.
  4. De inverdenkinggestelde die bij dezelfde beslissing van het onderzoeksgerecht voor bepaalde feiten naar het vonnisgerecht wordt verwezen en voor andere feiten buiten vervolging wordt gesteld, is ingevolge zijn buitenvervolgingstelling gerechtigd op een rechtsplegingsvergoeding lastens de burgerlijke partij door wiens klacht bij de onderzoeksrechter de strafvordering aanhangig is gemaakt.
  5. Het arrest dat anders oordeelt en op grond daarvan het hoger beroep van de eiseres niet ontvankelijk verklaart, verantwoordt de beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat ze over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 22 juni 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210622.2N.18 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:GHCC:2022:ARR.108 precedenten: ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200317.2N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.