← België

V. contra V.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 29 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210629.2N.11 Rolnummer: P.21.0486.N Zaak: V. contra V. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2021-07-07 Raadplegingen: 401 - laatst gezien 2026-06-16 04:22 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 Volgens artikel 359, vijfde lid, Wetboek van Strafvordering zijn op het cassatieberoep dat kan ingesteld worden door de veroordeelde tegen het arrest op tegenspraak uitgesproken door het Hof van Assisen, de regels uit boek II, titel III, hoofdstuk II van het Wetboek van Strafvordering van toepassing; Volgens artikel 425, § 1, Wetboek van Strafvordering wordt behoudens in hier niet toepasselijke gevallen de verklaring van cassatieberoep gedaan door de advocaat op de griffie van het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gewezen en moet die advocaat houder zijn van het getuigschrift van een opleiding in cassatieprocedures als bedoeld in boek II, titel III, zodat de door de eiser zelf gedane verklaringen van cassatieberoep tegenover de afgevaardigde van de gevangenisdirecteur niet ontvankelijk zijn. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Vormen - Vorm van het cassatieberoep en vermeldingen Vrije woorden: Hof van assisen - Verklaring van cassatieberoep door de veroordeelde - Verklaring door veroordeelde tegenover de afgevaardigde van de gevangenisdirecteur - Ontvankelijkheid - Voorwaarde Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 359 en 425 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: HOF VAN ASSISEN - ALLERLEI Vrije woorden: Cassatieberoep - Verklaring door veroordeelde tegenover de afgevaardigde van de gevangenisdirecteur - Ontvankelijkheid - Voorwaarde Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Artt. 359 en 425 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.21.0486.N I en II S. V., beschuldigde, aangehouden, eiser. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep I is gericht tegen het arrest nr. I/III van het hof van assisen van de provincie Antwerpen van 4 maart 2021 dat de eiser veroordeelt tot straf. Het cassatieberoep II is gericht tegen het arrest nr. I/II van het hof van assisen van de provincie Antwerpen van 3 maart 2021 dat de verklaring van de jury bevat en de motivering ervan, alsook tegen het arrest nr. I/III van het hof van assisen van de provincie Antwerpen van 4 maart 2021 dat de eiser veroordeelt tot straf. De eiser voert geen middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van de cassatieberoepen Volgens artikel 359, eerste lid, Wetboek van Strafvordering heeft de veroordeelde vijftien dagen na de dag waarop het arrest op tegenspraak is uitgesproken om ter griffie te verklaren dat hij een eis tot cassatie instelt. Volgens artikel 359, vijfde lid, Wetboek van Strafvordering zijn op dit cassatieberoep de regels uit boek II, titel III, hoofdstuk II van toepassing. Volgens artikel 425, § 1, Wetboek van Strafvordering wordt behoudens in hier niet toepasselijke gevallen de verklaring van cassatieberoep gedaan door de advocaat op de griffie van het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gewezen en moet die advocaat houder zijn van het getuigschrift van een opleiding in cassatieprocedures als bedoeld in boek II, titel III. De door de eiser zelf gedane verklaringen van cassatieberoep tegenover de afgevaardigde van de gevangenisdirecteur zijn dan ook niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt de cassatieberoepen. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten in het geheel op 96,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Ilse Couwenberg en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 29 juni 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210629.2N.11 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.