← België

R.U.B. bv c. Vereniging mede-eigenaars residentie

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 02 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210902.1N.3 Rolnummer: C.20.0563.N Zaak: R.U.B. bv c. Vereniging mede-eigenaars residentie Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2021-09-20 Raadplegingen: 1052 - laatst gezien 2026-06-19 23:38 Versie(s): Vertaling FR Fiche De plicht tot bijdrage in de gemeenschappelijke lasten veronderstelt dat de gemeenschappelijke delen kunnen worden gebruikt overeenkomstig hun bestemming; in principe is dat het geval vanaf de voorlopige oplevering van de gemeenschappelijke delen. Thesaurus CAS: EIGENDOM Vrije woorden: Mede-eigendom - Plicht tot bijdrage in de gemeenschappelijke lasten - Voorlopige oplevering Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Artt. 577-2, §§ 3, 5 en 7 - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Annotaties Publicaties: RW-Rechtskundig weekblad - 2022-23, nr. 1, p. 20-

  1. - VAVOURAKIS, Flore; Noot'Appartementsrecht: geen bijdrageplicht vóór de voorlopige oplevering van de gemene delen?' Tekst van de beslissing Nr. C.20.0563.N R.U.B. – RUIMTELIJK UITVOERINGSBEDRIJF bv, met zetel te 9000 Gent, Ferdinand Lousbergskaai 103, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0832.004.533, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen
  2. VERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE RESIDENTIE BRUULPARK, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.903.109,
  3. DEELVERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE RESIDENTIE BRUULPARK – BLOK A, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.903.208,
  4. DEELVERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE RESIDENTIE BRUULPARK – BLOK B, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.903.703,
  5. DEELVERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE RESIDENTIE BRUULPARK – BLOK C, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.904.295,
  6. DEELVERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE RESIDENTIE BRUULPARK – BLOK D, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.904.592,
  7. DEELVERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE RESIDENTIE BRUULPARK – BLOK E, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.904.790,
  8. DEELVERENIGING VAN MEDE-EIGENAARS VAN DE GARAGEBOXEN EN AUTOSTAANPLAATSEN “BRUULPARK”, met zetel te 9450 Haaltert, Bruulstraat 44, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0526.904.889, verweersters, vertegenwoordigd door de syndicus EXCLUSIEF BEHEER bv, met zetel te 9300 Aalst, Graanmarkt 16, bus 16, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0456.749.442, vertegenwoordigd door mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1150 Brussel, Laurierlaan 1, waar de verweersters woonplaats kiezen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde, van 11 juni
  9. Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  10. Krachtens artikel 577-2, § 3, Oud Burgerlijk Wetboek heeft de mede-eigenaar deel in de rechten en draagt hij bij in de lasten van de eigendom naar verhouding van zijn aandeel. Krachtens artikel 577-2, § 5, Oud Burgerlijk Wetboek heeft de mede-eigenaar recht op het gebruik en het genot van de gemeenschappelijke zaak, overeenkomstig haar bestemming en in zover zulks met het recht van zijn deelgenoten verenigbaar is. Artikel 577-2, § 7, Oud Burgerlijk Wetboek bepaalt dat iedere mede-eigenaar bijdraagt in de nuttige uitgaven tot behoud en tot onderhoud, alsook in de kosten van beheer, de belastingen en andere lasten betreffende de gemeenschappelijke zaak.
  11. De plicht tot bijdrage in de gemeenschappelijke lasten veronderstelt dat de gemeenschappelijke delen kunnen worden gebruikt overeenkomstig hun bestemming. In principe is dat het geval vanaf de voorlopige oplevering van de gemeenschappelijke delen. Bijgevolg dient de eigenaar van een privatieve kavel, behoudens andersluidend beding, slechts vanaf de voorlopige oplevering van de gemeenschappelijke delen bij te dragen in de gemeenschappelijke lasten.
  12. De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - er nog geen voorlopige oplevering is gebeurd van de gemeenschappelijke delen; - de voorlopige oplevering geweigerd werd door de verweersters ten gevolge van een aantal gebreken, hetgeen het voorwerp uitmaakt van een procedure hangende voor de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, afdeling Gent; - de eiseres op heden niet aantoont dat de voorlopige oplevering door de verweersters onterecht zou zijn geweigerd; - volgens het voorlopig verslag van de aangestelde deskundige van 3 juni 2019 de gemeenschappelijke delen in februari-maart 2019 niet opleverbaar waren en er niet kon worden overgegaan tot een veilig gebruik van alle gemeenschappelijke delen; - de eiseres op heden niet aantoont dat dit wel het geval zou zijn; - dit evenmin kan worden afgeleid uit het feit dat de private delen wel reeds werden opgeleverd en op heden worden bewoond.
  13. De appelrechters die op grond hiervan oordelen dat de verweersters de facturen van de nutsmaatschappijen met betrekking tot de gemeenschappelijke delen niet dienden te betalen, verantwoorden hun beslissing naar recht. Het middel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 759,94 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 2 september 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210902.1N.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.