id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 16 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210916.1N.3 Rolnummer: F.18.0030.N Zaak: BNP PARIBAS FORTIS NV c. BELGISCHE STAAT FINANCIËN Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2021-10-25 Raadplegingen: 1109 - laatst gezien 2026-06-19 05:26 Versie(s): Vertaling FR Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210916.1N.3 Fiche Een afwijking van de aangegeven belastbare inkomsten en andere gegevens die niet berust op een betwisting door de administratie van deze gegevens, maar op een materiële vergissing van deze laatste bij het bepalen van de belastbare grondslag, verplicht de administratie niet tot het zenden van een bericht van wijziging
(1).
(1)Zie concl. O.M. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - AANSLAGPROCEDURE - Wijziging door de administratie van een aangifte Vrije woorden: Bericht van wijziging - Aanslag op hogere grondslag dan vermeld op bericht van wijziging - Materiële vergissing of onachtzaamheid - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek Inkomstenbelastingen 1992 - 12-06-1992 - Artt. 339 en 346 - 32 Link Justel databank 19920612-32 Annotaties Publicaties: Fisc.Act.-Fiscale actualiteit: wekelijkse nieuwsbrief - 2022, nr. 16, p. 5-
- - VAN VEEN, Sarah; Noot'Bericht van wijziging is niet nodig om materiële vergissing van fiscus recht te zetten' Tekst van de beslissing Nr. F.18.0030.N BNP PARIBAS FORTIS nv, met zetel te 1000 Brussel, Warandeberg 3, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0403.199.702, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet is te 1000 Brussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de Gewestelijk-Directeur Brussel I Vennootschappen, met kantoor te 1000 Brussel, Kruidtuinlaan 50, bus 330, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Geoffroy de Foestraets, advocaat bij het Hof van Cassatie, en bijgestaan door mr. Stefan De Vleeschouwer, advocaat bij de balie Brussel, beiden met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel van 13 september
- Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 6 juli 2021 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Eerste middel Eerste en tweede onderdeel
- Krachtens artikel 339, eerste lid, WIB 1992 wordt de aanslag gevestigd door de administratie op grond van de door de belastingplichtige aangegeven inkomsten en andere gegevens, tenzij deze onjuist worden bevonden. Krachtens artikel 346, eerste lid, WIB 1992 stelt de administratie, indien ze meent de inkomsten en andere gegevens te moeten wijzigen die de belastingplichtige heeft vermeld in de aangifte, dan wel schriftelijk heeft erkend, deze bij een ter post aangetekende brief in kennis van de inkomsten en andere gegevens die zij voornemens is in de plaats te stellen van die welke zijn aangegeven of schriftelijk erkend, en vermeldt zij de redenen die naar haar oordeel de wijziging rechtvaardigen. Uit deze bepalingen volgt dat een afwijking van de aangegeven belastbare inkomsten en andere gegevens die niet berust op een betwisting door de administratie van deze gegevens, maar op een materiële vergissing van deze laatste bij het bepalen van de belastbare grondslag, de administratie niet verplicht tot het zenden van een bericht van wijziging.
- De appelrechters die oordelen dat er geen betwisting is gerezen over de aangegeven inkomsten en gegevens, maar dat “de fout van de niet-verrekening van [de voorheffingen] bij onachtzaamheid is geschied op het ogenblik van de inkohiering van de aanslag”, zodat de gewestelijke directeur de aanslag niet nietig diende te verklaren, maar kon volstaan om tot beloop van de niet-verrekende voorheffing ontheffing te verlenen, verantwoorden hun beslissing naar recht. De onderdelen kunnen niet worden aangenomen. (…) Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 252,76 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Filip Van Volsem, Bart Wylleman, Koenraad Moens en François Stévenart Meeûs, en in openbare rechtszitting van 16 september 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210916.1N.3 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210916.1N.3 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230302.1F.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div