← België

D.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210921.2N.19 Rolnummer: P.21.1188.N Zaak: D. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2021-09-28 Raadplegingen: 693 - laatst gezien 2026-06-19 23:37 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 Uit artikel 211bis Wetboek van Strafvordering volgt dat eenstemmigheid is vereist voor het appelgerecht om inzake voorlopige hechtenis een voor de aangehoudene gunstige beschikking te kunnen wijzigen en die eenstemmigheid moet ondubbelzinnig blijken uit de appelbeslissing; uit de enkele overname door de kamer van inbeschuldigingstelling van de redenen van de vordering van het openbaar ministerie, waarin na vermelding van die redenen, in het dictum wordt gevorderd om gelet op die redenen met eenparigheid van stemmen het hoger beroep ontvankelijk en gegrond te verklaren en de voorlopige hechtenis te handhaven, kan niet worden afgeleid dat de kamer van inbeschuldigingstelling met eenparige stemmen heeft geoordeeld

(1).
(1)Cass. 29 maart 1991, AR nr. 8991, AC 1990-91, nr. 407; Cass. 2 april 1985, AR nr. 8999, AC 1984-85, nr.
  1. Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Gevolgen. Bevoegdheid van de rechter Vrije woorden: Voorlopige hechtenis - Gunstige beschikking voor de aangehoudene - Wijziging - Artikel 211bis, Wetboek van Strafvordering - Eenstemmigheid - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 211bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - HOGER BEROEP Vrije woorden: Kamer van inbeschuldigingstelling - Gunstige beschikking voor de aangehoudene - Wijziging - Artikel 211bis, Wetboek van Strafvordering - Eenstemmigheid - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 211bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: ONDERZOEKSGERECHTEN Vrije woorden: Kamer van inbeschuldigingstelling - Voorlopige hechtenis - Gunstige beschikking voor de aangehoudene - Wijziging - Artikel 211bis, Wetboek van Strafvordering - Eenstemmigheid - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 211bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.21.1188.N E. C. T. D. W., inverdenkinggestelde, aangehouden, eiser, met als raadsman mr. Nelson Vanlocke, advocaat bij de balie Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, van 9 september
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Eric Van Dooren heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel Derde onderdeel
  3. Het onderdeel voert schending aan van artikel 211bis Wetboek van Strafvordering en artikel 30 Voorlopige Hechteniswet: het arrest besluit tot de handhaving van eisers voorlopige hechtenis met uitvoering in de gevangenis en hervormt daarmee de beroepen beschikking waarin de eiser werd vrijgelaten onder voorwaarden; daarmee wijzigt het arrest een voor de eiser gunstigere beslissing; het arrest laat evenwel na vast te stellen dat deze verzwaring met eenparigheid van stemmen gebeurde.
  4. Uit artikel 211bis Wetboek van Strafvordering volgt dat eenstemmigheid is vereist voor het appelgerecht om inzake voorlopige hechtenis een voor de aangehoudene gunstige beschikking te kunnen wijzigen.
  5. Die eenstemmigheid moet ondubbelzinnig blijken uit de appelbeslissing. Uit de enkele overname door de kamer van inbeschuldigingstelling van de redenen van de vordering van het openbaar ministerie, waarin na vermelding van die redenen, in het dictum wordt gevorderd om gelet op die redenen met eenparigheid van stemmen het hoger beroep ontvankelijk en gegrond te verklaren en de voorlopige hechtenis te handhaven, kan niet worden afgeleid dat de kamer van inbeschuldigingstelling met eenparige stemmen heeft geoordeeld.
  6. Met overname van de beweegredenen aangehaald in de schriftelijke vordering van het openbaar ministerie oordeelt het arrest zoals het onderdeel vermeldt. Aldus wijzigt het een voor de eiser gunstigere beschikking en het doet dit zonder uitdrukkelijk vast te stellen dat die beslissing eenparig is genomen. Het onderdeel is gegrond. Eerste en tweede onderdeel
  7. De onderdelen die niet kunnen leiden tot ruimere cassatie of cassatie zonder verwijzing, behoeven geen antwoord. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  8. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest behoudens in zoverre het het hoger beroep van het openbaar ministerie ontvankelijk verklaart. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Veroordeelt de eiser tot een tiende van de kosten van zijn cassatieberoep. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Gent, kamer van inbeschuldigingstelling, anders samengesteld. Bepaalt de kosten op 123,15 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Antoine Lievens, Erwin Francis en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 21 september 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210921.2N.19 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.