id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 30 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210930.1N.1 Rolnummer: C.20.0259.N Zaak: D. contra BANK J. VAN BREDA Co NV Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2021-10-19 Raadplegingen: 818 - laatst gezien 2026-06-16 04:25 Versie(s): Vertaling FR Fiche Tenzij de wet anders bepaalt, staat het de partijen vrij de gevallen te bepalen waarin een overeenkomst kan worden opgezegd; de enkele omstandigheid dat het intreden van een als opzeggingsgrond bedongen objectieve omstandigheid tevens een wanprestatie kan uitmaken, sluit de kwalificatie als opzeggingsbeding niet uit
(1).
(1)Zie Cass. 3 februari 1950, AC 1950,
- Thesaurus CAS: OVEREENKOMST - RECHTEN EN VERPLICHTINGEN VAN PARTIJEN - Tussen partijen Vrije woorden: Opzeggingsbeding - Ontbinding - Wanprestatie - Kwalificeren - Gevolg Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Artt. 1134 en 1184 - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Tekst van de beslissing Nr. C.20.0259.N L. D., eiser, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de eiser woonplaats kiest, tegen BANK J. VAN BREDA EN C° nv, met zetel te 2000 Antwerpen, Ledeganckkaai 7, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0404.055.577, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 7 november
- Raadsheer Koenraad Moens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Tweede onderdeel
- Tenzij de wet anders bepaalt, staat het de partijen vrij de gevallen te bepalen waarin een overeenkomst kan worden opgezegd.
- De enkele omstandigheid dat het intreden van een als opzeggingsgrond bedongen objectieve omstandigheid tevens een wanprestatie kan uitmaken, sluit de kwalificatie als opzeggingsbeding niet uit. Het onderdeel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. (…) Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiser op 498,72 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Koenraad Moens en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 30 september 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210930.1N.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div