id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 30 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210930.1N.6 Rolnummer: C.20.0591.N Zaak: M. contra AXA BELGIUM Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2021-10-15 Raadplegingen: 1283 - laatst gezien 2026-06-18 22:17 Versie(s): Vertaling FR Fiche Wanneer de schade veroorzaakt is door de opzettelijk begane samenlopende fouten van verschillende personen, staat het algemeen rechtsbeginsel fraus omnia corrumpit er niet aan in de weg dat de rechter oordeelt in welke mate de fout van ieder van hen heeft bijgedragen tot de schade en op basis daarvan het aandeel in de schade bepaalt dat de aansprakelijke die de benadeelde heeft vergoed van de anderen kan terugvorderen
(1)Zie Cass. 16 mei 2011, AR C.10.0214.N ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110516.2, AC 2011, nr. 319; Cass. 2 oktober 2009, AR C.08.0168.F ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091002.4, AC 2009, nr. 548; Cass. 6 november 2002, AR P.01.1108.F ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20021106.16, AC 2002, nr.
- Thesaurus CAS: RECHTSBEGINSELEN (ALGEMENE) Vrije woorden: "Fraus omnia corrumpit" - Burgerlijke zaken - Overeenkomst - Toestemming - Bedrog - Nietigverklaring - Gevolgen Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Art. 1382 - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Annotaties Publicaties: For.ass.-Forum de l'assurance - 2021, n° 219, p. 203-
- - VAN DAMME, Nicolas; Note'Le preneur d'assurance qui commet une omission intentionnelle peut-il invoquer la faute intentionnelle de l'intermédiaire d'assurance pour rejeter ou... TBBR-Tijdschrift voor Belgisch burgerlijk recht - 2022, nr. 6, p. 342-
- - WEYTS, Britt; VAN VAERENBERGH, Julie; Noot''Fraus omnia corrumpit': één plus één is wel degelijk twee volgens het Hof van Cassatie' RW-Rechtskundig weekblad - 2022-23, nr. 10, p. 371-
- - GUILLIAMS, Sofie; Noot'De contributio-verhouding bij samenlopende opzettelijke fouten van derden' Tekst van de beslissing Nr. C.20.0591.N Y. M., eiser, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiser woonplaats kiest, tegen
- AXA BELGIUM nv, met zetel te 1000 Brussel, Troonplein 1, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0404.483.367, eerste verweerster, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de eerste verweerster woonplaats kiest,
- L.T. PLANNING & ADVIES bv, met zetel te 9070 Destelbergen, Houtstraat 40, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0881.025.462, tweede verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 9 april
- Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Wanneer de schade veroorzaakt is door de samenlopende fouten van verschillende personen, staat het in beginsel aan de rechter om, in hun onderlinge verhouding, te oordelen in welke mate de fout van ieder van hen heeft bijgedragen tot de schade en op basis daarvan het aandeel in de schade te bepalen dat de aansprakelijke die de benadeelde heeft vergoed, van de anderen kan terugvorderen. Het algemeen rechtsbeginsel fraus omnia corrumpit staat hieraan niet in de weg wanneer de samenlopende fouten door de verschillende personen opzettelijk zijn begaan.
- De appelrechter stelt vast en oordeelt dat: - de eiser opzettelijk de verzekeringsovereenkomst op zijn naam heeft afgesloten met enkel vermelding van zijn zoon als niet-regelmatige bestuurder; - de verzekeringsovereenkomst wegens deze opzettelijke verzwijging nietig is; - de eiser tot terugbetaling gehouden is van hetgeen de eerste verweerster heeft betaald aan de benadeelde van het verkeersongeval; - de tweede verweerster zeer goed op de hoogte was van het bedrog bij het afsluiten van de verzekeringsovereenkomst; - het faciliteren van fraude in strijd met de beroepsnormen van tussenpersonen niet onmiddellijk wordt bestraft binnen het verzekeringscontract, maar wel kan gesanctioneerd worden in de contractuele relatie tussen de verzekeraar en de verzekeringsmakelaar, strafrechtelijk kan vervolgd worden en eventueel kan leiden tot een beroepsverbod.
- De appelrechter die in deze omstandigheden oordeelt dat de tweede verweerster de fraude van de eiser faciliteerde bij het afsluiten van de verzekeringsovereenkomst door met kennis van zaken hieraan mee te werken en vervolgens de vordering van de eiser tegen de tweede verweerster integraal afwijst, verantwoordt zijn beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Koenraad Moens en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 30 september 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210930.1N.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2022:CONC.20221209.1N.9 precedenten: ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20021106.16 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091002.4 ECLI:BE:CASS:2011:ARR.20110516.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div