← België

G.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 09 november 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211109.2N.18 Rolnummer: P.21.1343.N Zaak: G. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2021-11-16 Raadplegingen: 627 - laatst gezien 2026-06-16 02:53 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 Bij toepassing van artikel 17, § 1, Wet Europees Aanhoudingsbevel kunnen de betrokken persoon en het openbaar ministerie bij de kamer van inbeschuldigingstelling tegen de beslissing van de raadkamer beroep instellen binnen een termijn van vierentwintig uur die ten aanzien van het openbaar ministerie begint te lopen de dag waarop de beslissing is genomen en ten aanzien van de betrokken persoon de dag waarop zij hem wordt betekend of aan zijn woonplaats of gekozen woonplaats wordt betekend; die termijn wordt niet van uur tot uur gerekend, zodat de raadsman van de betrokken persoon tijdens de openingsuren van de griffie hoger beroep kan aantekenen gedurende de volledige eerstvolgende werkdag volgend op de dag van de betekening van de beslissing van de raadkamer, ongeacht op welk uur precies die beslissing hem werd betekend. Thesaurus CAS: EUROPEES AANHOUDINGSBEVEL Vrije woorden: Beschikking tot tenuitvoerlegging van het aanhoudingsbevel - Hoger beroep van de persoon tegen wie het bevel is uitgevaardigd - Termijn - Bepaling van de termijn - Betekening van de beschikking - Eerstvolgende werkdag - Openingsuren van de griffie Wettelijke bepalingen: Wet 19 december 2003 betreffende het Europees aanhoudingsbevel - 19-12-2003 - Art. 17, § 1 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Principaal beroep. Vorm. Termijn Vrije woorden: Europees aanhoudingsbevel - Beschikking tot tenuitvoerlegging van het aanhoudingsbevel - Hoger beroep van de persoon tegen wie het bevel is uitgevaardigd - Bepaling van de termijn - Betekening van de beschikking - Eerstvolgende werkdag - Openingsuren van de griffie Wettelijke bepalingen: Wet 19 december 2003 betreffende het Europees aanhoudingsbevel - 19-12-2003 - Art. 17, § 1 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Thesaurus CAS: GRIFFIE. GRIFFIER Vrije woorden: Hoger beroep - Strafzaken - Europees aanhoudingsbevel - Beschikking tot tenuitvoerlegging van het aanhoudingsbevel - Hoger beroep van de persoon tegen wie het bevel is uitgevaardigd - Bepaling van de termijn - Betekening van de beschikking - Eerstvolgende werkdag - Openingsuren van de griffie Wettelijke bepalingen: Wet 19 december 2003 betreffende het Europees aanhoudingsbevel - 19-12-2003 - Art. 17, § 1 - 32 ELI link Pub nr 2003009950 Tekst van de beslissing Nr. P.21.1343.N M G, persoon tegen wie een Europees aanhoudingsbevel is uitgevaardigd, aangehouden, eiser, met als raadsman mr. Olivier Martins, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, kamer van inbeschuldigingstelling, van 25 oktober 2021 (K/2321/21). De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Steven Van Overbeke heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling

  1. Het middel voert schending aan van artikel 17, § 2, Wet Europees Aanhoudingsbevel: het oordeel dat het hoger beroep niet ontvankelijk is omdat het laattijdig werd aangetekend, is niet naar recht verantwoord; de beroepen beschikking van 28 september 2021 werd op diezelfde dag aan de eiser betekend zonder dat uit de akte van betekening blijkt op welk ogenblik precies die betekening is gebeurd; daar aldus niet blijkt wanneer de termijn van vierentwintig uur is beginnen te lopen, heeft eisers raadsman op 30 september 2021 nog tijdig hoger beroep ingesteld, te meer daar de termijn van vierentwintig uur geschorst is tijdens de sluitingsuren van de griffie; de kamer van inbeschuldigingstelling oordeelt ten onrechte dat die termijn niet moet worden berekend van uur tot uur maar wel van dag tot dag.
  2. Het middel verduidelijkt niet hoe of waarom het arrest artikel 17, § 2, Wet Europees Aanhoudingsbevel schendt. In zoverre is het middel bij gebrek aan duidelijkheid niet ontvankelijk.
  3. Bij toepassing van artikel 17, § 1, Wet Europees Aanhoudingsbevel kunnen de betrokken persoon en het openbaar ministerie bij de kamer van inbeschuldigingstelling tegen de beslissing van de raadkamer beroep instellen binnen een termijn van vierentwintig uur die ten aanzien van het openbaar ministerie begint te lopen de dag waarop de beslissing is genomen en ten aanzien van de betrokken persoon de dag waarop zij hem wordt betekend of aan zijn woonplaats of gekozen woonplaats wordt betekend. Die termijn wordt niet van uur tot uur gerekend, zodat de raadsman van de betrokken persoon tijdens de openingsuren van de griffie hoger beroep kan aantekenen gedurende de volledige eerstvolgende werkdag volgend op de dag van de betekening van de beslissing van de raadkamer, ongeacht op welk uur precies die beslissing hem werd betekend. In zoverre het middel uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt het naar recht. Ambtshalve onderzoek
  4. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 61,11 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 9 november 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211109.2N.18 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.