← België

Bouwbedrijf Loix NV contra D’EGG CONSULT NV

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 09 december 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211209.1N.2 Rolnummer: C.19.0644.N Zaak: Bouwbedrijf Loix NV contra D'EGG CONSULT NV Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Handelsrecht - Overige Invoerdatum: 2022-10-05 Raadplegingen: 1394 - laatst gezien 2026-06-19 10:42 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Een beslissing of verrichting die behoort tot de bevoegdheid van de raad van bestuur kan worden nietig verklaard indien de schending van de belangenconflictregeling de totstandkoming ervan heeft kunnen beïnvloeden, wat het geval is wanneer de naleving van het voorschrift kon hebben geleid tot het afwijzen van de voorgenomen beslissing of verrichting of tot de aanvaarding ervan onder sterk verschillende voorwaarden. Thesaurus CAS: VENNOOTSCHAPPEN - ALGEMEEN. GEMEENSCHAPPELIJKE REGELS Vrije woorden: Beslissing of verrichting van de raad van bestuur - Schending van de belangenconflictregeling - Vordering tot nietigverklaring - Voorwaarden Wettelijke bepalingen: Wetboek van Vennootschappen 7 mei 1999 - 07-05-1999 - Art. 523, § 2 - 69 ELI link Pub nr 1999A09646 Fiche 2 Het recht op bewijs is he recht van elke procespartij om de bewijselementen over te leggen waarover zij zelf beschikt en om aan de rechter te vragen dat de bewijselementen waarover zij niet beschikt, zouden worden verzameld door de uitvoering van bepaalde onderzoeksmaatregelen, waarover de rechter oordeelt

(1).
(1)Cass. 15 juni 2012, AR C.11.0721.F ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120615.3, AC 2012, nr. 390; zie Cass. 17 november 1988, AR 7848, AC 1988-89, nr. 160 en Cass. 9 mei 2005, AR S.04.0183.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050509.23, AC 2005, nr. 268; O. MIGNOLET, “L'expertise judiciaire, tiré à part du Répertoire notarial”, Brussel, Larcier 2009, 36, nr. 27 en voetnoten. Thesaurus CAS: RECHT VAN VERDEDIGING - ALGEMEEN Vrije woorden: Recht op bewijs - Begrip Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 962, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Fiche 3 Het recht op bewijs is geen onbeperkt recht, en schakelt bijgevolg de beoordelingsvrijheid van de rechter niet uit
(1).
(1)Cass. 15 juni 2012, AR C.11.0721.F ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120615.3, AC 2012, nr. 390; zie Cass. 17 november 1988, AR 7848, AC 1988-89, nr. 160 en Cass. 9 mei 2005, AR S.04.0183.N ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050509.23, AC 2005, nr. 268; O. MIGNOLET, “L'expertise judiciaire, tiré à part du Répertoire notarial”, Brussel, Larcier 2009, 36, nr. 27 en voetnoten. Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen Vrije woorden: Recht op bewijs - Omvang - Beoordelingsvrijheid van de rechter - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 962, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Fiches 4 - 5 Krachtens artikel 962 kan de rechter weigeren om een deskundigenonderzoek te beleven wanneer de eiser zijn vordering tot deskundigenonderzoek op geen enkel gegeven grondt dat de tot staving van zijn vordering aangevoerde feiten aannemelijk kan maken of wanneer er geen dienstige reden is om die maatregel te bevelen. Thesaurus CAS: DESKUNDIGENONDERZOEK Vrije woorden: Vordering tot deskundigenonderzoek - Weigering - Voorwaarden Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 962, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: RECHT VAN VERDEDIGING - ALGEMEEN Vrije woorden: Vordering tot deskundigenonderzoek - Weigering - Voorwaarden Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 962, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Annotaties Publicaties: RW-Rechtskundig weekblad - 2022, nr. 39, p. 1548-
  1. - PARREIN, Floris; Noot'De belangenconflictregeling en de nietigheidsvordering: wie, wat, wanneer?' TRV-Tijdschrift voor rechtspersoon en vennootschap - 2023, nr. 2, p. 136-
  2. - ROSSEEL, Sofie; DIER, Stijn; Noot'Leidt elke schending van de belangenconflictregels tot nietigheid? Cassatie kiest stelling' TBH-Tijdschrift voor Belgisch handelsrecht - 2023, nr. 1, p. 140-
  3. - DE WULF, Hans; Noot'Schending van de belangenconflictregeling voor bestuurders leidt niet automatisch tot nietigheid van de bestuursbeslissing' Tekst van de beslissing Nr. C.19.0644.N Jef SCHEEPERS en Elke NATENS, advocaten, met kantoor te 3700 Tongeren, Wijngaardstraat 6, in hun hoedanigheid van curatoren van het faillissement van BOUWBEDRIJF LOIX nv, met zetel te 3700 Tongeren, Prinsenweg 3, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0400.958.408, eisers, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eisers woonplaats kiezen, tegen
  4. D’EGG CONSULT bv, met zetel te 6061 Charleroi, Avenue du Centenaire 56, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0419.234.988,
  5. D. E., verweerders, vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de verweerders woonplaats kiezen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 28 oktober
  6. Advocaat-generaal Els Herregodts heeft op 21 september 2021 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Els Herregodts heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste onderdeel
  7. Anders dan waarvan het onderdeel uitgaat oordelen de appelrechters niet dat de toepassing van deze nietigheid vereist dat de vennootschap die de nietigheidsvordering instelt, schade aantoont. Het onderdeel mist in zoverre feitelijke grondslag.
  8. Artikel 523, § 1, Wetboek van Vennootschappen regelt de procedure die moet worden gevolgd wanneer een bestuurder, rechtstreeks of onrechtstreeks, een belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid behoort van de raad van bestuur.
  9. Krachtens artikel 523, § 2, Wetboek van Vennootschappen kan de vennootschap de nietigheid vorderen van beslissingen of verrichtingen die hebben plaatsgevonden met overtreding van de in dit artikel bepaalde regels, indien de wederpartij bij die beslissingen of verrichtingen van die overtreding op de hoogte was of had moeten zijn. Een beslissing of verrichting kan worden nietig verklaard indien de schending van de belangenconflictregeling de totstandkoming ervan heeft kunnen beïnvloeden. Dit is het geval wanneer de naleving van het voorschrift kon hebben geleid tot het afwijzen van de voorgenomen beslissing of verrichting of tot de aanvaarding ervan onder sterk verschillende voorwaarden.
  10. De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - het formeel meedelen van het belangenconflict aan de raad van bestuur geen enkele zin had aangezien dit toch geen invloed zou hebben gehad op de besluitvorming; - duidelijk blijkt dat de vennootschap Loix niet alleen op de hoogte was van de verkoop aan de verweerders, maar daar tevens mee instemde; - het niet meer ter discussie stond dat de vennootschap Loix op het ogenblik van het verlijden van de notariële akte geldig vertegenwoordigd was door de tweede verweerder.
  11. Door aldus te oordelen dat de vordering tot nietigverklaring niet kon worden toegewezen omdat een formele mededeling van het belangenconflict in de gegeven omstandigheden geen wezenlijke invloed zou hebben gehad op de besluitvorming van de raad van bestuur, verantwoorden de appelrechters hun beslissing naar recht. Het onderdeel kan voor het overige niet worden aangenomen. Tweede onderdeel
  12. Het recht op bewijs is het recht van elke procespartij om de bewijselementen over te leggen waarover zij zelf beschikt en om aan de rechter te vragen dat de bewijselementen waarover zij niet beschikt, zouden worden verzameld door de uitvoering van bepaalde onderzoeksmaatregelen, waarover de rechter oordeelt. Het recht op bewijs is geen onbeperkt recht, en schakelt bijgevolg de beoordelingsvrijheid van de rechter niet uit.
  13. Krachtens artikel 962, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek kan de rechter, ter oplossing van een voor hem gebracht geschil of ingeval een geschil werkelijk en dadelijk dreigt te ontstaan, deskundigen gelasten vaststellingen te doen of een technisch advies te geven. Krachtens die bepaling kan de rechter weigeren om een deskundigenonderzoek te bevelen wanneer de eiser zijn vordering tot deskundigenonderzoek op geen enkel gegeven grondt dat de tot staving van zijn vordering aangevoerde feiten aannemelijk kan maken of wanneer er geen dienstige reden is om die maatregel te bevelen.
  14. De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - “de prijs voor het modelappartement 290.000 EUR [bedroeg] (onder aftrek van 20.000 EUR voor de grondwaarde), hetgeen betaald werd”; - “de prijs nadien in de door LOIX opgemaakte afrekening op 12.09.2016 [werd] bepaald en verhoogd naar 396.141,21 EUR voor [de eerste verweerster] en [de tweede verweerder], waarvan LOIX uitdrukkelijk bevestigde dat 328.956,80 EUR effectief betaald werd en 67.184,41 EUR via inhoudingen van de door LOIX aan [de eerste verweerster] en [de tweede verweerder] verschuldigde commissies, te weten de bedragen 13.365,00 EUR, 649,85 EUR en 53.169,56 EUR […]”; - “op 31.12.2016 door LOIX een factuur op naam van [de eerste verweerster] voor een bedrag van 319.132,32 EUR en een factuur op naam van [de tweede verweerder]voor een bedrag van 3.900,51 EUR [werd] uitgesteld”; - “deze facturen uitdrukkelijk en binnen korte termijn (…) geprotesteerd werden door zowel [de tweede verweerder] als [de eerste verweerster]; - de bewijslast van het feit dat deze facturen verschuldigd zouden zijn, aldus komt te liggen op LOIX/[de eisers]; - de kwestieuze facturen zelf geen enkele melding maken van werken en/of diensten waarop ze betrekking zouden hebben; - uit de bijgevoegde ‘résumé analytique’ van de hand van LOIX zelf evenmin enige rechtvaardiging voor de gefactureerde bedragen blijkt; - LOIX/[de eisers] niet ten genoegen van recht aantonen dat m.b.t. het kwestieuze appartement er sprake zou zijn van een aanzienlijke meerwaarde, nu de door hen onder stukken 9 t.e.m. 12 slechts éénzijdige ramingen betreffen, die dan nog betrekking hebben op het volledige bouwproject en een loutere verrekening à rato van het aantal vierkante meters niet zomaar kan worden toegepast; - de eerste rechter voorbarig en ten onrechte een deskundige heeft aangesteld met het oog op het bepalen van de waarde van het appartement”.
  15. Door aldus te oordelen dat de door de eisers aangevoerde gegevens niet van aard zijn de ter staving van de door hen gevorderde onderzoeksmaatregel aangevoerde elementen aannemelijk te maken, miskennen de appelrechters niet het recht op bewijs van de eisers en schenden zij evenmin de als geschonden aangevoerde wetsbepalingen. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eisers tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eisers op 830,83 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 9 december 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Els Herregodts, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211209.1N.2 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230425.2N.20 precedenten: ECLI:BE:CASS:2005:ARR.20050509.23 ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20120615.3 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250918.1N.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.