← België

GURO

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 14 december 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211214.2N.5 Rolnummer: P.21.1173.N Zaak: GURO Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2021-12-21 Raadplegingen: 787 - laatst gezien 2026-06-19 00:10 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 De loutere omstandigheid dat de veroordeling van een beklaagde wegens een bepaald misdrijf gebaseerd is op een beoordeling van bewijselementen die naar aanleiding van een rechtsmiddel van een wegens datzelfde misdrijf vervolgde medebeklaagde anders worden beoordeeld door de rechter die over dat rechtsmiddel moet oordelen, levert geen gegeven op zoals bedoeld in artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering

(1).
(1)S. VAN OVERBEKE, "Rechters die uiteindelijk ook mensen zijn - Enkele bedenkingen over de bewijsstandaard en het novum als grondslag tot herziening in strafzaken", RW 2021-22, 143-148; P. TRAEST en J. ROELANDT, "Herziening van de herziening anno 2019", NC 2019, pp. 483-486, nrs. 14-27. Thesaurus CAS: HERZIENING - VERZOEK EN VERWIJZING OM ADVIES Vrije woorden: Strafzaken - Artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering - Nieuw gegeven - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 443, eerste lid, 3° - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Fiche 2 Een op artikel 443, eerste lid, 1°, Wetboek van Strafvordering gesteunde aanvraag tot herziening is niet ontvankelijk wanneer de aangevoerde onverenigbaarheid geen betrekking heeft op veroordelingen die wegens eenzelfde feit bij onderscheiden vonnissen of arresten tegen verschillende beschuldigden of beklaagden zijn uitgesproken, maar op de veroordeling van de ene beklaagde of beschuldigde en de vrijspraak van een andere beklaagde of beschuldigde
(1).
(1)Cass. 24 oktober 2006, AR P.06.0859.N ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070417.1, AC 2006, nr.
  1. Thesaurus CAS: HERZIENING - VERZOEK EN VERWIJZING OM ADVIES Vrije woorden: Strafzaken - Artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering - Onverenigbaarheid tussen veroordelingen die wegens eenzelfde feit bij onderscheiden vonnissen of arresten tegen verschillende beschuldigden of beklaagden zijn uitgesproken - Draagwijdte Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 443, eerste lid, 1° - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.21.1173.N GURO nv, met zetel te 3550 Heusden-Zolder (Zolder), Sint-Jobstraat 60A bus 7, verzoekster tot herziening, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Bij verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht en ter griffie van het Hof is neergelegd op 2 september 2021 vraagt de verzoekster op grond van artikel 443, eerste lid, 1° en 3°, Wetboek van Strafvordering de herziening van de veroordeling die tegen haar is uitgesproken bij arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 20 april
  2. Bij dit verzoekschrift werden drie met redenen omklede gunstige adviezen gevoegd van mr. Michiel Van Kelecom, mr. Steve Geerdens en mr. Bert Partoens, die allen advocaat zijn bij de balie Limburg en tien jaar of meer op de tabel zijn ingeschreven. Raadsheer Steven Van Overbeke heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. RELEVANTE GEGEVENS Aan de basis van de veroordeling waarvan de verzoekster de herziening aanvraagt, ligt een strafdossier waarbij meerdere beklaagden werden vervolgd wegens drugsmisdrijven, deelname aan een criminele organisatie en witwasmisdrijven. Uit de bij het verzoekschrift gevoegde stukken blijken de volgende gegevens: - de verzoekster werd bij vonnis van 2 februari 2016 van de correctionele rechtbank Limburg, afdeling Hasselt, en in hoger beroep bij arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 20 april 2017 schuldig bevonden aan en bestraft op grond van het in artikel 505, eerste lid, 4°, Strafwetboek bedoelde witwasmisdrijf met betrekking tot een appartement, gelegen te Houthalen-Helchteren (telastlegging C.1, tweede streepje), waarvan de verbeurdverklaring werd bevolen bij toepassing van artikel 43quater, § 4, Strafwetboek; - behalve de verzoekster werden meerdere andere beklaagden veroordeeld bij het voormelde vonnis van 2 februari 2016 en in hoger beroep bij het voormelde arrest van 20 april 2017, waaronder de medebeklaagde V.A.A.D.P., die werd veroordeeld wegens deelname aan een criminele organisatie en wegens meerdere witwasmisdrijven, waaronder de voormelde telastlegging C.1, tweede streepje; - tegen het arrest van 20 april 2017 werd cassatieberoep aangetekend door meerdere beklaagden, waaronder de verzoekster en de medebeklaagde V.A.A.D.P.; - bij arrest van 21 november 2017 heeft het Hof het arrest van 20 april 2017 vernietigd in zoverre het de medebeklaagde V.A.A.D.P. schuldig verklaart aan de telastlegging C.1, tweede streepje, en hem tot straf en een bijdrage aan het Slachtofferfonds veroordeelt, waarbij de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Brussel werd verwezen en de cassatieberoepen voor het overige werden verworpen; - bij arrest van 16 november 2020, dat in kracht van gewijsde is gegaan, bevestigde het hof van beroep te Brussel op verwijzing ten aanzien van de medebeklaagde V.A.A.D.P. het vonnis van 2 februari 2016, met dien verstande dat de medebeklaagde V.A.A.D.P. werd vrijgesproken van de telastlegging C.1, tweede streepje, en dat een nieuwe beslissing werd gewezen over de hem opgelegde straf, de bijdragen en de kosten. Volgens de verzoekster werd zij in het arrest van 20 april 2017 ten onrechte veroordeeld op grond van de telastlegging C.1, tweede streepje. Dit blijkt volgens de verzoekster uit gegevens die zij op dat ogenblik niet kon aantonen en die pas werden aangetoond in de procedure voor het hof van beroep te Brussel die tot het arrest van 16 november 2020 hebben geleid (eerste grond tot herziening), alsook uit de onverenigbaarheid tussen het arrest van 20 april 2017 en het arrest van 16 november 2020 (tweede grond tot herziening). III. BESLISSING VAN HET HOF Eerste grond tot herziening
  3. Op grond van artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering kan in criminele of in correctionele zaken de herziening worden aangevraagd van een in kracht van gewijsde gegane veroordeling wanneer er sprake is van een gegeven dat bij het onderzoek op de rechtszitting aan de rechter niet bekend was en waarvan de veroordeelde het bestaan niet heeft kunnen aantonen ten tijde van het geding en dat, op zichzelf of in verband met de vroeger geleverde bewijzen, met de uitspraak niet bestaanbaar schijnt, zodanig dat het ernstige vermoeden ontstaat dat indien dit gegeven bekend zou zijn geweest, het onderzoek van de zaak zou hebben geleid, hetzij tot een vrijspraak van de veroordeelde, hetzij tot het verval van de strafvordering, hetzij tot het ontslag van rechtsvervolging, hetzij tot de toepassing van een minder strenge strafwet.
  4. De loutere omstandigheid dat de veroordeling van een beklaagde wegens een bepaald misdrijf gebaseerd is op een beoordeling van bewijselementen die naar aanleiding van een rechtsmiddel van een wegens datzelfde misdrijf vervolgde medebeklaagde anders worden beoordeeld door de rechter die over dat rechtsmiddel moet oordelen, levert geen gegeven op zoals bedoeld in artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering.
  5. De verzoekster voert aan dat zij bij vonnis van 2 februari 2016, bevestigd in hoger beroep bij arrest van 20 april 2017, schuldig werd bevonden aan het in de telastlegging C.1, tweede streepje, bedoelde witwasmisdrijf met betrekking tot een appartement, gelegen te Houthalen-Helchteren, op grond van: - afgeluisterde gesprekken van 27 en 28 november 2012, waarbij er werd van uitgegaan dat die gesprekken betrekking hadden op het appartement te Houthalen-Helchteren, terwijl het hof van beroep te Brussel in het arrest van 16 november 2020 ten aanzien van de medebeklaagde V.A.A.D.P. oordeelde dat die gesprekken geen betrekking hadden op het appartement te Houthalen-Helchteren; - het oordeel dat de geldbedragen op het “document G.” betrekking hadden op datzelfde appartement, terwijl het hof van beroep te Brussel in het arrest van 16 november 2020 ten aanzien van de medebeklaagde V.A.A.D.P. oordeelde dat dit niet afdoende blijkt uit dit document; - het oordeel dat de verwijzing naar een bedrag van 360.000,00 euro in een welbepaald e-mailbericht overeenkomt met de aankoopprijs van het appartement, terwijl het gegeven dat de aankoopprijs van het appartement veel lager ligt dan 360.000,00 euro slechts kon worden aangetoond in de procedure op verwijzing met betrekking tot de medebeklaagde V.A.A.D.P. voor het hof van beroep te Brussel die heeft geleid tot het arrest van 16 november 2020; - de voormelde “gegevens en foutieve aannames” die zijn gebleken uit de vrijspraak van de medebeklaagde V.A.A.D.P. bij arrest van het hof van beroep te Brussel van 16 november 2020, die niet bekend waren aan het hof van beroep te Antwerpen en die een ernstige vermoeden doen ontstaan dat, indien ze aan dat laatste hof bekend zouden zijn geweest, tot de vrijspraak van de verzoekster zouden hebben geleid.
  6. De voormelde gegevens berusten louter op de beoordeling van de desbetreffende bewijselementen door het hof van beroep te Brussel, dat op verwijzing na het arrest van het Hof van 21 november 2017 de telastlegging C.1, tweede streepje, niet bewezen heeft verklaard lastens de medebeklaagde V.A.A.D.P. De omstandigheid dat die beoordeling afwijkt van deze van het hof van beroep te Antwerpen in het arrest van 20 april 2017, waarbij de verzoekster mede op grond van diezelfde bewijselementen schuldig werd verklaard aan de telastlegging C.1, tweede streepje, levert als zodanig geen gegevens op in de zin van artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering.
  7. In zoverre gesteund op artikel 443, eerste lid, 3°, Wetboek van Strafvordering, is de aanvraag tot herziening niet ontvankelijk. Tweede grond tot herziening
  8. Bij toepassing van artikel 443, eerste lid, 1°, Wetboek van Strafvordering kan in criminele of in correctionele zaken de herziening worden aangevraagd van een in kracht van gewijsde gegane veroordeling wanneer onverenigbaarheid bestaat tussen veroordelingen die wegens eenzelfde feit bij onderscheiden arresten of vonnissen tegen verschillende beschuldigden of beklaagden al dan niet op tegenspraak zijn uitgesproken, en het bewijs van de onschuld van een der veroordeelden uit de tegenstrijdigheid van de beslissingen volgt.
  9. Een op artikel 443, eerste lid, 1°, Wetboek van Strafvordering gesteunde aanvraag tot herziening is niet ontvankelijk wanneer de aangevoerde onverenigbaarheid geen betrekking heeft op veroordelingen die wegens eenzelfde feit bij onderscheiden vonnissen of arresten tegen verschillende beschuldigden of beklaagden zijn uitge¬sproken, maar op de veroordeling van de ene beklaagde of beschuldigde en de vrijspraak van een andere beklaagde of beschuldigde.
  10. De veroordeling van de verzoekster op grond van de telastlegging C.1, tweede streepje, bij arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 20 april 2017, is niet onverenigbaar met de vrijspraak van de medebeklaagde V.A.A.D.P. voor diezelfde telastlegging bij arrest van het hof van beroep te Brussel van 16 november
  11. In zoverre gesteund op artikel 443, eerste lid, 1°, Wetboek van Strafvordering, is de aanvraag tot herziening evenmin ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verklaart de aanvraag tot herziening niet ontvankelijk. Veroordeelt de verzoekster tot de kosten. Bepaalt de kosten tot op heden op 0,00 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 14 december 2021 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211214.2N.5 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070417.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.