← België

PETER BELIEN bv contra BELGISCHE STAAT

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 23 december 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211223.1N.1 Rolnummer: F.20.0127.N Zaak: PETER BELIEN bv contra BELGISCHE STAAT Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2022-01-18 Raadplegingen: 795 - laatst gezien 2026-06-16 04:32 Versie(s): Vertaling FR Fiche Het verlaagd btw-tarief van 6 pct. is slechts van toepassing op de plaatsing van toegangspoorten die muurvast aan de woning zelf worden aangehecht, zodat zij worden ingelijfd in de onroerende structuur van de woning en die een verbetering van de woning zelf uitmaken doordat ze een onmiddellijk nut hebben voor de private woonfunctie; dergelijke toegangspoorten betreffen geen van het verlaagd tarief uitgesloten afsluitingen in de zin van § 4, 1° rubriek XXXI van Tabel A , maar hebben betrekking op de eigenlijke woning. Thesaurus CAS: BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE Vrije woorden: Werken in onroerende staat - Plaatsing toegangspoorten - Verlaagd tarief van 6% - Toepassingsvoorwaarden Wettelijke bepalingen: KB nr. 20 van 20 juli 1970 - 20 - 20-07-1970 - Art. 1, 1°, en Tabel A, rubriek XXXI, § 1, 1° - 31 Link Justel databank 19700720-31 Tekst van de beslissing Nr. F.20.0127.N P. B. bv, eiseres, met als raadsman mr. Erhard Vermeulen, advocaat bij de balie provincie Antwerpen, met kantoor te 2000 Antwerpen, Léon Stynenstraat 75C, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Bussel, Wetstraat 12, voor wie optreedt de adviseur-generaal, directeur van het KMO Centrum Antwerpen, met kantoor te 2930 Brasschaat, Ruiterijschool 3, bus 92, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Geoffroy de Foestraets, advocaat bij het Hof van Cassatie, en bijgestaan door mr. Stefan De Vleeschouwer, advocaat bij de balie Brussel, beiden met kantoor te 1000 Brussel, Dalstraat 67, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 11 februari

  1. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 22 november 2021 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  2. Krachtens artikel 1, eerste lid, koninklijk besluit nr. 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven, bedraagt het normaal tarief van de belasting over de toegevoegde waarde voor goederen en diensten 21 pct. Krachtens het tweede lid, a), wordt, in afwijking van het eerste lid, de belasting geheven tegen het verlaagd tarief van 6 pct. voor de goederen en diensten opgenomen in tabel A van de bijlage bij dit besluit. Krachtens rubriek XXXI, § 1, van voornoemde tabel A worden het werk in onroerende staat en de andere handelingen bedoeld in paragraaf 3 onderworpen aan het verlaagd tarief, voor zover de volgende voorwaarden zijn vervuld: 1° de handelingen moeten de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben; 2° de handelingen moeten betrekking hebben op een woning die, na de uitvoering ervan, hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privéwoning wordt gebruikt; 3° de handelingen moeten worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming ten minste vijftien jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van opeisbaarheid van de btw dat zich voordoet overeenkomstig artikel 22, § 1, of artikel 22bis van het BTW-wetboek. (…) Krachtens § 3, 2°, van voormelde rubriek worden prestaties beoogd die erin bestaan een roerend goed te leveren en het meteen op zodanige wijze aan te brengen aan een onroerend goed dat het onroerend uit zijn aard wordt. Krachtens § 4, 1°, van deze rubriek is het verlaagd tarief in geen geval van toepassing op werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen. Rubriek XXXVIII van tabel A van de bijlage bij het voormelde koninklijk besluit bevat identieke bepalingen, met dien verstande dat, krachtens § 1, 3°, de handelingen moeten worden verricht aan een woning waarvan de eerste ingebruikneming ten minste tien jaar voorafgaat aan het eerste tijdstip van opeisbaarheid van de btw.
  3. Uit het geheel van voornoemde bepalingen volgt dat het verlaagd btw-tarief van 6 pct. slechts van toepassing is op de plaatsing van toegangspoorten die muurvast aan de woning zelf worden aangehecht, zodat zij worden ingelijfd in de onroerende structuur van de woning in de zin van § 3, 2°, van de vermelde rubrieken, en die een verbetering van de woning zelf uitmaken, in de zin van § 1, 1°, van deze rubrieken, doordat ze een onmiddellijk nut hebben voor de private woonfunctie. Dergelijke toegangspoorten betreffen geen van het verlaagd tarief uitgesloten afsluitingen in de zin van § 4, 1°, maar hebben betrekking op de eigenlijke woning.
  4. Het middel dat geheel ervan uitgaat dat het verlaagd tarief van toepassing is, zodra een poort op een zodanige wijze wordt geplaatst dat deze duurzaam en gewoonlijk met een woning wordt verbonden, berust op een andere rechtsopvatting. Het middel faalt naar recht. Dictum Het Hof, eenparig beslissend, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 369,79 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, en de raadsheren Bart Wylleman en Koenraad Moens, en in openbare rechtszitting van 23 december 2021 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20211223.1N.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.