id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 30 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210930.1N.2 Rolnummer: C.20.0360.N Zaak: ALLIANZ BENELUX nv contra AXA BELGIUM nv Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Sociale-zekerheidsrecht Invoerdatum: 2021-11-15 Raadplegingen: 562 - laatst gezien 2026-06-19 05:46 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210930.1N.2 Fiche De subrogatoire vordering uit artikel 47 Arbeidsongevallenwet heeft betrekking op vergoedingen die de arbeidsongevallenverzekeraar aan het slachtoffer en zijn rechthebbenden uitbetaalt krachtens de Arbeidsongevallenwet en niet op vergoedingen die hij hen boven voormelde vergoedingen uitbetaalt in het kader van een aanvullende verzekeringspolis
(1).
(1)Zie andersluidende concl. OM. Thesaurus CAS: ARBEIDSONGEVAL - VERZEKERING Vrije woorden: Indeplaatsstelling - Omvang Wettelijke bepalingen: Arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 - 10-04-1971 - Art. 47 - 01 ELI link Pub nr 1971041001 Tekst van de conclusie C.20.0360.N Conclusie van advocaat-generaal met opdracht M. DECONYNCK:
- Probleemstelling. De eiseres voert aan dat de appelrechter ten onrechte artikel 47 van de Arbeidsongevallenwet heeft toegepast op haar vordering lastens de aansprakelijke derde tot gedeeltelijke terugbetaling van hetgeen zij boven de vergoedingen verschuldigd krachtens de Arbeidsongevallenwet ten titel van schadevergoeding had uitgekeerd aan het slachtoffer. Zij voert aan dat artikel 1251, 3° van het Burgerlijk Wetboek alsook artikel 95 van de Verzekeringswet hierop van toepassing zijn.
- Bespreking. 2.
- De discussie betreft de vraag door welke artikelen de subrogatievordering van een arbeidsongevallenverzekeraar wordt beheerst wanneer deze de terugbetaling wenst te bekomen van een uitkering krachtens een bijkomende verzekering tot vergoeding van de schade ingevolge een arbeidsongeval bovenop de schadevergoeding zoals voorzien door de eigenlijke arbeidsongevallenverzekering zoals geregeld door de Arbeidsongevallenwet. 2.
- De vordering van de arbeidsongevallenverzekeraar is een subrogatievordering zodat eerst en vooral de rechten van de verzekerde zelf moeten nagegaan worden. De schade die vergoed wordt, is die ontstaan uit een arbeidsongeval. De eerste vraag is dus de vraag waarop de verzekerde aanspraak kan maken lastens de aansprakelijke derde gelet op de door de Arbeidsongevallenwet bepaalde regels inzake cumul van schadeloosstellingen krachtens het gemeen recht met die krachtens de Arbeidsongevallenwet. Artikel 46, § 2 Arbeidsongevallenwet bepaalt een cumulatieverbod dat overeenkomstig vaststaande rechtspraak van uw Hof (Zie onder meer Cass. 11 juni 2007, AR C.06.0255.N ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070611.1, AC 2007, nr. 315 en Cass. 19 december 2006, AR P.06.0944.N ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061219.3, AC 2006, nr. 661, alsook Cass. 22 juni 2010, AR P.09.1912.N ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100622.5, AC 2010, nr. 447) inhoudt dat het slachtoffer van de aansprakelijke derde maar vergoeding kan eisen wanneer de volgens het gemeen recht bepaalde vergoeding méér bedraagt dan die verschuldigd op basis van de Arbeidsongevallenwet en dit enkel voor het verschil. De arbeidsongevallenverzekeraar is als gesubrogeerde vanzelfsprekend eveneens door dit cumulatieverbod gebonden. 2.
- De tweede vraag is op welke rechtsgrond het subrogatierecht van de arbeidsongevallenverzekeraar berust wat de schadevergoeding betreft die aan het slachtoffer werd uitgekeerd bovenop diens aanspraken krachtens de Arbeidsongevallenwet. Artikel 47 van de Arbeidsongevallenwet voorziet in een subrogatierecht maar enkel wat betreft de op basis van de Arbeidsongevallenwet betaalde uitkeringen nu hierin bepaald wordt dat de arbeidsongevallenverzekeraar een rechtsvordering kan instellen tegen de voor het arbeidsongeval aansprakelijke “tot beloop van de krachtens artikel 46, § 2, eerste lid, gedane uitkeringen, de ermee overeenstemmende kapitalen, alsmede de bedragen en kapitalen bedoeld bij de artikelen 51bis, 51ter en 59quinquies”. Dit artikel is dus niet van toepassing op het aan een slachtoffer van een arbeidsongeval betaalde excedent krachtens een bijkomende verzekering tot vergoeding van schade ingevolge van een arbeidsongeval die niet gedekt wordt door de eigenlijke arbeidsongevallenverzekering. Wél van toepassing op een dergelijke verzekering is de wet van 4 april 2014 betreffende de verzekeringen (hierna: de Verzekeringswet). Artikel 95 van de Verzekeringswet voorziet in een subrogatierecht voor de verzekeraar die tot schadevergoeding is overgegaan en is derhalve de hier toepasselijke lex specialis. In zoverre het middel er van uitgaat dat artikel 1251, 3° van het Burgerlijk Wetboek hier eveneens van toepassing is, faalt het naar recht. 2.
- De appelrechters stellen vast en oordelen dat: • Het subrogatoir karakter van de vordering van de arbeidsongevallenverzekeraar tot gevolg heeft dat hij zijn uitgaven maar kan recupereren ten belope van hetgeen het slachtoffer krachtens het gemeen recht kon vorderen; • Het terugvorderbaar bedrag in gemeen recht moet worden vergeleken met het bedrag van de arbeidsongevallenuitkering waarop het slachtoffer recht heeft en niet met het bedrag dat de verzekeraar volgens de AO/GR-conventie heeft terugbetaald; • De partijen het eens zijn dat het slachtoffer ter vergoeding van zijn schade ingevolge diens tijdelijke en blijvende arbeidsongeschiktheid op basis van de arbeidsongevallenverzekering recht heeft op 819.433 EUR terwijl hij op basis van het gemeen recht maar recht heeft op 1/3 van 495.083,78 EUR. 2.
- De appelrechters konden gelet op die vaststellingen oordelen dat het duidelijk is dat de eiseres geen surplus kan recupereren nu de vergoeding op basis van het arbeidsongevallenverzekeringsrecht hoger is dan die op basis van het gemeen aansprakelijkheidsrecht. Dit oordeel kan worden gegrond op basis van de in de plaats te stellen redenen dat de arbeidsongevallenverzekeraar ten belope van het excedent aan uitgekeerde schadevergoeding overeenkomstig artikel 95 van de Verzekeringswet wordt gesubrogeerd in de rechten van het slachtoffer, welke beperkt worden ingevolge het cumulatieverbod opgenomen in artikel 46, § 2 Arbeidsongevallenwet. In zoverre het middel de schending aanvoert van artikel 47 van de Arbeidsongevallenwet kan het, al was het gegrond, niet tot cassatie leiden. Het is derhalve bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Conclusie: verwerping. PDF document ECLI:BE:CASS:2021:CONC.20210930.1N.2 Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210930.1N.2 citeert: ECLI:BE:CASS:2006:ARR.20061219.3 ECLI:BE:CASS:2007:ARR.20070611.1 ECLI:BE:CASS:2010:ARR.20100622.5 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div