id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 april 2022 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220421.1N.4 Rolnummer: F.19.0164.N Zaak: EECOFISK BV contra BELGISCHE STAAT, MIN FINANCIEN Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht Invoerdatum: 2022-04-28 Raadplegingen: 1025 - laatst gezien 2026-06-17 11:51 Versie(s): Vertaling FR Fiche De overwaardering van passiva in de zin van de artikelen 24, eerste lid, 4°, en 361 WIB92 omvat de verdoken reserves, dit zijn reserves die niet werden geboekt of die werden geboekt onder een onjuiste post van het passief; de verdoken reserves in het passief kunnen aldus verdoken zijn ofwel in de schuldrekeningen, ofwel in elementen van het passief onder een onjuiste benaming, zodat zij verdoken winsten uitmaken; de wet vereist voor de belastbaarheid van de overwaardering van een bestanddeel van het passief niet dat het totaal van de passiva in de jaarrekening wordt overschat. Thesaurus CAS: INKOMSTENBELASTINGEN - VENNOOTSCHAPSBELASTING - Vaststelling van het belastbaar netto-inkomen - Winsten Vrije woorden: Overwaardering van het passief - Begrip Wettelijke bepalingen: Wetboek Inkomstenbelastingen 1992 - 12-06-1992 - Artt. 24 en 361 - 32 Link Justel databank 19920612-32 Tekst van de beslissing Nr. F.19.0164.N EECOFISK bv, met zetel te 9472 Denderleeuw, Parochiestraat 125, bus 1, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0451.290.817, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Paul Wouters, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 3000 Leuven, Koning Leopold I-straat 3, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën, met kabinet te 1000 Brussel, Wetstraat 12, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 11 juni
- Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 8 april 2021 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Koenraad Moens heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Tweede middel
- Krachtens artikel 361 WIB92 worden, wanneer bij het onderzoek van de boekhouding over een bepaald belastbaar tijdperk onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva vermeld in artikel 24, eerste lid, 4°, worden vastgesteld, deze als winst van dat belastbare tijdperk aangemerkt, zelfs indien ze blijken uit de boekhouding betreffende vorige belastbare tijdperken, tenzij de belastingplichtige bewijst dat ermee rekening is gehouden bij het bepalen van het resultaat van de laatste tijdperken. Artikel 361 WIB92 voert een uitzondering in op de fiscale regel van de belasting op jaarbasis bepaald in artikel 360 van hetzelfde wetboek op grond waarvan de inkomsten elk jaar afzonderlijk worden belast en houdt in dat overgewaardeerde passiva en ondergewaardeerde activa als winst worden aangemerkt van het belastbare tijdperk waarop het onderzoek dat ze aan het licht heeft gebracht, betrekking heeft, ook al zijn die passiva of activa reeds in de boekhouding betreffende eerdere belastbare tijdperken opgenomen. Krachtens artikel 24, eerste lid, 4), WIB92 bestaat winst uit inkomsten van alle nijverheids-, handels- of landbouwondernemingen die voortkomen uit onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva, in zover de onderwaardering of overwaardering niet samenvalt met een al dan niet uitgedrukte vermeerdering of vermindering, naar het geval, noch met afschrijvingen die voor de toepassing van de belasting in aanmerking genomen zijn. De overwaardering van passiva in de zin van de artikelen 24, eerste lid, 4°, en 361 WIB92 omvat de verdoken reserves, dit zijn reserves die niet werden geboekt of die werden geboekt onder een onjuiste post van het passief. De verdoken reserves in het passief kunnen aldus verdoken zijn ofwel in de schuldrekeningen, ofwel in elementen van het passief onder een onjuiste benaming, zodat zij verdoken winsten uitmaken.
- Anders dan het middel aanvoert, vereist de wet voor de belastbaarheid van de overwaardering van een bestanddeel van het passief niet dat het totaal van de passiva in de jaarrekening wordt overschat. Het middel faalt in zoverre naar recht.
- De aangevoerde schending van de overige wetsbepalingen is afgeleid uit de vergeefs aangevoerde schending van de artikelen 24, eerste lid, 4°, en 361 WIB
- In zoverre is het middel niet ontvankelijk. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 507,02 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Koenraad Moens en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 21 april 2022 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220421.1N.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div