id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 03 mei 2022 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2022:A
Art. 441
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij Koninklijk besluit van 16 maart 1968 - 16-03-1968 - Artt. 38, § 3, en 48 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 38 Vrije woorden: Rijverbod - Herstelexamens - Overtreder die alleen houder is van een buitenlands rijbewijs - Toepasselijke bepalingen in 2012 - Aangifte overeenkomstig artikel 441 Wetboek van Strafvordering - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek
Art. 441
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij Koninklijk besluit van 16 maart 1968 - 16-03-1968 - Artt. 38, § 3, 3° en 4°, en § 4, vierde lid - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 48 Vrije woorden: Rijden spijts verval rijbewijs - Rijverbod dat met herstelexamens was opgelegd aan een overtreder die alleen houder is van een buitenlands rijbewijs - Toepasselijke bepalingen in 2012 - Aangifte overeenkomstig artikel 441 Wetboek van Strafvordering - Gevolg Wettelijke bepalingen: Wetboek
Art. 441
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij Koninklijk besluit van 16 maart 1968 - 16-03-1968 - Artt. 38, § 3, en 48 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Tekst van de beslissing Nr. P.22.0491.N PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN CASSATIE, verzoeker tot vernietiging op grond van artikel 441 Wetboek van Strafvordering van een vonnis van de politierechtbank Turnhout van 10 februari 2012 en een vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Turnhout, van 31 mei 2019, in de zaak van E. L., I. VORDERING De procureur-generaal bij het Hof van Cassatie heeft gevorderd zoals volgt: Aan de Tweede Kamer van het Hof van Cassatie, Ondergetekende Procureur-generaal heeft de eer hierbij uiteen te zetten dat de procureur-generaal bij het hof van beroep te Antwerpen bij brief van 7 februari 2022 een verzoek om aangifte overeenkomstig artikel 441 Sv. heeft ingediend om twee in kracht van gewijsde vonnissen van de politierechtbank te Turnhout gedeeltelijk te vernietigen, met als beklaagde E. L., geboren te L. op …, wonende te ... Uit de stukken gehecht aan vermelde brief en de navolgende stukken opgevraagd door mijn ambt blijkt dat de politierechtbank te Turnhout, bij vonnis van 10 februari 2012 (nr. 2012/1201) E. L. bij verstek heeft veroordeeld tot een geldboete van 200 euro, verhoogd met 45 opdeciemen en gebracht op 1.100€, boete vervangbaar bij gebreke aan betaling binnen de wettelijke termijn door een rijverbod van 30 dagen, en tevens tot een rijverbod voor een termijn van drie maanden, waarbij het herstel van het recht tot sturen afhankelijk werd gemaakt van het slagen in een theoretisch en praktisch examen. Het bewezen verklaarde misdrijf, begaan te Geel op 3 mei 2011, is het besturen van een motorvoertuig aan een gecorrigeerde snelheid van 130,66 km/u op een openbare weg waar de snelheid was beperkt tot 70 km/u, strafbaar ingevolge het destijds geldende art. 29 par. 3 Wegverkeerswet en de artikelen 5 en 68 Wegverkeersreglement. Zowel ten tijde van de feiten als ten tijde van het verstekvonnis was E. L. officieel gedomicilieerd op een (vorig) adres in ... Op moment van de uitspraak was E. L. houder van een L. rijbewijs, uitgereikt op 9 september 2011 door het gemeentebestuur van … (…). Artikel 38 §3 Wegverkeerswet, in de versie die gold op 10 februari 2012, bepaalde voor het opleggen van herstelexamens: “De onderzoeken bedoeld in deze paragraaf zijn niet van toepassing op de houders van een buitenlands rijbewijs die niet voldoen aan de door de Koning bepaalde voorwaarden om een Belgisch rijbewijs te kunnen verkrijgen”. Ingevolge art. 3 KB van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs (BS 30 april 1998), zoals van toepassing in 2012, kunnen volgende personen een Belgisch rijbewijs verkrijgen: 1°de personen die ingeschreven zijn in het bevolkingsregister, in het vreemdelingenregister of het wachtregister van een Belgische gemeente en die houder zijn van een van de volgende in België afgegeven geldige documenten:
- a)de identiteitskaart van Belg of voor vreemdeling;
- b)het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister;
- c)de verblijfskaart van onderdaan van een Lid-Staat van de Europese Economische Gemeenschappen en
- d)het attest van immatriculatie; 2° de personen die het bewijs leveren van hun inschrijving in een Belgische onderwijsinstelling gedurende een periode van ten minste zes maanden en die houder zijn van het geldige verblijfsdocument bedoeld in bijlage 33 van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen; 3° de personen die houder zijn van een van de volgende in België afgegeven geldige documenten:
- a)de diplomatieke identiteitskaart;
- b)de consulaire identiteitskaart;
- c)de bijzondere identiteitskaart. Op moment van het verstekvonnis van 10 februari 2012 was E. L. wegens zijn inschrijving in de bevolkingsregisters van het … niet gerechtigd een Belgisch rijbewijs te verkrijgen en konden hem ingevolge het toen geldende artikel 38 §3 Wegverkeerswet geen herstelexamens worden opgelegd. Het is aangewezen dit verstekvonnis te vernietigen, wat betreft het opleggen van het herstel van het recht tot sturen door het slagen in een theoretisch en praktisch examen, aangezien dit vonnis geldig aan betrokkene was betekend, met kennisgeving van de rechten van de bij verstek veroordeelde beklaagde, en betrokkene geen ontvankelijk verzet in de buitengewone termijn meer kan instellen, wegens het verstrijken van de termijn van verjaring van de straf, gelet op de artikelen 40 Wegverkeerswet, 94 Strafwetboek en 187 §1 Wetboek van Strafvordering). Mij lijkt er geen reden te zijn de schuldigverklaring wegens de snelheidsovertreding en de opgelegde straffen van een geldboete van 200 euro en een verval van het recht tot sturen van drie maanden te vernietigen, gezien deze straffen wettig zijn opgelegd ingevolge de artikelen 29 en 30 Wegverkeerswet zoals geldig ten tijde van de feiten (Over de cassatie beperkt tot herstelexamens zie Cass. 30 oktober 2012, AR P.12.0332.N ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20121030.15, AC 2012, nr. 573; Cass. 8 februari 2017, AR P.17.0046.F ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170208.3 concl. Adv. Gen. M. NOLET DE BRAUWERE en Cass. 17 april 2018, AR P.17.1093.N ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180417.4). Verder heeft de politierechtbank van Antwerpen, afd. Turnhout, E. L. bij verstek veroordeeld op 31 mei 2019 tot een hoofdgevangenisstraf van één jaar en het verval van het recht alle motorvoertuigen te besturen voor een termijn van vijf jaar wegens het op 20 april 2017 en 25 april 2017 besturen van een motorvoertuig zonder de herstelexamens te hebben ondergaan die hem bij vermeld vonnis van 10 februari 2012 waren opgelegd (inbreuk op artikel 48 lid. 1.2° Wegverkeerswet, telastleggingen B en D). Gezien vermelde herstelexamens zijn opgelegd in strijd met het toen geldende artikel 38 §3 Wegverkeerswet, was er geen wettelijke grond om E. L. te veroordelen voor een inbreuk op art. 48 lid 1.2 Wegverkeerswet. Het hoger beroep van E. L. tegen dit vonnis, ingesteld op 7 oktober 2019, werd onontvankelijk verklaard bij vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, afd. Turnhout, van 19 december 2019. Uit de stukken blijkt niet dat betrokkene voorafgaand aan zijn hoger beroep of gelijktijdig met dit rechtsmiddel verzet heeft ingesteld tegen het verstekvonnis van 31 mei 2019. Tegen het vonnis in hoger beroep heeft betrokkene geen cassatieberoep ingesteld. Het is derhalve aangewezen om ook het verstekvonnis van 31 mei 2019 te vernietigen, wat betreft de veroordeling wegens de telastleggingen B en D. Om deze redenen vordert ondergetekende Procureur-generaal dat het aan het Hof behage, de aangegeven vonnissen deels te vernietigen, namelijk het vonnis van de politierechtbank te Turnhout van 10 februari 2012 (vonnisnr. 2012/1201, dossiernr. 12T001533) en het vonnis van de politierechtbank te Antwerpen, afdeling Turnhout, van 31 mei 2019 (vonnisnr. 2019/3601, dossiernr. 19T003420, beperkt tot resp. het opleggen van een theoretisch en praktisch herstelexamen en de veroordeling wegens telastleggingen B en D, en te zeggen dat er geen grond is tot verwijzing van de zaak. Brussel, 8 april 2022. Voor de Procureur-generaal, De advocaat-generaal, w.g.) Bart De Smet” II. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De vordering beoogt de vernietiging wegens schending van de wet van het vonnis van de politierechtbank Turnhout van 10 februari 2012 en het vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Turnhout, van 31 mei 2019. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling De vordering van de procureur-generaal bij het Hof is om de erin vermelde redenen en gelet op de bijgevoegde stukken gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt: - het vonnis van de politierechtbank Turnhout van 10 februari 2012 (2012/1201 – 12T00153) in zoverre dit het herstel in het recht motorvoertuigen te besturen afhankelijk maakt van het slagen in een theoretisch en praktisch examen; - het vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Turnhout, van 31 mei 2019 (2019/3601 - 19T003420) in zoverre het E. L. voor de feiten B en D samen veroordeelt tot een hoofdgevangenisstraf van één jaar, hem daarvoor vervallen verklaart van het recht alle motorvoertuigen te besturen voor een termijn van vijf jaar en hem veroordeelt tot betaling van een bijdrage aan het Slachtofferfonds van 200,00 euro. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van de beide gedeeltelijk vernietigde vonnissen. Laat de kosten ten laste van de Staat. Zegt dat er geen grond is tot verwijzing. Bepaalt de kosten tot op heden op 0 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Antoine Lievens, Erwin Francis, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 3 mei 2022 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220503.2N.13 Gerelateerde publicatie(
- s)citeert: ECLI:BE:CASS:2012:ARR.20121030.15 ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170208.3 ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20180417.4 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240409.2N.14 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div