id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 31 mei 2022 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220531.2N.10 Rolnummer: P.22.0620.N Zaak: D. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Internationaal publiekrecht - Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2022-06-03 Raadplegingen: 797 - laatst gezien 2026-06-15 05:52 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 3 De strafuitvoeringsrechtbank miskent het vermoeden van onschuld niet door op basis van feitelijke gegevens en na een tegensprekelijk debat te oordelen dat een veroordeelde een als voorwaarde voor een strafuitvoeringsmodaliteit opgelegd contactverbod niet heeft nageleefd. Thesaurus CAS: RECHTEN VAN DE MENS - VERDRAG RECHTEN VAN DE MENS - Artikel 6 - Artikel 6.2 Vrije woorden: Vermoeden van onschuld - Strafuitvoering - Strafuitvoeringsrechtbank - Strafuitvoeringsmodaliteiten - Oordeel dat de veroordeelde een voorwaarde bij de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit niet naleeft - Draagwijdte Thesaurus CAS: RECHTSBEGINSELEN (ALGEMENE) Vrije woorden: Vermoeden van onschuld - Strafuitvoering - Strafuitvoeringsrechtbank - Strafuitvoeringsmodaliteiten - Oordeel dat de veroordeelde een voorwaarde bij de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit niet naleeft - Draagwijdte Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Vrije woorden: Strafuitvoering - Strafuitvoeringsrechtbank - Strafuitvoeringsmodaliteiten - Oordeel dat de veroordeelde een voorwaarde bij de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit niet naleeft - Draagwijdte Tekst van de beslissing Nr. P.22.0620.N M. P. M. D. C., veroordeelde tot vrijheidsstraf, ter beschikking gesteld van de strafuitvoeringsrechtbank, gedetineerd, eiser, met als raadsman mr. Stephen Schellinck, advocaat bij de balie Dendermonde, met kantoor te 9340 Lede, Kasteeldreef 48, waar de eiser woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de strafuitvoeringsrechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Gent, van 2 mei
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van artikel 6 EVRM en miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van het vermoeden van onschuld: het vonnis grondt de tegenaanwijzing van het recidiverisico op de niet-naleving van de voorwaarde 9 bij het toekennen van de beperkte detentie, terwijl daarover geen enkel onderzoek werd gevoerd, geen getuigen werden gehoord en ter zake geen enkel bewijselement voorhanden is.
- De strafuitvoeringsrechtbank miskent het vermoeden van onschuld niet door op basis van feitelijke gegevens en na een tegensprekelijk debat te oordelen dat een veroordeelde een als voorwaarde voor een strafuitvoeringsmodaliteit opgelegd contactverbod niet heeft nageleefd. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet: het vonnis antwoordt niet op de op de rechtszitting van de strafuitvoeringsrechtbank neergelegde stukken en evenmin op de per e-mail aan de griffie toegezonden conclusie.
- Artikel 149 Grondwet legt aan de strafuitvoeringsrechtbank niet de verplichting op te antwoorden op de op de rechtszitting ingediende stukken of op een conclusie die slechts per e-mail aan de griffie werd toegezonden, zonder dat ze werd ingediend ter rechtszitting of er werd hernomen. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten Bepaalt de kosten op 6,11 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Sidney Berneman, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 31 mei 2022 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220531.2N.10 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div