id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 16 september 2022 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220916.1N.10 Vervangt nummer: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220902.1N.5 Rolnummer: C.22.0035.N Zaak: PENTAHOLD contra R. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2022-09-20 Raadplegingen: 1713 - laatst gezien 2026-06-19 05:26 Versie(s): Vertaling FR Fiches 1 - 2 De rechter die een voorafgaande maatregel beveelt, hetzij om de vordering te onderzoeken hetzij om de toestand van partijen voorlopig te regelen, zonder daarbij een beslissing te nemen over de ontvankelijkheid of de gegrondheid van de vordering, neemt een beslissing alvorens recht te spreken waartegen geen onmiddellijk hoger beroep openstaat, ook al bestond over die maatregel tussen de partijen betwisting en hebben zij erover debat gevoerd, dit ongeacht de aard van de betwisting die voor de rechter over een op grond van artikel 19, derde lid, Gerechtelijk Wetboek gevorderde voorafgaande maatregel werd gevoerd. Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen Vrije woorden: Gevorderde voorafgaande maatregel - Betwisting - Aard van de betwisting - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 19, derde lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN (HANDELSZAKEN EN SOCIALE ZAKEN INBEGREPEN) - Beslissingen en partijen Vrije woorden: Gevorderde voorafgaande maatregel - Betwisting - Aard van de betwisting - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 19, derde lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Fiches 3 - 4 Elke beslissing die de rechter neemt in het raam van een vordering tot het bevelen van een voorafgaande maatregel, na beoordeling van de middelen van de partijen, is een beslissing alvorens recht te spreken waartegen geen onmiddellijk hoger beroep openstaat en waarmee de rechter aldus geen geschilpunt in de zin van artikel 19, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek beslecht, doch enkel, alvorens enig geschilpunt te beslechten, de vordering beoordeelt tot het bevelen van een voorafgaande maatregel. Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - BURGERLIJKE ZAKEN - Algemeen Vrije woorden: Gevorderde voorafgaande maatregel - Betwisting - Aard van de beslissing - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 19, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - BURGERLIJKE ZAKEN (HANDELSZAKEN EN SOCIALE ZAKEN INBEGREPEN) - Beslissingen en partijen Vrije woorden: Gevorderde voorafgaande maatregel - Betwisting - Aard van de beslissing - Gevolg Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 19, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Annotaties Publicaties: TRV-RPS-Tijdschrift voor rechtspersoon en vennootschap - 2023, nr. 3, p. 160-
- - DEFERME, Driek; VERHULST, Michel; Noot''Beslissing alvorens recht te doen'is beslissing alvorens recht te doen' Tekst van de beslissing Nr. C.22.0035.N PENTAHOLD nv, met zetel te 9831 Sint-Martens-Latem (Deurle), Xavier De Cocklaan 72, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0882.459.577, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist en mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaten bij het Hof van Cassatie, beiden met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen
- J. R.,
- L. V.,
- N. V., eerste tot en met derde verweerders, vertegenwoordigd door mr. Paul Lefebvre, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1050 Brussel, Louizalaan 480, bus 9, waar de eerste tot en met derde verweerders woonplaats kiezen,
- V!GO INTERNATIONAL nv, met zetel te 9230 Wetteren, Biezeweg 13, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0838.892.127,
- OTTOBOCK SE & CO. KGAA, vennootschap naar Duits recht, met zetel te 37115 Duderstadt (Duitsland), Max-Näder-Strasse 15, vierde en vijfde verweersters. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 23 december
- Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Els Herregodts heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Tweede onderdeel
- Artikel 19, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat het vonnis een eindvonnis is voor zover daarmee de rechtsmacht van de rechter over een geschilpunt is uitgeput, behoudens de bij wet bepaalde rechtsmiddelen. Artikel 19, derde lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat de rechter, alvorens recht te spreken, in elke stand van de rechtspleging, een voorafgaande maatregel kan bevelen om de vordering te onderzoeken of een tussengeschil te regelen dat betrekking heeft op een dergelijke maatregel, dan wel de toestand van de partijen voorlopig te regelen.
- Artikel 1050, tweede lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat tegen een beslissing inzake bevoegdheid of, tenzij de rechter ambtshalve of op verzoek van een van de partijen anders bepaalt, een beslissing alvorens recht te spreken slechts hoger beroep kan worden ingesteld samen met het hoger beroep tegen het eindvonnis.
- Met ‘eindvonnis’ in de zin van artikel 19, eerste lid, en 1050 Gerechtelijk Wetboek doelt de wetgever op een eindbeslissing waarmee de rechter een geschilpunt definitief beslecht, zodat hij zijn rechtsmacht over dat punt uitput.
- Uit het geheel van voormelde wetsbepalingen volgt dat de rechter die een voorafgaande maatregel beveelt, hetzij om de vordering te onderzoeken hetzij om de toestand van de partijen voorlopig te regelen, zonder daarbij een beslissing te nemen over de ontvankelijkheid of de gegrondheid van de vordering, een beslissing neemt alvorens recht te spreken waartegen geen onmiddellijk hoger beroep openstaat, ook al bestond over die maatregel tussen de partijen betwisting en hebben zij erover debat gevoerd. Dit geldt ongeacht de aard van de betwisting die voor de rechter over een op grond van artikel 19, derde lid, Gerechtelijk Wetboek gevorderde voorafgaande maatregel werd gevoerd. Elke beslissing die de rechter neemt in het raam van een vordering tot het bevelen van een voorafgaande maatregel, na beoordeling van de middelen van de partijen, is een beslissing alvorens recht te spreken waartegen geen onmiddellijk hoger beroep openstaat. De rechter beslecht aldus geen geschilpunt in de zin van artikel 19, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek. Hij beoordeelt enkel, alvorens enig geschilpunt te beslechten, de vordering tot het bevelen van een voorafgaande maatregel. Dergelijke beoordeling en beslissing laat, ongeacht de door de rechter gebruikte bewoordingen, de latere beoordeling en beslissing door de rechter onverlet. De omstandigheid dat de rechter daarbij feitelijke vaststellingen doet, met beoordeling van de middelen van de partijen, neemt niet weg dat het gaat om een beslissing alvorens recht te spreken waartegen geen onmiddellijk hoger beroep openstaat. Bij de bedoelde beoordeling beslecht hij immers geen geschilpunt in de zin van artikel 19, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek. Hij beoordeelt enkel, alvorens enig geschilpunt te beslechten, de vordering tot het bevelen van een voorafgaande maatregel.
- Hiervan te onderscheiden is het geval dat de rechter, onafhankelijk van enige voorafgaande maatregel, een geschilpunt definitief beslecht en zodoende zijn rechtsmacht over dat punt uitput. Alsdan bevat het tussenvonnis, los van de voorafgaande maatregel, een eindbeslissing en is het bijgevolg onmiddellijk appellabel.
- Uit de stukken waarop het Hof kan acht slaan, blijkt dat de eerste rechter bij wijze van onderzoeksmaatregel de overlegging van een aantal stukken heeft bevolen. Hij verklaarde uitdrukkelijk deze maatregel te bevelen in het raam van artikel 19, derde lid, Gerechtelijk Wetboek zonder enige beslissing te nemen over de ontvankelijkheid of gegrondheid van de vordering van de eiseres. Hij verklaarde verder dat de maatregel de partijen geenszins belet om later alle mogelijke middelen aan te voeren tot inwilliging of afwijzing van de vordering van de eiseres.
- De appelrechters die oordelen dat het beroepen vonnis, gelet op de feitelijke vaststellingen van de eerste rechter, met beoordeling van de middelen van de partijen, een eindbeslissing bevat en bijgevolg onmiddellijk appellabel is, verantwoorden hun beslissing niet naar recht. Het onderdeel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 16 september 2022 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Ria Mortier, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220916.1N.10 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20250530.1N.5 ECLI:BE:CASS:2026:CONC.20260416.1N.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div