id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 30 september 2022 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220930.1N.7 Rolnummer: D.21.0001.N Zaak: B. contra BEROEPSINSTITUUT VAN VASTGOEDMAKELAARS Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2022-10-10 Raadplegingen: 976 - laatst gezien 2026-06-16 03:57 Versie(s): Vertaling FR Fiche 1 Wanneer een plaatsvervangend lid een plaatsvervanging waarneemt en aldus de zetel van de kamer van beroep vervolledigt, wordt de werkend rechter die hij vervangt geacht te zijn verhinderd; noch artikel 58 KB Vastgoedmakelaars, noch enige andere in het onderdeel aangewezen bepaling vereist dat de verhindering van het werkend lid en de oproeping van de plaatsvervanger uitdrukkelijk wordt vastgesteld in de beslissing, het proces-verbaal van de terechtzitting of enig stuk dat aan het dossier van de rechtspleging wordt toegevoegd. Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - TUCHTZAKEN Vrije woorden: Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars - Kamer van beroep - Samenstelling van de zetel - Plaatsvervangend lid Wettelijke bepalingen: KB 20 juli 2012 tot bepaling van de regels inzake de organisatie en de werking van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars - 20-07-2012 - Art. 58 - 42 ELI link Pub nr 2012011347 Fiche 2 Indien de voorzitter van de kamer of een werkend of plaatsvervangend lid in de onmogelijkheid verkeert om de beslissing te ondertekenen, is de beslissing geldig met de handtekening van de overige leden die ze hebben uitgesproken wanneer de secretaris van die onmogelijkheid melding maakt onderaan op de akte
(1).
(1)Zie Cass. 5 november 2014, AR P.14.1383.F ECLI:BE:CASS:2014:ARR.20141105.2, AC 2014, nr.
- Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - TUCHTZAKEN Vrije woorden: Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars - Kamer van beroep - Onmogelijkheid om te ondertekenen Wettelijke bepalingen: KB 20 juli 2012 tot bepaling van de regels inzake de organisatie en de werking van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars - 20-07-2012 - Artt. 53, derde en vierde lid, 54 en 65, eerste en tweede lid - 42 ELI link Pub nr 2012011347 Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 785, eerste lid - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Tekst van de beslissing Nr. D.21.0001.N I. B., eiseres, vertegenwoordigd door mr. Martin Lebbe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1060 Brussel, Jourdanstraat 31, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen BEROEPSINSTITUUT VAN VASTGOEDMAKELAARS, met zetel te 1000 Brussel, Luxemburgstraat 16, bus B, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0267.300.821, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1150 Brussel, Laurierlaan 1, waar de verweerder woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen de beslissing van de Nederlandstalige kamer van beroep van het Beroepsinstituut van vastgoedmakelaars van 11 december
- Sectievoorzitter Koen Mestdagh heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, drie middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Derde middel Eerste onderdeel
- Overeenkomstig artikel 8, § 2, van het koninklijk besluit van 20 juli 2012 tot bepaling van de regels inzake de organisatie en de werking van het Beroepsinstituut van vastgoedmakelaars, hierna KB Vastgoedmakelaars, bestaat elke kamer van beroep uit een voorzitter en twee werkende leden, een plaatsvervangende voorzitter en zes plaatsvervangende leden. Krachtens artikel 57, eerste lid, KB Vastgoedmakelaars legt de voorzitter de datum vast waarop de aan de kamer van beroep voorgelegde zaken zullen worden onderzocht. Krachtens artikel 58 KB Vastgoedmakelaars roept de secretaris de werkende leden van de kamer van beroep op voor de vastgestelde zitting. Als een werkend lid verhinderd is, roept de secretaris een plaatsvervanger op. Uit deze bepalingen volgt dat de plaatsvervangende leden de werkende leden kunnen vervangen, wanneer deze laatste verhinderd zijn.
- Wanneer een plaatsvervangend lid een plaatsvervanging waarneemt en aldus de zetel van de kamer van beroep vervolledigt, wordt de werkend rechter die hij vervangt geacht te zijn verhinderd. Noch artikel 58 KB Vastgoedmakelaars, noch enige andere in het onderdeel aangewezen bepaling vereist dat de verhindering van het werkend lid en de oproeping van de plaatsvervanger uitdrukkelijk wordt vastgesteld in de beslissing, het proces-verbaal van de terechtzitting of enig stuk dat aan het dossier van de rechtspleging wordt toegevoegd. Het onderdeel dat van een andere rechtsopvatting uitgaat, faalt naar recht. Tweede onderdeel
- Overeenkomstig artikel 53, derde lid, KB Vastgoedmakelaars worden de beslissingen met redenen omkleed en vermelden zij onder meer de namen en voornamen van de leden van de kamer die hebben deelgenomen aan de beraadslaging. Krachtens artikel 54 KB Vastgoedmakelaars beraadslagen de kamers van beroep slechts op geldige wijze indien de voorzitter of zijn plaatsvervanger en twee werkende of plaatsvervangende leden aanwezig zijn. De beslissingen worden genomen bij meerderheid van stemmen.
- Artikel 65, eerste lid, KB Vastgoedmakelaars bepaalt dat voor de nationale raad, elke uitvoerende kamer en kamer van beroep, alsmede voor de verenigde kamers, de nationale raad een secretaris en één of meerdere plaatsvervangende secretarissen aanwijst onder de personeelsleden van het Instituut. Krachtens artikel 65, tweede lid, KB Vastgoedmakelaars wonen de secretarissen de beraadslagingen bij en notuleren zij de beslissingen. Zij stellen de notulen van de vergaderingen op en ondertekenen ze samen met de voorzitter. Volgens artikel 53, vierde lid, KB Vastgoedmakelaars worden de beslissingen van de kamer door de secretaris ter kennis gebracht binnen 15 dagen na de uitspraak. Uit deze bepalingen volgt dat de secretaris de functie van griffier van het rechtscollege vervult.
- Artikel 785, eerste lid, Gerechtelijk Wetboek bepaalt dat indien de voorzitter of een van de rechters in de onmogelijkheid verkeert om het vonnis te ondertekenen, de griffier daarvan melding maakt onderaan op de akte en de beslissing geldig is met de handtekening van de overige rechters die ze hebben uitgesproken.
- Uit het geheel van de voormelde bepalingen volgt dat indien de voorzitter van de kamer of een werkend of plaatsvervangend lid in de onmogelijkheid verkeert om de beslissing te ondertekenen, de beslissing geldig is met de handtekening van de overige leden die ze hebben uitgesproken wanneer de secretaris van die onmogelijkheid melding maakt onderaan op de akte. Het onderdeel dat ervan uitgaat dat de secretaris van de kamer van beroep niet rechtsgeldig kan vaststellen en onderaan op de akte bevestigen dat een lid in de onmogelijkheid verkeert om de beslissing te ondertekenen, omdat geen enkele wettelijke bepaling uitdrukkelijk bepaalt dat de secretaris authenticiteit verleent aan de formaliteiten waarvan de vervulling door hem moet worden vastgesteld, berust op een onjuiste rechtsopvatting en faalt bijgevolg naar recht. Overige grieven
- De overige grieven kunnen niet tot ruimere cassatie leiden. Dictum Het Hof, Vernietigt de bestreden beslissing in zoverre zij zegt voor recht dat alle rechten met betrekking tot het stagemeesterschap vervallen zijn in hoofde van de eiseres vanaf de 61ste dag na de kennisgeving van de beslissing. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van de gedeeltelijk vernietigde beslissing. Veroordeelt de eiseres en de verweerder elk tot de helft van de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiser op 317,61 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de Nederlandstalige kamer van beroep van het Beroepsinstituut van vastgoedmakelaars, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Koen Mestdagh, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 30 september 2022 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220930.1N.7 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2014:ARR.20141105.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div