← België

BANK NAGELMACKERS nv contra MULTISERVICE REIZEN nv

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 06 januari 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230106.1N.2 Rolnummer: C.19.0230.N Zaak: BANK NAGELMACKERS nv contra MULTISERVICE REIZEN nv Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Belastingrecht - Constitutioneel recht - Overige Invoerdatum: 2023-02-03 Raadplegingen: 675 - laatst gezien 2026-06-15 08:02 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Noch de minister van Financiën, noch de btw-administratie kan met de belastingschuldige een bindend akkoord sluiten waarin een ander dan het wettelijk verschuldigd btw-tarief wordt gehanteerd. Thesaurus CAS: BELASTING OVER DE TOEGEVOEGDE WAARDE Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Art. 172 - 30 ELI link Pub nr 1994021048 Wet 3 juli 1969 tot invoering van de belasting over de toegevoegde waarde - 03-07-1969 - Art. 84 - 32 Link Justel databank 19690703-32 Thesaurus CAS: GRONDWET - GRONDWET 1994 (ART. 100 TOT EINDE) - Artikel 172 Wettelijke bepalingen: De gecoördineerde Grondwet 1994 - 17-02-1994 - Art. 172 - 30 ELI link Pub nr 1994021048 Wet 3 juli 1969 tot invoering van de belasting over de toegevoegde waarde - 03-07-1969 - Art. 84 - 32 Link Justel databank 19690703-32 Fiche 3 De rechter die een betwisting opwerpt waarvan de partijen bij conclusie het bestaan hebben uitgesloten, miskent het beschikkingsbeginsel. Thesaurus CAS: CASSATIEMIDDELEN - ALGEMEEN Tekst van de beslissing Nr. C.19.0230.N BANK NAGELMACKERS, nv, met zetel te 1210 Sint-Joost-ten-Node, Sterrenkundelaan 23, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0404.140.107, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen MULTISERVICE REIZEN nv, met zetel te 9400 Ninove, Centrumlaan 4, bus 2, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0445.785.274, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Martin Lebbe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1060 Brussel, Jourdanstraat 31, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 23 januari

  1. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft op 1 december 2022 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Johan Van der Fraenen heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel Eerste onderdeel
  2. Krachtens artikel 172, eerste lid, Grondwet kunnen inzake belastingen geen voorrechten worden ingevoerd. Krachtens het tweede lid van die bepaling kan geen vrijstelling of vermindering van belasting worden ingevoerd dan door een wet. Krachtens artikel 84, tweede lid, Btw-wetboek treft de minister van Financiën met de belastingschuldigen dadingen, voor zover deze niet leiden tot vrijstelling of vermindering van belasting. Uit het geheel van die bepalingen volgt dat noch de minister van Financiën noch de btw-administratie met de belastingschuldige een bindend akkoord kan sluiten waarin een ander dan het wettelijk verschuldigd btw-tarief wordt gehanteerd.
  3. De appelrechters oordelen dat op de prestaties, zoals omschreven in de facturen, een btw-tarief van 21 pct. geldt en geven tevens impliciet maar zeker te kennen dat het minnelijk akkoord onwettig was omdat op de prestaties, zoals omschreven in de facturen, het btw-tarief van 21 pct. en geen lager tarief van toepassing is.
  4. De appelrechters die weigeren om uitwerking te geven aan het tussen de fiscale administratie en de verweerster gesloten akkoord dat op onwettige wijze een verminderd btw-tarief hanteert, schenden geen van de in het onderdeel aangewezen wettelijke bepalingen. Het onderdeel kan niet worden aangenomen. Tweede onderdeel (…) Tweede middel
  5. De rechter die een betwisting opwerpt waarvan de partijen bij conclusie het bestaan hebben uitgesloten, miskent het beschikkingsbeginsel.
  6. In zoverre het middel aanvoert dat de appelrechters, door de interest op het terug te betalen bedrag toe te kennen vanaf 30 september 2007 terwijl de eiseres interest vorderde vanaf 13 januari 2007 en de verweerster hierover geen afzonderlijk verweer voerde, het algemeen rechtsbeginsel miskennen overeenkomstig hetwelk de rechter ertoe gehouden is het geschil te beslechten overeenkomstig de erop van toepassing zijnde rechtsregel, is het niet ontvankelijk. (…) Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 645,04 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 6 januari 2023 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Johan Van der Fraenen, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230106.1N.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.