id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 februari 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2
Art. 425
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Fiches 2 - 3 Er wordt geen akte verleend van de afstand zonder berusting van het cassatieberoep dat werd ingesteld door het afleggen van een verklaring van cassatieberoep door een advocaat die houder is van het in artikel 425, § 1, tweede lid, Wetboek van Strafvordering bedoelde getuigschrift voldoet aan de in het eerste lid van die bepaling opgelegde voorwaarde, waarbij als reden voor de afstand werd aangebracht dat de advocaat optrad ‘loco' voor een advocaat die geen houder is van het getuigschrift
(1).
(1)Cass. 8 oktober 2019, AR P.19.0317.N ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191008.1, AC 2019, nr. 506, met concl. van advocaat-generaal L. DECREUS; Cass. 5 juni 2019 AR P.19.0247.F ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190605.2, AC 2019, nr. 350. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Afstand - Strafvordering Wettelijke bepalingen: Wetboek
Art. 425
- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: ADVOCAAT Wettelijke bepalingen: Wetboek
Art. 425- 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr.
P.23.0028.N I en II B. J., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Michaël Bracke, advocaat bij de balie Dendermonde. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Oost-Vlaanderen, afdeling Dendermonde, van 23 november
- De eiser doet afstand van het cassatieberoep I in zoverre dit cassatieberoep niet voldoet aan de voorschriften van artikel 425, § 1, Wetboek van Strafvordering. De eiser voert in een memorie grieven aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Afstand van het cassatieberoep I
- De eiser heeft op 7 december 2022 cassatieberoep ingesteld door het afleggen van een verklaring van cassatieberoep ter griffie van het appelgerecht door mr. Michaël Bracke, advocaat bij de balie Dendermonde, houder van het getuigschrift van een opleiding in cassatieprocedures als bedoeld in boek II, titel III Wetboek van Strafvordering loco mr. Matthias Coppens, advocaat bij de balie Dendermonde, die geen houder is van dit getuigschrift.
- Met een ter griffie van het Hof op 27 februari 2023 ontvangen akte doet de eiser afstand van dit cassatieberoep “alleen (…) omdat en in zover dit cassatieberoep van 7 december 2022 niet overeenkomstig de voorschriften van artikel 425, § 1, tweede lid, Wetboek van Strafvordering werd ingesteld en derhalve niet ontvankelijk is”.
- Het cassatieberoep I dat werd ingesteld door het afleggen van een verklaring van cassatieberoep door een advocaat die houder is van het in artikel 425, § 1, tweede lid, Wetboek van Strafvordering bedoelde getuigschrift voldoet aan de in het eerste lid van die bepaling opgelegde voorwaarde. De omstandigheid dat die advocaat bovendien verklaart op te treden voor een advocaat die geen houder is van het getuigschrift doet daaraan geen afbreuk. Er wordt geen akte verleend van de afstand. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep II
- Volgens artikel 419 Wetboek van Strafvordering kan behoudens in hier niet toepasselijke gevallen niemand een tweede maal cassatieberoep instellen tegen dezelfde beslissing.
- Het door de eiser op 8 december 2022 ingestelde cassatieberoep II, nadat hij reeds op 7 december 2022 tegen dezelfde beslissing het cassatieberoep I had ingesteld, is niet ontvankelijk. Ontvankelijkheid van de memorie
- Volgens artikel 429, tweede lid, Wetboek van Strafvordering kan de eiser in cassatie geen memorie meer indienen na verloop van twee maanden volgend op de verklaring van cassatieberoep.
- De door de eiser ingediende memorie werd ontvangen ter griffie van het Hof op woensdag 8 februari 2023, dit is buiten de termijn van twee maanden na zijn verklaring van 7 december 2022 van het cassatieberoep I, die een einde nam op dinsdag 7 februari
- De memorie is wegens laattijdigheid niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt de afstand van het cassatieberoep I. Verwerpt de cassatieberoepen I en II. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 116,11 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Sidney Berneman en Steven Van Overbeke, en op de openbare rechtszitting van 28 februari 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230228.2N.13 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190605.2 ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20191008.1 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230314.2N.12 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div