← België

T. contra V.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 17 maart 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230317.1N.2 Rolnummer: C.22.0248.N Zaak: T. contra V. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Burgerlijk recht Invoerdatum: 2023-04-04 Raadplegingen: 1307 - laatst gezien 2026-06-18 14:46 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230317.1N.2 Fiche De ingebrekestelling heeft geen stuitende werking wanneer de vermelding van het adres van de woonplaats, verblijfplaats of gekozen woonplaats onjuist is doordat de verificatieplicht niet werd nageleefd; de ingebrekestelling waarop het juiste adres is vermeld op het ogenblik van verzending heeft, mits aan de overige vereisten is voldaan, stuitende werking, ook al heeft de verzender zich niet van de juistheid van het adres vergewist aan de hand van een administratief document van minder dan een maand oud

(1).
(1)Zie gelijkluidende concl. OM. Thesaurus CAS: VERJARING - BURGERLIJKE ZAKEN - Stuiting Wettelijke bepalingen: oud Burgerlijk Wetboek - 21-03-1804 - Art. 2244, § 2, derde en vierde lid - 30 ELI link Pub nr 1804032150 Annotaties Publicaties: NJW-Nieuw juridisch weekblad - 2023, nr. 490, p.
  1. - VAN DEN ABEELE, Frederik; Noot'Stuiting verjaring door buitengerechtelijke ingebrekestelling' TBBR-Tijdschrift voor Belgisch burgerlijk recht - 2025, nr. 1, p. 17-
  2. - ROUVROY, Gilles; Noot'Het (norm)doel heiligt de middelen, ook bij een toevalstreffer' Tekst van de beslissing Nr. C.22.0248.N
  3. H. T.,
  4. I. S.,
  5. E. S., eisers, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eisers woonplaats kiezen, tegen
  6. J. V. L.,
  7. GRONDWERKEN OORTS bv, met zetel te 2110 Wijnegem, Merksemsebaan 164, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0459.167.811, verweerders, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de verweerders woonplaats kiezen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 8 maart
  8. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft op 20 januari 2023 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  9. Artikel 2244, § 2, Oud Burgerlijk Wetboek verleent slechts verjaringsstuitende werking aan een buitengerechtelijke ingebrekestelling indien voldaan is aan alle strikte voorwaarden die in deze wetsbepaling zijn bepaald.
  10. Krachtens artikel 2244, § 2, vierde lid, 2°, Oud Burgerlijk Wetboek moet de ingebrekestelling, om een verjaringsstuitende werking te hebben, volledig en uitdrukkelijk de gegevens van de schuldenaar vermelden, waaronder het adres van de woonplaats, of, in voorkomend geval, van de verblijfplaats of van de gekozen woonplaats. Artikel 2244, § 2, derde lid, Oud Burgerlijk Wetboek bevat daarenboven een verificatieplicht: de advocaat van de schuldeiser, de gerechtsdeurwaarder daartoe aangesteld door de schuldeiser of de persoon die krachtens artikel 728, § 3, Gerechtelijk Wetboek in rechte mag verschijnen namens de schuldeiser, moet zich van de juiste gegevens van de schuldenaar vergewissen aan de hand van een administratief document van minder dan een maand oud.
  11. Uit het voorgaande volgt dat de ingebrekestelling geen stuitende werking heeft wanneer de vermelding van het adres van de woonplaats, verblijfplaats of gekozen woonplaats onjuist is doordat de verificatieplicht niet werd nageleefd. De ingebrekestelling waarop het juiste adres is vermeld op het ogenblik van verzending heeft, mits aan de overige vereisten is voldaan, stuitende werking, ook al heeft de verzender zich niet van de juistheid van het adres vergewist aan de hand van een administratief document van minder dan een maand oud. De miskenning van de verificatieplicht door de verzender, die voor rekening van de schuldeiser optreedt, doet in dat geval immers geen afbreuk aan het door de wet beoogde doel, namelijk dat de schuldenaar kennis neemt van de stuiting van de verjaring, zodat een afwezigheid van stuitende werking nodeloos afbreuk zou doen aan de rechtmatige verwachtingen van de schuldeiser.
  12. De appelrechter stelt vast en oordeelt dat: - de partijen niet betwisten dat de door artikel 2262bis, § 1, tweede lid, Oud Burgerlijk Wetboek bepaalde verjaringstermijn van toepassing is, zodat de rechtsvordering van de eisers verjaart door verloop van vijf jaar vanaf de dag volgend op die waarop de benadeelde kennis heeft gekregen van de schade of van de verzwaring ervan en van de identiteit van de daarvoor aansprakelijke persoon; - de eisers uiterlijk op 14 november 2014 kennis hadden van de schade en de identiteit van de aansprakelijke personen, zodat de verjaringstermijn begon te lopen vanaf 15 november 2014; - de raadsman van de eisers op 7 november 2019 ingebrekestellingen heeft verzonden naar de verweerders bij aangetekende zending met ontvangstbewijs met het oog op de stuiting van de verjaring; - de ingebrekestellingen geen stuitende werking hebben omdat de eisers niet aantonen dat hun raadsman zich van de juiste gegevens van de verweerders heeft vergewist aan de hand van een administratief document van minder dan een maand oud; - de rechtsvordering die door de eisers werd ingesteld bij dagvaarding van 15 mei 2020 aldus verjaard is.
  13. De appelrechter die oordeelt dat de ingebrekestellingen geen stuitende werking hebben op grond van de reden dat de naleving van de verificatieplicht als zodanig één van de strikte voorwaarden voor de stuitende werking is, zonder evenwel vast te stellen dat de op de ingebrekestellingen vermelde adressen onjuist zijn, waardoor niet is komen vast te staan dat de miskenning van de verificatieplicht afbreuk deed aan het normdoel, verantwoordt zijn beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Brussel. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Sven Mosselmans, en in openbare rechtszitting van 17 maart 2023 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Vanity Vanden Hende. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230317.1N.2 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20230317.1N.2 geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240422.3F.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.