id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 26 mei 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230526.1N.5 Rolnummer: C.22.0131.N Zaak: G. contra URBAN CROP SOLUTIONS bv Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige - Burgerlijk recht Invoerdatum: 2023-07-24 Raadplegingen: 1754 - laatst gezien 2026-06-18 20:21 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Het algemeen rechtsbeginsel van het vereiste van een voorafgaande ingebrekestelling geldt bij iedere sanctie bij niet-nakoming van contractuele verbintenissen en is ook van toepassing op de in artikel 4, § 2, 4° Decreet van 19 mei 2006 betreffende de Winwinlening vervatte bepaling dat de kredietgever op eerste verzoek de Winwinlening vervroegd opeisbaar kan stellen bij de kredietnemer in het geval van een achterstand van meer dan drie maanden in de betaling van de aflossingen van de hoofdsom of de interest van de Winwinlening
(1).
(1)Zie Cass. 9 april 1976, AC 1976,
- Thesaurus CAS: RECHTSBEGINSELEN (ALGEMENE) Wettelijke bepalingen: Decr. Vl. Gemeenschap 19 mei 2006 betreffende de Winwinlening - 19-05-2006 - Art. 4, § 2, 4° - 43 ELI link Pub nr 2006035945 Thesaurus CAS: INGEBREKESTELLING Wettelijke bepalingen: Decr. Vl. Gemeenschap 19 mei 2006 betreffende de Winwinlening - 19-05-2006 - Art. 4, § 2, 4° - 43 ELI link Pub nr 2006035945 Tekst van de beslissing Nr. C.22.0131.N M.G., eiseres, vertegenwoordigd door meester Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen URBAN CROP SOLUTIONS bv, met zetel te 8791 Waregem, Grote Heerweg 67, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0505.863.116, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 9 juni
- Sectievoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
- Het algemeen rechtsbeginsel van het vereiste van een voorafgaande ingebrekestelling geldt bij iedere sanctie bij niet-nakoming van contractuele verbintenissen.
- Artikel 4, § 2, 4°, Decreet van 19 mei 2006 betreffende de Winwinlening bepaalt dat de kredietgever “op eerste verzoek” de Winwinlening vervroegd opeisbaar kan stellen bij de kredietnemer in het geval van een achterstand van meer dan drie maanden in de betaling van de aflossingen van de hoofdsom of de interest van de Winwinlening.
- Uit deze bepaling en de parlementaire voorbereiding van het decreet blijkt niet dat de decreetgever wilde afwijken van het vereiste voorafgaande ingebrekestelling bij iedere sanctie bij niet-nakoming. Het middel dat uitgaat van een andere opvatting, faalt naar recht. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 596,96 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Sven Mosselmans en Myriam Ghyselen, en in openbare rechtszitting van 26 mei 2023 uitgesproken door sectievoorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230526.1N.5 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20251002.1N.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div