id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 06 juni 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230606.2N.11 Rolnummer: P.23.0579.N Zaak: M. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2023-06-29 Raadplegingen: 893 - laatst gezien 2026-06-18 18:15 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 De rechter die zich niet uitspreekt over de vraag of aan de grondvoorwaarden voor de toepassing van artikel 65, tweede lid, Strafwetboek is voldaan, kan een verzoek om de toepassing van die bepaling niet afwijzen op de enkele grond dat de betreffende rechterlijke beslissing met de vermelding van kracht van gewijsde niet aan het dossier is toegevoegd; de rechter dient in dat geval hetzij het openbaar ministerie uit te nodigen een eensluidend verklaard afschrift te laten voegen van de beslissing met de vermelding dat ze kracht van gewijsde heeft, hetzij de beklaagde de gelegenheid te geven dit stuk alsnog over te leggen en de verdere behandeling van de zaak daartoe uit te stellen
(1).
(1)Cass. 15 maart 2016, AR P.15.1435.N ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160315.2, AC 2016, nr. 182; Cass. 17 december 2008, AR P.08.1233.F ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081217.5, AC 2008, nr. 737; Cass. 14 oktober 2008, AR P.08.0829.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081014.3, AC 2008, nr.
- Thesaurus CAS: REDENEN VAN DE VONNISSEN EN ARRESTEN - OP CONCLUSIE - Strafzaken (geestrijke dranken en douane en accijnzen inbegrepen) STRAF - SAMENLOOP - Gescheiden berechting Tekst van de beslissing Nr. P.23.0579.N M. M., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. David Frejlich, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Nederlandstalige correctionele rechtbank Brussel van 9 maart 2023 (nr. 2023/888). De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet en artikel 65, tweede lid, Strafwetboek, alsook miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van het recht van verdediging: het bestreden vonnis wijst eisers verzoek om de toepassing van artikel 65, tweede lid, Strafwetboek af omdat het betreffende vonnis zich niet in het strafdossier bevindt en ook niet wordt voorgebracht door de eiser, zonder de eiser evenwel een termijn te verlenen om dit vonnis alsnog bij te brengen.
- De rechter die zich niet uitspreekt over de vraag of aan de grondvoorwaarden voor de toepassing van artikel 65, tweede lid, Strafwetboek is voldaan, kan een verzoek om de toepassing van die bepaling niet afwijzen op de enkele grond dat de betreffende rechterlijke beslissing met de vermelding van kracht van gewijsde niet aan het dossier is toegevoegd. De rechter dient in dat geval hetzij het openbaar ministerie uit te nodigen een eensluidend verklaard afschrift te laten voegen van de beslissing met de vermelding dat ze kracht van gewijsde heeft, hetzij de beklaagde de gelegenheid te geven dit stuk alsnog over te leggen en de verdere behandeling van de zaak daartoe uit te stellen.
- Het bestreden vonnis stelt vast dat de eiser met verwijzing naar een vonnis van de politierechtbank Antwerpen, afdeling Mechelen, van 6 december 2022 om de toepassing van artikel 65, tweede lid, Strafwetboek verzoekt. Het wijst dit verzoek af op de enkele grond dat dit vonnis zich niet in het strafdossier bevindt en dat het door de eiser niet wordt bijgebracht, zodat de rechtbank niet in staat is na te gaan voor welke feiten de eiser werd veroordeeld en of dit vonnis kracht van gewijsde heeft. De afwijzing van eisers verzoek om de toepassing van artikel 65, tweede lid, Strafwetboek is dan ook niet naar recht verantwoord. Het middel is gegrond. Tweede middel
- Het middel dat niet kan leiden tot ruimere cassatie of cassatie zonder verwijzing, behoeft geen antwoord. Omvang van de cassatie
- De vernietiging van de beslissing artikel 65, tweede lid, Strafwetboek niet toe te passen leidt tot de vernietiging van de beslissing over de aan de eiser opgelegde bestraffing met inbegrip van zijn veroordeling tot de betaling van de bijdragen aan het Slachtofferfonds, maar laat de overige beslissingen van het bestreden vonnis onaangetast. Ambtshalve onderzoek voor het overige
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het de eiser veroordeelt tot straffen en de betaling van bijdragen aan het Slachtofferfonds. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Veroordeelt de eiser tot twee derden van de kosten van zijn cassatieberoep. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de correctionele rechtbank Antwerpen, rechtszitting houdend in hoger beroep. Bepaalt de kosten op 138,66 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Sidney Berneman, Eric Van Dooren en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 6 juni 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230606.2N.11 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081014.3 ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081217.5 ECLI:BE:CASS:2016:ARR.20160315.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div