id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 06 juni 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230606.2N.14 Rolnummer: P.23.0625.N Zaak: E. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige Invoerdatum: 2023-06-29 Raadplegingen: 640 - laatst gezien 2026-06-15 08:35 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiche Een bestreden vonnis dat eisers vordering om de strafvordering onontvankelijk te verklaren verwerpt, zijn verzet tegen een verstekvonnis ontvankelijk verklaart, het debat heropent om de eiser toe te laten zijn verdediging ten gronde te voeren en de zaak daartoe in voorzetting stelt op een latere rechtszitting, is geen eindbeslissing in de zin van artikel 420, eerste lid, Wetboek van Strafvordering en evenmin een beslissing als bedoeld door een van de uitzonderingsgevallen van het tweede lid van die bepaling; het cassatieberoep daartegen is wegens voorbarigheid niet ontvankelijk. Thesaurus CAS: CASSATIEBEROEP - STRAFZAKEN - Termijnen voor cassatieberoep en betekening - Strafvordering - Voorbarig cassatieberoep (geen eindbeslissing) Wettelijke bepalingen: Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 420 - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.23.0625.N B. E. F., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Carine Liekendael, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Nederlandstalige correctionele rechtbank Brussel van 1 maart
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.