id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 20 juni 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230620.2N.6 Rolnummer: P.23.0690.N Zaak: PROCUREUR DES KONINGS TE HALLE VILVOORDE c. D. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Invoerdatum: 2023-07-11 Raadplegingen: 943 - laatst gezien 2026-06-17 00:43 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiche 1 Artikel 58bis, § 1, Wegverkeerswet bepaalt dat de immobilisering van een voertuig als beveiligingsmaatregel kan worden bevolen in de gevallen bedoeld in artikel 30, § 1 tot en met § 3, Wegverkeerswet en in artikel 48 Wegverkeerswet; artikel 58bis, § 1, tweede en derde lid, bepaalt welke overheid deze beveiligingsmaatregel kan nemen; deze beveiligingsmaatregel is te onderscheiden van de in artikel 50 Wegverkeerswet bedoelde maatregel van tijdelijke immobilisering van een voertuig; die laatste maatregel kan de rechter bevelen in alle gevallen waarin tijdelijk verval van het recht tot het besturen van een voertuig als straf wordt uitgesproken, met een duur die niet langer mag zijn dan die van het tijdelijk verval van het recht tot sturen en waarvan het opleggen bovendien afhankelijk is van de veroordeling van de eiser van het voertuig wegens een inbreuk op de artikelen 32, 37, 2°, 37bis, § 1, 3°, of 49 Wegverkeerswet, indien het voertuig geen eigendom is van de dader van het misdrijf; deze in artikel 50 Wegverkeerswet bepaalde voorwaarden gelden niet voor het opleggen van de door artikel 58bis Wegverkeerswet bedoelde beveiligingsmaatregel van de immobilisering
(1).
(1)Zie alg. R. BEIRINCKX, De immobilisering in verkeerszaken door het openbaar ministerie, Kluwer, 2013, 250p.; C. DE ROY, “Beschouwingen over enkele beveiligingsmaatregelen in het Belgische verkeers(straf)recht”, in La CVDW. Liber amicorum Chris van den Wyngaert, Maklu, 2017, 127-141; I. BRUGGEMAN, “Wet betreffende de politie over het wegverkeer. Artikel 58bis”, in Het wegverkeer. De Postal. Praktisch-Snel-Gecommentarieerd', 26p. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 58 - Artikel 58bis Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 50 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 58bis, § 1 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Fiche 2 De overtreder of, indien hij niet de overtreder is, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die bewijst dat hij eigenaar is van het voertuig, kan overeenkomstig artikel 58bis, § 3, Wegverkeerswet de opheffing vragen van de immobilisering aan de daarin vermelde bevoegde overheid; ingeval van afwijzing van het door de eigenaar van het voertuig ingediend verzoek tot opheffing van de immobilisering kan die de zaak aanbrengen bij de politierechtbank volgens de in artikel 58bis, § 3/1, Wegverkeerswet bedoelde procedure
(1); uit het enkele feit dat de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, de zaak bij de politierechtbank aanhangig maakt, volgt niet dat de politierechtbank dit verzoek noodzakelijk moet inwilligen; die stelling volgt niet uit artikel 58bis, § 2, tweede lid, Wegverkeerswet dat bepaalt dat indien de eigenaar niet de overtreder is hij zonder kosten het voertuig kan terugkrijgen; de wetgever heeft met die bepaling enkel willen aangeven dat anders dan met betrekking tot de overtreder, de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, het voertuig zonder kosten kan terugkrijgen; die stelling zou bovendien aan de beveiligingsmaatregel van de immobilisering elke nuttige werking ontnemen indien het voertuig niet toebehoort aan de overtreder.
(1)Over de noodzaak tot het beroep van de eigenaar van de geïmmobiliseerde wagen bij de politierechtbank zie GwH 10 maart 2022, arrest 36/2022 en GwH 4 mei 2023, arrest 74/2023, www.const-court.be. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 58 - Artikel 58bis Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 58bis, § 2, tweede lid - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 58bis, § 3/1 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Fiche 3 Uit het doel van de door de wetgever met artikel 58bis, § 3/1, Wegverkeerswet ingevoerde regeling volgt dat indien de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, de zaak bij de politierechtbank aanhangig maakt, de politierechtbank moet onderzoeken of: 1°de beveiligingsmaatregel is genomen door een bevoegde overheid; 2°de voorwaarden voor het bevelen van de beveiligingsmaatregel zijn vervuld en meer bepaald of er aanwijzingen zijn voor een overtreding als bedoeld in de artikelen 30, § 1 tot en met § 3, en 48, Wegverkeerswet; 3°niet is voldaan aan de in artikel 58bis, § 3, tweede lid, Wegverkeerswet bepaalde voorwaarden voor opheffing van de maatregel; en 4°in het licht van het met de immobilisering beoogde doel en rekening houdend met de concrete omstandigheden van de zaak waaronder de band tussen de overtreder en de eigenaar van het voertuig, de voortzetting van de immobilisering geen onevenredige aantasting inhoudt van de rechten van de eigenaar van het voertuig. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 58 - Artikel 58bis Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 58bis, § 3/1 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Tekst van de beslissing Nr. P.23.0690.N PROCUREUR DES KONINGS TE HALLE-VILVOORDE, eiser, tegen D. K. S. W. gcv, verzoekster tot opheffing van de immobilisering van een voertuig, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de politierechtbank Vilvoorde van 24 februari
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. RELEVANTE GEGEVENS
- Tegen S. W. wordt op 9 januari 2023 proces-verbaal opgesteld omdat hij bestuurder is van een voertuig Porsche Macan met kentekenplaat (…) en chassisnummer (…), terwijl tegen hem een vervallenverklaring van het recht tot het besturen van een motorvoertuig en een vervallenverklaring wegens lichamelijke ongeschiktheid in uitvoering zijn. De parketmagistraat beslist tot immobilisering van dit voertuig wegens overtreding van artikel 48, eerste lid, 1°, Wegverkeerswet.
- Tegen S. W. wordt op 14 januari 2023 proces-verbaal opgesteld omdat hij bestuurder is van een vrachtauto Fiat met kentekenplaat (…) en chassisnummer (…) terwijl wat hem betreft een vervallenverklaring van het recht tot het besturen van een motorvoertuig en een vervallenverklaring wegens lichamelijke ongeschiktheid in uitvoering zijn. De parketmagistraat beslist tot immobilisering van dit voertuig wegens overtreding van de artikelen 30, § 1, en 48, eerste lid, 1°, Wegverkeerswet.
- De eiser gaat niet in op de verzoeken van de verweerster om deze immobiliseringen te beëindigen.
- Op 13 februari 2023 worden ter griffe door de verweerster verzoekschriften ingediend strekkende tot de opheffing van de immobilisering van het voertuig Porsche Macan en de vrachtauto Fiat.
- Bij vonnis van 24 februari 2023 van de politierechtbank Vilvoorde wordt geoordeeld als volgt: - de beide verzoeken worden samengevoegd; - de verzoekschriften zijn ontvankelijk; - de verweerster is eigenaar van de voertuigen; - de overtreder is enig zaakvoerder van de verweerster; - het dossier bevat aanwijzingen dat S. W. vervallen is van het recht tot sturen; - artikel 58bis, § 2, Wegverkeerswet bepaalt dat de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, zonder kosten het voertuig kan terugkrijgen; - aangezien de rechtbank de eigenaar van het voertuig niet kan veroordelen voor enige overtreding moet de vrijgave van de beide voertuigen worden bevolen.
- Het vonnis verklaart de verzoeken dan ook gegrond en beveelt de beëindiging van de immobilisering van de beide voertuigen.
- Tegen dit vonnis heeft de eiser op 6 maart 2023 cassatieberoep ingesteld. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
- Het middel voert schending aan van artikel 58bis Wegverkeerswet: met het oordeel dat aangezien er geen mogelijkheid is om de eigenaar te veroordelen voor enige overtreding op de Wegverkeerswet de rechtbank bij toepassing van artikel 58bis, § 2, Wegverkeerswet de vrijgave moet bevelen van de voertuigen, voegt de rechtbank voor de immobilisering een niet bij de wet bepaalde voorwaarde toe; voor de immobilisering als beveiligingsmaatregel op grond van artikel 58bis, § 2, Wegverkeerswet is geen overtreding door de eigenaar vereist; het is een maatregel die kan worden opgelegd indien de bestuurder een inbreuk pleegt op de artikelen 30 of 48 Wegverkeerswet; de rechtbank is bovendien niet bevoegd om te oordelen over eventuele inbreuken door de bestuurder of de eigenaar; de vergelijking die de rechtbank maakt met artikel 50 Wegverkeerswet gaat niet op want die bepaling betreft een door de rechtbank bij een veroordeling uit te spreken immobilisering; de verwijzing naar artikel 58bis, § 2, tweede lid, Wegverkeerswet kan evenmin overtuigen want daaruit volgt enkel dat de eigenaar het voertuig kosteloos kan recupereren; de politierechtbank had de maatregelen moeten toetsen aan de beginselen van proportionaliteit en redelijkheid, waaraan in deze zaak was voldaan.
- Artikel 58bis, § 1, Wegverkeerswet bepaalt dat de immobilisering van een voertuig als beveiligingsmaatregel kan worden bevolen in de gevallen bedoeld in artikel 30, § 1 tot en met § 3, Wegverkeerswet en in artikel 48 Wegverkeerswet. Artikel 58bis, § 1, tweede en derde lid, bepaalt welke overheid deze beveiligingsmaatregel kan nemen.
- Deze beveiligingsmaatregel is te onderscheiden van de in artikel 50 Wegverkeerswet bedoelde maatregel van tijdelijke immobilisering van een voertuig: die laatste maatregel kan de rechter bevelen in alle gevallen waarin tijdelijk verval van het recht tot het besturen van een voertuig als straf wordt uitgesproken, met een duur die niet langer mag zijn dan die van het tijdelijk verval van het recht tot sturen en waarvan het opleggen bovendien afhankelijk is van de veroordeling van de eiser van het voertuig wegens een inbreuk op de artikelen 32, 37, 2°, 37bis, § 1, 3°, of 49 Wegverkeerswet, indien het voertuig geen eigendom is van de dader van het misdrijf. Deze in artikel 50 Wegverkeerswet bepaalde voorwaarden gelden niet voor het opleggen van de door artikel 58bis Wegverkeerswet bedoelde beveiligingsmaatregel van de immobilisering.
- De overtreder of, indien hij niet de overtreder is, de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die bewijst dat hij eigenaar is van het voertuig, kan overeenkomstig artikel 58bis, § 3, Wegverkeerswet de opheffing vragen van de immobilisering aan de daarin vermelde bevoegde overheid.
- Ingeval van afwijzing van het door de eigenaar van het voertuig ingediend verzoek tot opheffing van de immobilisering kan die de zaak aanbrengen bij de politierechtbank volgens de in artikel 58bis, § 3/1, Wegverkeerswet bedoelde procedure.
- Uit het enkele feit dat de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, de zaak bij de politierechtbank aanhangig maakt, volgt niet dat de politierechtbank dit verzoek noodzakelijk moet inwilligen. Die stelling volgt niet uit artikel 58bis, § 2, tweede lid, Wegverkeerswet dat bepaalt dat indien de eigenaar niet de overtreder is hij zonder kosten het voertuig kan terugkrijgen. De wetgever heeft met die bepaling enkel willen aangeven dat anders dan met betrekking tot de overtreder, de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, het voertuig zonder kosten kan terugkrijgen. Die stelling zou bovendien aan de beveiligingsmaatregel van de immobilisering elke nuttige werking ontnemen indien het voertuig niet toebehoort aan de overtreder.
- Uit het doel van de door de wetgever met artikel 58bis, § 3/1, Wegverkeerswet ingevoerde regeling volgt dat indien de eigenaar van het voertuig die niet de overtreder is, de zaak bij de politierechtbank aanhangig maakt, de politierechtbank moet onderzoeken of: - de beveiligingsmaatregel is genomen door een bevoegde overheid; - de voorwaarden voor het bevelen van de beveiligingsmaatregel zijn vervuld en meer bepaald of er aanwijzingen zijn voor een overtreding als bedoeld in de artikelen 30, § 1 tot en met § 3, en 48, Wegverkeerswet; - niet is voldaan aan de in artikel 58bis, § 3, tweede lid, Wegverkeerswet bepaalde voorwaarden voor opheffing van de maatregel; - in het licht van het met de immoblisering beoogde doel en rekening houdend met de concrete omstandigheden van de zaak waaronder de band tussen de overtreder en de eigenaar van het voertuig, de voortzetting van de immobilisering geen onevenredige aantasting inhoudt van de rechten van de eigenaar van het voertuig.
- Het vonnis dat de verzoeken van de verweerster inwilligt op de enkele grond dat de politierechtbank niet is gevat met een strafrechtelijke vervolging en met een verwijzing naar de tekst van artikel 58bis, § 2, tweede lid, Wegverkeerswet en naar het niet-toepasselijke artikel 50 Wegverkeerswet, verantwoordt die beslissing niet naar recht. Het middel is in zoverre gegrond. Dictum Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar de politierechtbank Vilvoorde, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Sidney Berneman en Eric Van Dooren, en in openbare rechtszitting van 20 juni 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230620.2N.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2025:CONC.20251001.2F.8 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240903.2N.4 ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250909.2N.2 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div