← België

E.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 september 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230919.2N.16 Rolnummer: P.23.1035.N Zaak: E. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2023-11-10 Raadplegingen: 570 - laatst gezien 2026-06-15 20:56 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Uit artikel 211bis Wetboek van Strafvordering volgt dat eenstemmigheid enkel is vereist wanneer de rechter in hoger beroep een veroordeling uitspreekt nadat de eerste rechter de beklaagde had vrijgesproken, of een zwaardere straf uitspreekt; de door artikel 56, tweede lid, Strafwetboek bedoelde toestand van wettelijke herhaling is geen bestanddeel van de telastlegging waarop de strafvordering betrekking heeft, maar slechts een persoonlijke omstandigheid die eigen is aan de dader van het misdrijf en die alleen een invloed heeft of kan hebben op de straf of de uitvoering ervan

(1); wanneer de rechter in hoger beroep voor het eerst de toestand van wettelijke herhaling als bedoeld door artikel 56, tweede lid, Strafwetboek vaststelt en dezelfde straf uitspreekt als de eerste rechter, spreekt hij geen zwaardere straf uit
(2).
(1)Cass. 6 maart 2013, AR P.13.0014.F ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130306.5, AC 2013, nr. 150, RABG 2014, 43 noot A. DE SLOOVERE, RW 2013-14, 1503.
(2)Cass. 15 december 2015, AR P.15.1225.N ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20151215.4, AC 2015, nr. 754, RW 2016-17, 950; Cass. 11 februari 2015, AR P.14.1706.F ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150211.4, AC 2015, nr. 101; Cass. 12 mei 1998, AR P.98.0485.N ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980512.13, AC 1998, nr. 246; F. DERUYCK en F. DE WAEL, “De voor het eerst door de appelrechters vastgestelde staat van wettelijke herhaling in de rechtspraak van het Hof van Cassatie”, NC 2019, 509-
  1. Thesaurus CAS: HOGER BEROEP - STRAFZAKEN (DOUANE EN ACCIJNZEN INBEGREPEN) - Gevolgen. Bevoegdheid van de rechter Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 56, tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 211bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Thesaurus CAS: HERHALING Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 56, tweede lid - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Wetboek van Strafvordering - 17-11-1808 - Art. 211bis - 30 ELI link Pub nr 1808111701 Tekst van de beslissing Nr. P.23.1035.N J. E. A., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Thibaud Delva, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 23 juni
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  3. Het arrest spreekt de eiser vrij voor het feit omschreven onder de telastlegging B. In zoverre ook gericht tegen die beslissing, is eisers cassatieberoep bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middel
  4. Het middel voert schending aan van artikel 211bis Wetboek van Strafvordering: het arrest neemt anders dan de eerste rechter met betrekking tot het feit omschreven onder de telastlegging C de toestand van wettelijke herhaling aan, zonder evenwel vast te stellen dat die beslissing eenparig is genomen door de appelrechters.
  5. Volgens artikel 211bis Wetboek van Strafvordering kan het gerecht in hoger beroep, wanneer er een vrijsprekend vonnis is, geen veroordeling uitspreken dan met eenparige stemmen van zijn leden. Dezelfde eenstemmigheid is vereist voor het gerecht in hoger beroep om de tegen een beklaagde uitgesproken straffen te verzwaren.
  6. Daaruit volgt dat eenstemmigheid enkel is vereist wanneer de rechter in hoger beroep een veroordeling uitspreekt nadat de eerste rechter de beklaagde had vrijgesproken, of een zwaardere straf uitspreekt.
  7. De door artikel 56, tweede lid, Strafwetboek bedoelde toestand van wettelijke herhaling is geen bestanddeel van de telastlegging waarop de strafvordering betrekking heeft, maar slechts een persoonlijke omstandigheid die eigen is aan de dader van het misdrijf en die alleen een invloed heeft of kan hebben op de straf of de uitvoering ervan.
  8. Wanneer de rechter in hoger beroep voor het eerst de toestand van wettelijke herhaling als bedoeld door artikel 56, tweede lid, Strafwetboek vaststelt en dezelfde straf uitspreekt als de eerste rechter, spreekt hij geen zwaardere straf uit. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
  9. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 90,81 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Sidney Berneman en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 19 september 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20230919.2N.16 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:1998:ARR.19980512.13 ECLI:BE:CASS:2013:ARR.20130306.5 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150211.4 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20151215.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.