← België

C.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 03 oktober 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:20

Art. 398

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 410bis

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 534ter

- 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: VOORLOPIGE HECHTENIS - HANDHAVING Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 16, § 1 - 35 ELI link Pub nr 1990099963

Art. 398

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 410bis

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 534ter- 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: SLAGEN EN VERWONDINGEN.

DODEN - OPZETTELIJK TOEBRENGEN VAN VERWONDINGEN EN OPZETTELIJK DODEN Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 16, § 1 - 35 ELI link Pub nr 1990099963

Art. 398

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 410bis

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 534ter- 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: BESCHADIGING.

VERNIELING Wettelijke bepalingen: Wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis - 20-07-1990 - Art. 16, § 1 - 35 ELI link Pub nr 1990099963

Art. 398

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 410bis

- 01 ELI link Pub nr 1867060850

Art. 534ter- 01 ELI link Pub nr 1867060850 Tekst van de beslissing Nr.

P.23.1329.N J.G.E.C., inverdenkinggestelde, aangehouden, eiser. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, kamer van inbeschuldigingstelling, van 22 september

  1. De eiser voert geen middel aan. Raadsheer Eric Van Dooren heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ambtshalve middel Geschonden wettelijke bepaling - artikel 16, § 1, Voorlopige Hechteniswet
  2. Artikel 16, § 1, Voorlopige Hechteniswet staat het verlenen van een bevel tot aanhouding enkel toe indien het feit voor de verdachte een correctionele hoofdgevangenisstraf van een jaar of een zwaardere gevangenisstraf tot gevolg kan hebben.
  3. Het arrest handhaaft de voorlopige hechtenis van de eiser voor de feiten van de telastleggingen A tot en met J. De feiten van de telastleggingen B en D betreffen opzettelijke slagen en verwondingen aan een verpleegkundige zonder dat blijkt dat een andere verzwarende omstandigheid wordt aangenomen. Die feiten worden strafbaar gesteld door de artikelen 398 en 410bis Strafwetboek. De feiten van de telastleggingen B en H betreffen het opzettelijk beschadigen van andermans onroerend goed, strafbaar gesteld door artikel 534ter Strafwetboek.
  4. De artikelen 398, eerste lid, en 410bis Strafwetboek straffen hij die opzettelijk verwondingen of slagen aan een verpleegkundige toebrengt met gevangenisstraf van acht dagen tot twaalf maanden en met geldboete van zesentwintig euro tot honderd euro of met een van die straffen alleen.
  5. Artikel 534ter Strafwetboek straft hij die opzettelijk andermans onroerende eigendommen beschadigt met gevangenisstraf van een maand tot zes maanden en met geldboete van zesentwintig euro tot tweehonderd euro of met een van die straffen alleen.
  6. Daaruit volgt dat het arrest de voorlopige hechtenis niet kan handhaven voor de feiten van de telastleggingen B, D en H. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  7. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het de voorlopige hechtenis handhaaft wegens opzettelijke slagen en verwondingen aan een verpleegkundige (telastleggingen B en D) en het opzettelijk beschadigen van andermans onroerende eigendommen (telastleggingen B en H). Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Veroordeelt de eiser tot twee derde van de kosten van zijn cassatieberoep en laat het overige derde ten laste van de Staat. Zegt dat er geen grond is tot verwijzing. Bepaalt de kosten op 64,41 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Eric Van Dooren, Steven Van Overbeke en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 3 oktober 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231003.2N.16 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.