← België

V. contra V.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 17 oktober 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231017.2N.1 Rolnummer: P.23.0783.N Zaak: V. contra V. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2023-11-10 Raadplegingen: 592 - laatst gezien 2026-06-15 11:41 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 5 Het aanpakken en bestrijden van uitheemse soorten zoals bedoeld in artikel 31/11 Soortenbesluit is slechts van toepassing op in het wild voorkomende uitheemse soorten en die bepaling is niet van toepassing op specimens van niet-invasieve uitheemse soorten die als huisdier worden gehouden, onder de hoede staan van de mens en derhalve niet in het wild worden geïntroduceerd noch in het wild voorkomen in de zin van de voormelde bepalingen.; de loutere omstandigheid dat de eigenaar van een niet-invasieve uitheemse vogel die hij als huisdier onder zijn hoede houdt dit dier voor een beperkte periode laat rondvliegen zonder zich aldus ervan te ontdoen, heeft niet tot gevolg dat dit dier in het wild wordt geïntroduceerd of zich in het wild bevindt in de zin van de voormelde bepalingen, zodat een beklaagde zich niet kan beroepen op de toelating tot bestrijding bepaald in artikel 31/11 Soortenbesluit. Thesaurus CAS: DIEREN Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 70 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 541 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Wet 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren - 14-08-1986 - Art. 1 - 34 ELI link Pub nr 1986016195 Wet 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren - 14-08-1986 - Art. 35 - 34 ELI link Pub nr 1986016195 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 1, 12° - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 17 - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 31/11 - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Thesaurus CAS: MISDRIJF - RECHTVAARDIGING EN VERSCHONING - Rechtvaardiging Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 70 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 541 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Wet 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren - 14-08-1986 - Art. 1 - 34 ELI link Pub nr 1986016195 Wet 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren - 14-08-1986 - Art. 35 - 34 ELI link Pub nr 1986016195 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 1, 12° - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 17 - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 31/11 - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Thesaurus CAS: REDENEN VAN DE VONNISSEN EN ARRESTEN - OP CONCLUSIE - Strafzaken (geestrijke dranken en douane en accijnzen inbegrepen) Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 70 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 541 - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Wet 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren - 14-08-1986 - Art. 1 - 34 ELI link Pub nr 1986016195 Wet 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren - 14-08-1986 - Art. 35 - 34 ELI link Pub nr 1986016195 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 1, 12° - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 17 - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 met betrekking tot soortenbescherming en soortenbeheer - 15-05-2009 - Art. 31/11 - 33 ELI link Pub nr 2009035724 Tekst van de beslissing Nr. P.23.0783.N I J.V., burgerlijke partij, eiser, vertegenwoordigd door mr. Patricia Vanlersberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Koloniënstraat 11, waar de eiser woonplaats kiest, II PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE ANTWERPEN, eiser, beide cassatieberoepen tegen P.C.G.V.D.H., beklaagde, verweerder, met als raadsman mr. Erhard Vermeulen, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 3 mei

  1. De eiser I voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. De eiser II voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Steven Van Overbeke heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep I
  2. Het arrest verklaart het incidenteel beroep van de eiser I ontvankelijk. In zoverre ook tegen die beslissing gericht, is het cassatieberoep van de eiser I bij gebrek aan belang niet ontvankelijk. Middelen van de eiser II Tweede middel
  3. Het middel voert schending aan van de artikelen 70 en 541, eerste lid, Strafwetboek, artikel 1 Dierenwelzijnswet en de artikelen 1, 3, 17 en 31/11, 2°, Soortenbesluit, alsook bijlage 3/1 bij dit besluit: met het oordeel dat de papegaai ara ararauna moet worden beschouwd als een in het wild geïntroduceerd specimen van een uitheemse soort dat het voorwerp uitmaakt van een toegelaten bestrijding in de zin van artikel 31/11, 2°, Soortenbesluit en van bijlage 3/1 bij dit besluit en derhalve door de verweerder mocht worden aangepakt, verantwoordt het arrest niet naar recht dat de eiser bij toepassing van artikel 70 Strafwetboek moet worden vrijgesproken van de telastlegging B, omschreven als het in strijd met de artikelen 1 en 35, laatste lid, Dierenwelzijnswet zonder noodzaak ombrengen van een dier door handelingen die niet door de wet zijn voorzien, namelijk door als jager de ara ararauna te hebben neergeschoten met een jachtgeweer, en van de telastlegging C, omschreven als het zonder noodzaak doden van een huisdier zoals bedoeld in artikel 541, eerste lid, Strafwetboek; de activiteit van “free flying” (“vrij vliegen”) van een dier met een opvallend uiterlijk dat onder de hoede van de mens staat, kan niet worden beschouwd als het introduceren in het wild van dat dier; het doden van de ara ararauna door de verweerder kan dan ook niet worden beschouwd als een daad van bestrijding in de zin van de voormelde bepalingen.
  4. Volgens artikel 17 Soortenbesluit is het verboden om specimens van soorten die onder het toepassingsgebied vallen van dit besluit, opzettelijk te introduceren in het wild.
  5. Artikel 1, 12°, Soortenbesluit omschrijft het begrip “introduceren in het wild” als “het vrijlaten van dieren of het aanplanten of uitzaaien van planten op alle terreinen en plaatsen, ongeacht de aard of de bedekking van die plaatsen, en als die niet zijn afgesloten door een doorlopende constructie die de verspreiding van de dieren of planten naar omliggende terreinen en plaatsen onmogelijk maakt”.
  6. Artikel 31/11, 2°, Soortenbesluit bepaalt: “In het wild voorkomende uitheemse soorten die niet vallen onder afdeling 1 en 2, van dit hoofdstuk, kunnen aangepakt worden op een van de volgende wijzen: […] 2° door bestrijding conform bijlage 3/1.”
  7. Het aanpakken en bestrijden van uitheemse soorten zoals bedoeld in artikel 31/11 Soortenbesluit is slechts van toepassing op in het wild voorkomende uitheemse soorten. Die bepaling is niet van toepassing op specimens van niet-invasieve uitheemse soorten die als huisdier worden gehouden, onder de hoede staan van de mens en derhalve niet in het wild worden geïntroduceerd noch in het wild voorkomen in de zin van de voormelde bepalingen.
  8. De loutere omstandigheid dat de eigenaar van een niet-invasieve uitheemse vogel die hij als huisdier onder zijn hoede houdt dit dier voor een beperkte periode laat rondvliegen zonder zich aldus ervan te ontdoen, heeft niet tot gevolg dat dit dier in het wild wordt geïntroduceerd of zich in het wild bevindt in de zin van de voormelde bepalingen.
  9. Het arrest (p. 10 en 13-16) oordeelt als volgt : - het staat vast dat de papegaai ara arauna met de naam “(…)” onder de hoede stond van de eiser I, die het dier hield als huisdier en ermee aan zogenaamd “free flying” deed; - voor de verweerder moet het duidelijk zijn geweest, al was het maar omwille van het opvallende uiterlijk, dat het om een dier ging dat bij ons niet van nature in het wild voorkomt en dus wel moest ontsnapt of vrijgelaten zijn; - in ieder geval ging het om een dier dat onder de hoede van de mens stond; - het standpunt van de verweerder komt er in essentie op neer dat, bij toepassing van artikel 70 Strafwetboek, de wet, met inbegrip van de uitvoeringsbesluiten, hem als jager voorschreef of minstens toeliet om de ara ararauna als exoot in de vrije natuur dood te schieten, waardoor er ook geen sprake kon zijn van een misdrijf; - er bestaat geen discussie over dat de ara ararauna als Zuid-Amerikaanse papegaaiensoort een uitheemse niet-invasieve soort is die op het Europese grondgebied van de Europese Unie van nature niet in het wild voorkomt; - de ara arauna “(...)” onderscheidt zich niet door middel van uiterlijke kenmerken van ara ararauna’s die in Zuid-Amerika van nature in het wild voorkomen, zodat er geen sprake is van een gedomesticeerde soort in de zin van artikel 3, § 2, eerste lid, 1°, Soortenbesluit; - gelet op het principiële verbod van het introduceren in het wild van uitheemse soorten in de zin van de artikelen 1, 12°, en 17 Soortenbesluit, kunnen vragen worden gesteld bij de wettelijkheid van de “free flying” - activiteit die de eiser I met zijn ara ararauna uitoefende; - het vrijlaten of loslaten van de ara ararauna door de eiser I betekent dat dit dier moet worden beschouwd als een uitheemse soort die in het wild voorkwam zoals bedoeld in artikel 31/11, 2°, Soortenbesluit; - op het moment van de feiten handelde de verweerder conform het toen geldende artikel 31/11, 2°, en de bijlage 3/1 Soortenbesluit, zodat zijn handelen werd voorgeschreven door een wettelijke bepaling en zodoende kan worden gezien als een toegelaten uitzondering op het principiële verbod op het zonder noodzaak doden van dieren en huisdieren, zodat hij bij toepassing van artikel 70 Strafwetboek wordt vrijgesproken van de tenlasteleggingen B en C. Het arrest, dat aldus oordeelt dat de ara arauna onder de hoede stond van de eiser I, verantwoordt met die redenen niet naar recht dat de ara arauna als een in het wild voorkomende dier moet worden beschouwd en dat de verweerder voor het doden van dat dier zich kan beroepen op de toelating tot het bestrijden van een in het wild voorkomende uitheemse soort zoals bedoeld in artikel 31/11, 2°, Soortenbesluit. De beslissing tot vrijspraak van de verweerder voor de telastleggingen B en C is dan ook niet naar recht verantwoord. Het middel is in zoverre gegrond. Overige grieven
  10. De grieven kunnen niet leiden tot ruimere cassatie of cassatie zonder verwijzing en behoeven bijgevolg geen antwoord. Omvang van de cassatie
  11. De voormelde onwettigheid leidt tot de vernietiging van de beslissing van het arrest over de strafvordering tegen de verweerder met betrekking tot de telastleggingen B en C, alsook, ingevolge het ontvankelijke cassatieberoep van de eiser I, tot de vernietiging van de beslissing over de burgerlijke rechtsvordering van de eiser I tegen de verweerder. De vernietiging treft evenwel niet de beslissing over de ontvankelijkheid van de hogere beroepen en de saisine van het appelgerecht. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  12. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest behoudens in zoverre het uitspraak doet over de ontvankelijkheid van de hogere beroepen van de eiser II en de verweerder en van het incidenteel beroep van de eiser I en in zoverre het de saisine van het appelgerecht bepaalt. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Verwerpt de cassatieberoepen voor het overige. Veroordeelt de eiser I tot een tiende van de kosten van zijn cassatieberoep. Laat een tiende van de kosten van het cassatieberoep van de eiser II ten laste van de Staat. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Gent. Bepaalt de kosten in het geheel op 336,88 euro, waarvan de eiser I 120,36 euro is verschuldigd en de eiser II 181,52 euro is verschuldigd. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Sidney Berneman en Steven Van Overbeke, en in openbare rechtszitting van 17 oktober 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met 25bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231017.2N.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.