← België

VLAAMS GEWEST contra DESTRANS nv

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 oktober 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231019.1N.6 Rolnummer: C.22.0207.N Zaak: VLAAMS GEWEST contra DESTRANS nv Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-11-13 Raadplegingen: 1004 - laatst gezien 2026-06-18 11:24 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiche 1 Uit de aard van de vernietigingsarresten van de Raad van State volgt dat de vernietigde administratieve beslissing in de regel geacht wordt nooit te hebben bestaan, zodat de partijen door de vernietiging van de beslissing terug in de toestand worden geplaatst van vóór de vernietigde beslissing

(1).
(1)Cass. 6 februari 2009, AR C.08.0296.N ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090206.10, AC 2009, nr. 98; Cass. 4 april 2002, AR C.00.0457.N ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020404.1, AC 2002, nr. 209 met concl. van advocaat-generaal Thijs. Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE Wettelijke bepalingen: Wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij KB van 12 januari 1973 - 12-01-1973 - Art. 14 - 02 ELI link Pub nr 1973011250 Wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij KB van 12 januari 1973 - 12-01-1973 - Art. 14ter - 02 ELI link Pub nr 1973011250 Fiche 2 Wanneer een overheid binnen een wettelijke termijn verplicht is tot het nemen van beslissingen, zoals uitspraak doen over een ingesteld administratief beroep, en de wet aan het verstrijken van de termijn gevolgen verbindt en de tijdig genomen beslissing nadien door de Raad van State wordt vernietigd, bestaat de toestand van vóór de vernietigde beslissing erin dat de overheid opnieuw over het administratief beroep moet beslissen; zij beschikt daartoe over de volledige wettelijke termijn. Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE Wettelijke bepalingen: Decreet 3 mei 2013 betreffende de bescherming van de verkeersinfrastructuur in geval van bijzonder wegtransport - 03-05-2013 - Art. 19, § 3 - 14 ELI link Pub nr 2013035499 Wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij KB van 12 januari 1973 - 12-01-1973 - Art. 14 - 02 ELI link Pub nr 1973011250 Wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij KB van 12 januari 1973 - 12-01-1973 - Art. 14ter - 02 ELI link Pub nr 1973011250 Tekst van de beslissing Nr. C.22.0207.N VLAAMS GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, voor wie optreedt de Vlaamse minister van mobiliteit en openbare werken, met kabinet te 1000 Brussel, Koning Albert II-laan 20, eiser, vertegenwoordigd door mr. Beatrix Vanlerberghe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiser woonplaats kiest, tegen DESTRANS nv, met zetel te 8530 Harelbeke, Blokkestraat 12, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0457.669.457, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Terhulpensesteenweg 177/7, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Kortrijk, van 23 december
  1. Sectievoorzitter Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Tweede onderdeel
  2. Krachtens artikel 19, § 3, zesde lid, van het decreet van 3 mei 2013 betreffende de bescherming van de verkeersinfrastructuur in geval van bijzonder wegtransport moet de beslissing van het hoofd van het Agentschap Wegen en Verkeer binnen een termijn van vier maanden nadat deze het beroep ontvangen heeft ter kennis worden gebracht van de overtreder en, in voorkomend geval, van de onderneming. Zo niet vervalt de administratieve geldboete stilzwijgend. Deze bepaling organiseert een administratieve beroepsprocedure, waarbij de overheid binnen een wettelijke termijn verplicht is om uitspraak te doen over het ingesteld beroep en de wet gevolgen verbindt aan het verstrijken van de termijn.
  3. De arresten van de Raad van State die een administratieve handeling, zoals het opleggen van een administratieve geldboete, vernietigen, hebben gezag van gewijsde erga omnes met terugwerkende kracht. Uit de aard van de vernietigingsarresten van de Raad van State volgt dat de vernietigde administratieve beslissing in de regel geacht wordt nooit te hebben bestaan, zodat de partijen door de vernietiging van de beslissing terug in de toestand worden geplaatst van vóór de vernietigde beslissing.
  4. Wanneer een overheid binnen een wettelijke termijn verplicht is tot het nemen van beslissingen, zoals uitspraak doen over een ingesteld administratief beroep, en de wet aan het verstrijken van de termijn gevolgen verbindt en de tijdig genomen beslissing nadien door de Raad van State wordt vernietigd, bestaat de toestand van vóór de vernietigde beslissing erin dat de overheid opnieuw over het administratief beroep moet beslissen. Zij beschikt daartoe over de volledige wettelijke termijn.
  5. De appelrechter stelt vast dat: - de verweerster op 23 februari 2015 administratief beroep instelde in de zin van artikel 19, § 3, van voormeld decreet; - de eiser op 23 juni 2015, hetzij binnen vier maanden na ontvangst van het beroep, besliste om de verweerster een administratieve geldboete van 1.050 euro op te leggen; - de verweerster op 18 augustus 2015 annulatieberoep aantekende tegen die beslissing bij de Raad van State; - de Raad van State de beslissing tot het opleggen van de administratieve geldboete vernietigde bij arrest van 5 oktober 2017; - de eiser op 26 januari 2018, hetzij minder dan vier maanden na tussenkomst van het arrest van de Raad van State, een nieuwe beslissing nam, waarbij de verweerster opnieuw een administratieve geldboete van 1.050 euro werd opgelegd.
  6. De appelrechter die vervolgens oordeelt dat de eiser na het vernietigingsarrest van de Raad van State niet over een nieuwe beslissingstermijn beschikte en de administratieve beslissing van 26 januari 2018 derhalve laattijdig en onwettig verklaart, verantwoordt zijn beslissing niet naar recht. Het onderdeel is gegrond. Overige grieven
  7. De overige grieven kunnen niet tot ruimere cassatie leiden. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis behalve in zoverre dit het hoger beroep ontvankelijk verklaart. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar de rechtbank van eerste aanleg Oost-Vlaanderen, rechtszitting houdend in hoger beroep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Sven Mosselmans en Myriam Ghyselen, en in openbare rechtszitting van 19 oktober 2023 uitgesproken door sectievoorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231019.1N.6 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20241122.1N.7 precedenten: ECLI:BE:CASS:2002:ARR.20020404.1 ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20090206.10 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.