← België

PROCUREUR DES KONINGS TE LEUVEN contra S.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 07 november 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231107.2N.20 Rolnummer: P.23.0871.N Zaak: PROCUREUR DES KONINGS TE LEUVEN contra S. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2024-02-23 Raadplegingen: 432 - laatst gezien 2026-06-18 17:35 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiche Uit artikel 38, § 2bis, Wegverkeerswet volgt dat indien de rechter het herstel van het recht tot sturen afhankelijk maakt van het slagen voor een of meer van de in artikel 38, § 3, Wegverkeerswet bedoelde examens en onderzoeken, hij niet kan bevelen dat het effectief verval enkel kan worden uitgevoerd van vrijdag om 20 uur tot zondag om 20 uur en van 20 uur op de vooravond van een feestdag tot 20 uur op die feestdag

(1).
(1)Over art. 38bis, §2 Wegverkeerswet zie GwH 30 november 2017, arrest 37/2017, BS 16 februari
  1. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 38 Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 38, §§ 2bis en 3 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Tekst van de beslissing Nr. P.23.0871.N PROCUREUR DES KONINGS BIJ DE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG LEUVEN, eiser, tegen M. S., beklaagde, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Leuven van 11 mei
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 38, § 2bis, Wegverkeerswet: het bestreden vonnis beslist dat de aan de verweerder voor het feit omschreven onder de telastlegging B opgelegde vervallenverklaring voor een periode van één maand mag worden uitgevoerd tijdens het weekend, terwijl de wet die mogelijkheid niet toelaat aangezien het herstel van deze vervallenverklaring is afhankelijk gemaakt van het slagen in een medisch en psychologisch onderzoek.
  4. Uit artikel 38, § 2bis, Wegverkeerswet volgt dat indien de rechter het herstel van het recht tot sturen afhankelijk maakt van het slagen voor een of meer van de in artikel 38, § 3, Wegverkeerswet bedoelde examens en onderzoeken, hij niet kan bevelen dat het effectief verval enkel kan worden uitgevoerd van vrijdag om 20 uur tot zondag om 20 uur en van 20 uur op de vooravond van een feestdag tot 20 uur op die feestdag.
  5. Het bestreden vonnis verklaart de verweerder voor het feit omschreven onder de telastlegging B vervallen van het recht alle motorvoertuigen te besturen voor een termijn van één maand, waarbij het herstel van dit recht afhankelijk wordt gemaakt van het slagen in een medisch en psychologisch onderzoek. Door te beslissen dat dit verval van het recht tot sturen tijdens het weekend zal worden uitgevoerd, schendt het bestreden vonnis de voormelde bepaling van de Wegverkeerswet. Het middel is gegrond. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  6. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis in zoverre het voor recht zegt dat het verval van het recht tot sturen voor het feit omschreven onder de telastlegging B voor een termijn van een maand zal worden uitgevoerd van vrijdag om 20 uur tot zondag om 20 uur en van 20 uur op de vooravond van een feestdag tot 20 uur op die feestdag. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde vonnis. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Laat de kosten ten laste van de Staat. Zegt dat er geen grond is tot verwijzing. Bepaalt de kosten op 23,10 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Sidney Berneman, Steven Van Overbeke en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 7 november 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231107.2N.20 Gerelateerde publicatie(s) citeert: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231107.2N.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.