id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 november 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231121.2N.15 Rolnummer: P.23.1509.N Zaak: I. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2023-11-27 Raadplegingen: 1035 - laatst gezien 2026-06-19 00:55 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 5 Artikel 794 Gerechtelijk Wetboek, dat van toepassing is op de strafuitvoeringsrechtbank, kamer voor de bescherming van de maatschappij, bepaalt onder meer dat: - het gerecht dat de beslissing heeft gewezen te allen tijde ambtshalve elke kennelijke verschrijving kan verbeteren, zonder evenwel de in de beslissing bevestigde rechten uit te breiden, te beperken of te wijzigen; - de verbetering steun moeten vinden in de wet, het dossier van de rechtspleging of de stavingsstukken die werden voorgelegd aan de rechter die de te verbeteren beslissing heeft uitgesproken; een kennelijke verschrijving is een schrijffout of een louter materiële vergissing en het loutere feit dat door de verbetering de te verbeteren beslissing wordt gewijzigd en een betere verschijningsvorm krijgt, impliceert niet dat de erin bevestigde rechten worden uitgebreid, beperkt of gewijzigd aangezien een verbetering geen verandering in de beoordeling van de zaak kan meebrengen; de rechter oordeelt onaantastbaar of een bepaalde vermelding in een beslissing een kennelijke verschrijving is, die hij mag verbeteren
(1).
(1)Cass. 8 mei 2019, AR P.19.0439.F ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190508.15, AC 2019, nr. 272; Cass. 22 september 2015, AR P.14.1118.N ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150922.4, AC 2015, nr. 541; Cass. 4 november 2009, AR P.09.0972.F ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091104.4, AC 2009, nr. 640; J. DE CODT, “L'erreur matérielle et sa rectification devant la juridiction répressive”, noot onder Brussel (KI), 17 september 2002, RDP 2003, p.
- Thesaurus CAS: VONNISSEN EN ARRESTEN - STRAFZAKEN - Algemeen Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 794 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 794 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: BESCHERMING VAN DE MAATSCHAPPIJ - KAMER VOOR BESCHERMING VAN DE MAATSCHAPPIJ Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 794 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 794 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Thesaurus CAS: CASSATIE - BEVOEGDHEID VAN HET HOF - Allerlei Wettelijke bepalingen: Gerechtelijk Wetboek - 10-10-1967 - Art. 794 - 01 ELI link Pub nr 1967101052 Tekst van de beslissing Nr. P.23.1509.N B. I., geïnterneerde, eiser, met als raadsman mr. Sander Van Hulle, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de Nederlandstalige strafuitvoeringsrechtbank Brussel, kamer voor de bescherming van de maatschappij, van 24 oktober
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Alain Winants heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
- Het middel voert schending aan van de artikelen 794 en 797 Gerechtelijk Wetboek: het vonnis dat de duur van de proeftijd wijzigt van drie naar vijf jaar oordeelt ten onrechte dat dit de verbetering betreft van een materiële vergissing; een wijziging van de duurtijd van de proeftijd tast eisers rechten aan; dat is geen materiële fout of een schrijffout.
- Artikel 794 Gerechtelijk Wetboek, dat van toepassing is op de strafuitvoeringsrechtbank, kamer voor de bescherming van de maatschappij, bepaalt onder meer dat: - het gerecht dat de beslissing heeft gewezen te allen tijde ambtshalve elke kennelijke verschrijving kan verbeteren, zonder evenwel de in de beslissing bevestigde rechten uit te breiden, te beperken of te wijzigen; - de verbetering steun moeten vinden in de wet, het dossier van de rechtspleging of de stavingsstukken die werden voorgelegd aan de rechter die de te verbeteren beslissing heeft uitgesproken.
- Een kennelijke verschrijving is een schrijffout of een louter materiële vergissing.
- Het loutere feit dat door de verbetering de te verbeteren beslissing wordt gewijzigd en een betere verschijningsvorm krijgt, impliceert niet dat de erin bevestigde rechten worden uitgebreid, beperkt of gewijzigd. Een verbetering mag enkel geen verandering in de beoordeling van de zaak meebrengen.
- De rechter oordeelt onaantastbaar of een bepaalde vermelding in een beslissing een kennelijke verschrijving is, die hij mag verbeteren.
- Het Hof gaat na of de rechter uit zijn vaststellingen geen gevolgen afleidt die op grond daarvan onmogelijk kunnen worden verantwoord.
- In zoverre het middel uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt het naar recht.
- De kamer voor de bescherming van de maatschappij heeft: - bij beschikking van 22 augustus 2022 aan de eiser de invrijheidstelling op proef toegekend, waarbij werd bepaald dat de opgelegde voorwaarden geldig waren gedurende een termijn van vijf jaar, behoudens verlenging van telkens twee jaar. Die termijn werd gemotiveerd met een verwijzing naar artikel 77, § 1, Interneringswet en naar eisers straftotaal; - bij vonnis van 4 augustus 2023 de met de beschikking van 22 augustus 2022 opgelegde voorwaarden aangepast, met de vermelding dat de eiser onderworpen bleef aan deze voorwaarden gedurende een termijn van drie jaar die inging op 22 augustus 2022, telkens hernieuwbaar voor maximaal twee jaar.
- Het thans bestreden vonnis oordeelt dat de vermelding van drie jaar in het vonnis van 4 augustus 2023 duidelijk een materiële vergissing is en het verwijst daarvoor naar artikel 77, § 1, Interneringswet en het gegeven dat voor de aanvang van de proeftijd werd teruggegrepen naar de beschikking van 22 augustus
- Daardoor tast het bestreden vonnis de rechten van de eiser die vervat zijn in het vonnis van 4 augustus 2023 niet aan. Aldus is het bestreden vonnis naar recht verantwoord. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen. Tweede middel
- Het middel voert schending aan van artikel 800 Gerechtelijk Wetboek: het vonnis beveelt dat een uitgifte, afschrift noch uittreksel van het vonnis van 15 december 2020 mag worden uitgereikt, tenzij daarop melding is gemaakt van het beschikkend gedeelte van de verbeterende beslissing.
- De vermelding van “het vonnis van 15 december 2020” in het door het middel bekritiseerde oordeel betreft duidelijk een materiële vergissing die het Hof kan verbeteren en die moet worden gelezen als “het vonnis van 4 augustus 2023”. Het middel mist feitelijke grondslag. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Erwin Francis, Eric Van Dooren en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 21 november 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Mike Van Beneden. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231121.2N.15 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2009:ARR.20091104.4 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20150922.4 ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190508.15 zie ook recenter: ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250128.2N.12 ECLI:BE:CASS:2025:ARR.20250204.2N.12 ECLI:BE:CASS:2026:ARR.20260310.2N.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div