← België

C.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 19 december 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231219.2N.6 Rolnummer: P.23.1606.N Zaak: C. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2024-01-15 Raadplegingen: 507 - laatst gezien 2026-06-15 06:11 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiche 1 Het vonnis dat het verzoek van de veroordeelde om een gevraagde strafuitvoeringsmodaliteit afwijst zonder dat hij wordt gehoord, hoewel de veroordeelde daartoe een verzoek richtte, is in strijd met artikel 37, eerste lid, Wet Strafuitvoering. Thesaurus CAS: STRAFUITVOERING Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 37, eerste lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Fiche 2 Het vonnis dat het verzoek van de veroordeelde om een gevraagde strafuitvoeringsmodaliteit afwijst zonder dat hij wordt gehoord, hoewel de veroordeelde daartoe een verzoek richtte, is in strijd met artikel 37, eerste lid, Wet Strafuitvoering Thesaurus CAS: RECHT VAN VERDEDIGING - ALGEMEEN Wettelijke bepalingen: Wet 17 mei 2006 betreffende de externe rechtspositie van de veroordeelden tot een vrijheidsstraf en de aan het slachtoffer toegekende rechten in het raam van de strafuitvoeringsmodaliteiten - 17-05-2006 - Art. 37, eerste lid - 35 ELI link Pub nr 2006009456 Tekst van de beslissing Nr. P.23.1606.N L.-S. C., veroordeelde tot vrijheidsstraf, gedetineerd, eiseres, met als raadsman mr. Elke Van Hooghten, advocaat bij de balie Brussel. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis van de Nederlandstalige strafuitvoeringsrechter Brussel van 16 november

  1. De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  2. Het middel voert schending aan van artikel 6.3.c EVRM en de artikelen 36, § 4, eerste lid, en 37, eerste lid, Wet Strafuitvoering: de strafuitvoeringsrechter wijst het verzoek van de eiseres om de strafuitvoeringsmodaliteit van de voorlopige invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of overlevering af, zonder de eiseres daarover te horen; een eerder verzoek om die strafuitvoeringsmodaliteit werd bij vonnis van 20 juni 2023 afgewezen en de eiseres heeft in haar nieuw verzoek van 21 september 2023 gevraagd om te worden gehoord.
  3. Artikel 37, eerste lid, Wet Strafuitvoering bepaalt dat wanneer de strafuitvoeringsrechter weigert de verzochte strafuitvoeringsmodaliteit toe te kennen, de veroordeelde het recht heeft om bij het volgende verzoek tot toekenning van eenzelfde strafuitvoeringsmodaliteit te vragen om te worden gehoord.
  4. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat: - bij vonnis van de strafuitvoeringsrechter van 20 juni 2023 het verzoek van de eiseres om de strafuitvoeringsmodaliteit van de voorlopige invrijheidstelling met het oog op verwijdering van het grondgebied of overlevering werd afgewezen; - de eiseres in haar verzoek om deze strafuitvoeringsmodaliteit van 18 september 2023, dat op 20 september 2023 werd ontvangen ter griffie van de strafuitvoeringsrechtbank, heeft gevraagd om te worden gehoord over haar nieuw verzoek.
  5. Het vonnis wijst het verzoek van de eiseres om de gevraagde strafuitvoeringsmodaliteit af zonder dat zij wordt gehoord. Aldus schendt het vonnis de vermelde wetsbepaling. Het middel is in zoverre gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden vonnis. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde vonnis. Houdt de beslissing over de kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de zaak naar de Nederlandstalige strafuitvoeringsrechter Brussel, anders samengesteld. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Filip Van Volsem, als waarnemend voorzitter, de raadsheren Sidney Berneman, Eric Van Dooren, Steven Van Overbeke en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 19 december 2023 uitgesproken door waarnemend voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231219.2N.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.