id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 21 december 2023 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231221.1N.13 Rolnummer: C.22.0358.N Zaak: R. contra Gemeente Haaltert Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-01-18 Raadplegingen: 624 - laatst gezien 2026-06-15 06:11 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20231221.1N.13 Fiches 1 - 2 Het verbod te bouwen of te verkavelen als gevolg van een in uitzicht gestelde onteigening van het goed doet zich slechts voor, onder gelding van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, wanneer de onteigenende instantie in het bezit is van een door de Vlaamse regering goedgekeurd onteigeningsplan dat betrekking heeft op het geheel of op een deel van het op het plan van aanleg afgebeelde grondgebied en, onder gelding van het Vlaams Onteigeningsdecreet van 14 februari 2017, wanneer een definitief onteigeningsbesluit werd vastgesteld overeenkomstig artikel 28 van dit decreet
(1)
(2).
(1)Zie concl. OM.
(2)Zie Cass. 27 juni 2003, AR C.01.0023.N, AC 2003, nr. 383, ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030627.
- Thesaurus CAS: STEDENBOUW - RUIMTELIJKE ORDENING. PLAN VAN AANLEG Wettelijke bepalingen: Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 houdende coördinatie van de decreetgeving op de ruimtelijke ordening - 15-05-2009 - Art. 4.7.11 - 36 ELI link Pub nr 2009A35738 Decreet betreffende de ruimtelijke ordening gecoördineerd op 22 oktober 1996, zoals gewijzigd bij decreet 19 december 1998 - 22-10-1996 - Art. 35, eerste lid - 40 ELI link Pub nr 1996102250 Decreet 24 februari 2017 betreffende onteigening voor het algemeen nut - 24-02-2017 - Art. 28 - 22 ELI link Pub nr 2017040219 Thesaurus CAS: ONTEIGENING TEN ALGEMENEN NUTTE Wettelijke bepalingen: Besluit van de Vlaamse Regering 15 mei 2009 houdende coördinatie van de decreetgeving op de ruimtelijke ordening - 15-05-2009 - Art. 7.4.11 - 36 ELI link Pub nr 2009A35738 Decreet betreffende de ruimtelijke ordening gecoördineerd op 22 oktober 1996, zoals gewijzigd bij decreet 19 december 1998 - 22-10-1996 - Art. 35, eerste lid - 40 ELI link Pub nr 1996102250 Decreet 24 februari 2017 betreffende onteigening voor het algemeen nut - 24-02-2017 - Art. 28 - 22 ELI link Pub nr 2017040219 Tekst van de beslissing Nr. C.22.0358.N
- R.R.,
- C.D.S.,
- M.C.D.S., eisers, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eisers woonplaats kiezen. tegen GEMEENTE HAALTERT, vertegenwoordigd door haar College van burgemeester en schepenen, met kantoor te 9450 Haaltert, Hoogstraat 41, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0207.439.151, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 28 juni
- Advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck heeft op 16 november 2023 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eisers voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling (…) Tweede middel (…) Tweede onderdeel (…) Gegrondheid
- Krachtens artikel 7.4.11 VCRO worden vorderingen tot betaling van planschadevergoedingen die zijn ontstaan uit plannen van aanleg die dateren van v??r 1 september 2009, afgehandeld overeenkomstig de bepalingen van het Coördinatiedecreet. Krachtens artikel 35, eerste lid, Coördinatiedecreet is schadevergoeding al naar het geval verschuldigd door het Vlaamse Gewest, de vereniging van gemeenten of de gemeente, wanneer het bouw- of verkavelingsverbod volgend uit een plan dat bindende kracht heeft verkregen, een einde maakt aan het gebruik waarvoor een goed dient of normaal bestemd is de dag voorafgaand aan de inwerkingtreding. Het vierde lid van dat artikel vervolgt dat het recht op schadevergoeding ontstaat ofwel bij overdracht van het goed ofwel bij de weigering van een bouw- of verkavelingsvergunning of nog bij het afleveren van een negatief stedenbouwkundig attest. Krachtens het laatste lid, 1° van dat artikel is geen vergoeding verschuldigd in het volgende geval: “1° verbod te bouwen of te verkavelen als gevolg van een in uitzicht gestelde onteigening van het goed; zulks, onder voorbehoud van de toepassing van artikel 33”.
- Het verbod te bouwen of te verkavelen als gevolg van een in uitzicht gestelde onteigening van het goed doet zich slechts voor, onder gelding van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, wanneer de onteigenende instantie in het bezit is van een door de Vlaamse regering goedgekeurd onteigeningsplan dat betrekking heeft op het geheel of op een deel van het op het plan van aanleg afgebeelde grondgebied en, onder gelding van het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017, wanneer een definitief onteigeningsbesluit werd vastgesteld overeenkomstig artikel 28 van dit decreet.
- De appelrechter stelt vast en oordeelt dat: - de verweerster in 2009 het bijzonder plan van aanleg (…) definitief heeft vastgesteld en een onteigeningsplan heeft aangenomen, dat voorzag in de onteigening van, onder meer, de percelen van de eisers; - bij Ministerieel Besluit van 26 maart 2010 een machtiging tot onteigening werd verleend, het zogenaamde onteigeningsbesluit; - het onteigeningsbesluit van 26 maart 2010 met toepassing van artikel 2.4.8 VCRO definitief is komen te vervallen; - de verweerster op 21 april 2022 een principiële beslissing tot het opstarten van de onteigening van de percelen van de eisers heeft aangekondigd en hernieuwde uiting heeft gegeven aan de intentie tot onteigening.
- De appelrechter die de vordering van de eisers tot toekenning van een planschadevergoeding op basis van artikel 35 Coördinatiedecreet verwerpt op grond van de redenen dat “krachtens artikel 35 [Coördinatiedecreet] […] echter geen planschadevergoeding verschuldigd [is] wanneer een onteigening in het vooruitzicht wordt gesteld” en dat “het hof […] enkel [kan] wijzen op artikel 16 van de Grondwet op grond waarvan de [eisers] bij een onteigening aanspraak maken op een integrale onteigeningsvergoeding”, terwijl de appelrechter vaststelt dat het onteigeningsplan overeenkomstig artikel 2.4.8 VCRO definitief is vervallen en niet blijkt dat de verweerster een definitief onteigeningsbesluit in de zin van artikel 28 Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017 heeft vastgesteld, verantwoordt zijn beslissing niet naar recht. Het onderdeel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het oordeelt over de vergoeding voor planschade en over de kosten. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daarover aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit eerste voorzitter Beatrijs Deconinck, als voorzitter, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg, Sven Mosselmans en Myriam Ghyselen, en in openbare rechtszitting van 21 december 2023 uitgesproken door eerste voorzitter Beatrijs Deconinck, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231221.1N.13 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20231221.1N.13 precedenten: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030627.15 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div