← België

D. contra S.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Conclusie van het Openbaar Ministerie van 19 oktober 2023

Art. 1108

- 30 ELI link Pub nr 1804032150 oud

Art. 1131

- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 2 De oorzaak van een beschikking bij testament ligt niet uitsluitend in het begiftigingsoogmerk van de testator, maar ook in de determinerende beweegreden die hem ertoe heeft gebracht de gift te doen

(1)
(2).
(1)Zie concl. OM.
(2)Cass. 21 januari 2000, AR C.98.0335.F ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000121.7, AC 2000, nr. 56; Cass. 16 november 1989, AR nr. 8402, AC 1989, nr. 169. Thesaurus CAS: SCHENKINGEN EN TESTAMENTEN Wettelijke bepalingen: oud

Art. 895

- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Fiche 3 Indien de determinerende beweegreden van de gift, al dan niet buiten de wil van de testator, is verdwenen of weggevallen vóór zijn overlijden, kan de beschikking van het testament vervallen worden verklaard en krijgt ze geen uitwerking

(1)
(2).
(1)Zie concl. OM.
(2)Cass. 21 januari 2000, AR C.98.0335.F ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000121.7, AC 2000, nr. 56; Cass. 16 november 1989, AR nr. 8402, AC 1989, nr. 169. Thesaurus CAS: SCHENKINGEN EN TESTAMENTEN Wettelijke bepalingen: oud

Art. 1131

- 30 ELI link Pub nr 1804032150 Tekst van de conclusie C.23.0112.N Conclusie van advocaat-generaal met opdracht Michèle Deconynck:

  1. Voorgaanden en situering. De discussie betreft de legaten die werden nagelaten aan de eiser en de in gemeenverklaring van het cassatie-arrest opgeroepen partij. De voorziening komt op tegen het arrest van 29 september 2022 van het hof van beroep te Gent waarin werd geoordeeld dat de testamentaire bepaling die in deze legaten voorzag geen uitwerking kon krijgen ingevolge het wegvallen van de determinerende reden voor die bepaling – of met andere woorden, het wegvallen van de oorzaak ervan – voorafgaand aan het overlijden van de testator en buiten diens wil om, met het verval van die legaten tot gevolg. De eiser voert één middel aan dat inhoudt dat het bestaan van een geldige oorzaak louter op het ogenblik van het tot stand komen van een rechtshandeling moet en kan worden beoordeeld zodat het latere wegvallen hiervan de geldigheid van die rechtshandeling niet kan aantasten en de appelrechter derhalve ten onrechte besloot tot het verval van de betrokken legaten.
  2. Bespreking.
  3. Opdat een rechtshandeling rechtsgeldig tot stand zou kunnen komen, is onder meer vereist dat er sprake is van een geldige oorzaak of met andere woorden, een geldige reden of redenen voor die rechtshandeling. Het bestaan van een geoorloofde oorzaak

(1)dient in de regel te worden beoordeeld op het ogenblik van het tot stand komen van de betrokken rechtshandeling, waarbij het latere verdwijnen van de oorzaak voor een rechtshandeling in principe geen gevolgen heeft voor de rechtsgeldigheid ervan. 2. Hierop kan een uitzondering worden gemaakt wanneer uit het geheel van de omstandigheden van de zaak blijkt dat de rechtshandeling ingevolge het wegvallen van de oorzaak in feite geen enkele bestaansreden meer heeft. Dit zal het geval zijn indien de oorzaak dermate essentieel is voor het aangaan van de rechtshandeling dat zij als een stilzwijgende ontbindende voorwaarde moet beschouwd worden. Het wegvallen van de oorzaak kan voorts maar relevant zijn indien de betrokken rechtshandeling nog geen uitwerking heeft gekregen. In het geval van een testamentaire bepaling veronderstelt dit derhalve dat de oorzaak wegvalt vóór het overlijden van de testator. Het arrest van uw Hof van 21 januari 2000
(2)kan wat dit betreft in herinnering worden gebracht, waarin uw Hof in essentie overwoog dat de bodemrechter kan vaststellen dat een testamentaire schenking vervalt wanneer de doorslaggevende beweegreden hiervoor voor het overlijden en buiten de wil van de testator wegvalt en deze beweegreden gelet op de gehanteerde bewoordingen dan wel de wil van de schenker onlosmakelijk verbonden is met de omstandigheden die eraan ten gronde lagen en die haar enige reden van bestaan uitmaken. 3. Behoudens het geval van een testamentaire bepaling zijn er nog andere omstandigheden denkbaar waarin het wegvallen van de oorzaak van een rechtshandeling voordat zij uitwerking kan krijgen tot de ontbinding ervan kan leiden. Een voorbeeld kan geput worden uit het arrest van uw Hof van 6 maart 2014
(3)waarin inzake een tontineovereenkomst het oordeel van de bodemrechter werd bevestigd dat het wegvallen van de oorzaak voor het tontinebeding ingevolge de beëindiging van de affectieve relatie tussen de betrokkenen het verval van dit beding tot gevolg had met het ontstaan van een gewone onverdeeldheid tot gevolg. Schenkingen onder de levenden hebben daarentegen eens aanvaard onmiddellijk uitwerking. Het wegvallen van de oorzaak van de schenking nadien kan dan ook overeenkomstig de rechtspraak van uw Hof
(4)niet tot de ontbinding ervan leiden. Vanzelfsprekend staan er wel andere opties open in zo’n omstandigheden zoals de herroeping wegens ondankbaarheid of wegens het niet vervullen van de in de schenking bepaalde voorwaarde of voorwaarden. 4. De appelrechters die oordelen dat het testament geen uitwerking kan hebben nu de doorslaggevende beweegreden die bij de testator voorlag bij de redactie van het testament van 17 juli 2006 nadien, onafhankelijk van zijn wil en vóór zijn overlijden op 28 juni 2020 is verdwenen, verantwoorden hun beslissing naar recht. Conclusie: verwerping. _______________________________
(1)In artikel 5.53 Burgerlijk Wetboek thans uitdrukkelijk gedefinieerd als “de determinerende beweegredenen die elke partij ertoe hebben bewogen om het contract te sluiten voor zover die gekend waren of behoorden te zijn door de andere partij”.
(2)Cass. 21 januari 2000, AR C. 98.0335.F, AC 2000, nr. 56. Zie ook Cass. 16 november 1989, AR 8402, AC 1989-90, nr. 169.
(3)Cass. 6 maart 2014, AR C.13.0362.N ECLI:BE:CASS:2014:ARR.20140306.10, AC 2014, nr. 181, met andersluidende conclusie van advocaat-generaal VAN INGELGEM.
(4)Cass. 12 december 2008, AR C.06.0332.N ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081212.3, AC 2008, nr.
  1. Hiermee kwam uw Hof wat schenkingen onder de levenden betreft terug op eerdere rechtspraak. Zie Cass. 16 november 1989, AR 8402, AC 1989-90, nr.
  2. PDF document ECLI:BE:CASS:2023:CONC.20231019.1N.5 Gerelateerde publicatie(s) Vonnis/arrest: ECLI:BE:CASS:2023:ARR.20231019.1N.5 citeert: ECLI:BE:CASS:2008:ARR.20081212.3 ECLI:BE:CASS:2014:ARR.20140306.10 precedenten: ECLI:BE:CASS:2000:ARR.20000121.7 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.