← België

GREEN-BEL bv contra VLAAMSE GEWEST

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 januari 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240118.1N.6 Rolnummer: C.23.0190.N Zaak: GREEN-BEL bv contra VLAAMSE GEWEST Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Constitutioneel recht - Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-03-07 Raadplegingen: 544 - laatst gezien 2026-06-15 04:30 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240118.1N.6 Fiches 1 - 3 Een subsidie kan geheel of gedeeltelijk teruggevorderd worden binnen tien jaar na de indieningsdatum van de subsidieaanvraag, met behoud van de toepassing van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991 en de wet van 7 juni 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 mei 1933 betreffende de verklaringen te doen in verband met subsidies, vergoeding en toelagen van elke aard, die geheel of gedeeltelijk ten laste zijn van de Staat, in geval van niet-naleving van de bij het Decreet van 31 januari 2003 of het Besluit van 16 mei 2007 opgelegde voorwaarden

(1)
(2)
(3).
(1)Zie concl. OM.
(2)Art. 2 Decreet 31 januari 2003, zoals van toepassing vóór de opheffing ervan door art. 41 Decreet van 16 maart 2012.
(3)Art. 6 Besluit van 16 mei 2007, zoals van toepassing na de wijziging ervan door het Besluit van 16 januari 2009 maar vóór de opheffing ervan door art. 29 Besluit van 17 december 2010). Thesaurus CAS: WETTEN. DECRETEN. ORDONNANTIES. BESLUITEN - ALLERLEI GEMEENSCHAP EN GEWEST Tekst van de beslissing Nr. C.23.0190.N GREEN-BEL bv, met zetel te 8790 Waregem, Industrielaan 5, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0818.058.408, eiseres, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiseres woonplaats kiest, tegen VLAAMS GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaams regering, in de persoon van de Minister-president, voor wie optreedt de Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale Economie en Landbouw, met kabinet te 1030 Schaarbeek, Koning Albert II-laan 35, bus 90, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0316.380.841, verweerder, vertegenwoordigd door mr. Martin Lebbe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1060 Brussel, Jourdanstraat 31,waar de verweerder woonplaats kiest. in aanwezigheid van:
  1. SOLFUND cv, met zetel te 8790 Waregem, Henri Lebbestraat 190, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0831.748.175,
  2. VANICON bv, met zetel te 8720 Dentergem (Wakken), Camiel Cluysestraat 21, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0837.137.318,
  3. SPEKTRUM bv, met zetel te 9340 Lede, Stuivenbergstraat 12, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0809.400.860,
  4. PEAK OPS bv, met zetel te 9830 Sint-Martens-Latem, Wiedauwdreef 2, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0824.029.351,
  5. T.D., in gemeenverklaring van het arrest gedaagde partijen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 7 februari
  6. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft op 21 december 2023 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  7. Krachtens artikel 2 van het Decreet van 31 januari 2003 betreffende het economisch ondersteuningsbeleid, zoals van toepassing vóór de opheffing ervan door het Decreet van 16 maart 2012 betreffende het economisch ondersteuningsbeleid, hierna het Decreet, kan de Vlaamse regering met betrekking tot de in dit decreet vermelde categorieën van steun en met inachtneming van de in dit decreet bepaalde regels, steun verlenen aan projecten die passen in het ruimtelijk economisch beleid en het ondernemingsbeleid met aandacht voor ecologie, sociale en economische aspecten, kwantitatieve en kwalitatieve aspecten van werkgelegenheid, duurzaamheid, innovatie en kennisbevordering, binnen de voorziene begrotingskredieten. Krachtens artikel 7, eerste zin, van het Decreet moeten de investeringen gedurende 5 jaar door de onderneming worden geëxploiteerd en behouden blijven met betrekking tot de toepassing van artikel 10, § 2, en 14, § 2 en §
  8. Krachtens artikel 38 van het Decreet bepaalt de Vlaamse regering de gevallen van terugvordering, de termijnen waarbinnen de feiten die aanleiding geven tot terugvordering zich moeten voordoen en de intrestvoet die in dit geval verschuldigd is.
  9. Krachtens artikel 6 van het Besluit van de Vlaamse regering van 16 mei 2007 tot toekenning van steun aan ondernemingen voor ecologie-investeringen in het Vlaamse Gewest, zoals van toepassing na de wijziging ervan door het Besluit van de Vlaamse regering van 16 januari 2009 maar vóór de opheffing ervan door het Besluit van de Vlaamse regering van 17 december 2010 tot toekenning van steun aan ondernemingen voor ecologie-investeringen in het Vlaamse Gewest, hierna het Subsidiebesluit, gaat de termijn van vijf jaar, vermeld in artikel 7 van het Decreet, in vanaf de beëindiging van de ecologie-investering. Krachtens artikel 10, tweede lid, Subsidiebesluit, wordt ook steun verleend aan samenwerkingsverbanden van ondernemingen op voorwaarde dat het samenwerkingsverband een onderneming als vermeld in artikel 1, 4° is. Krachtens artikel 12, § 2, tweede lid, Subsidiebesluit, komen investeringen ten behoeve van elektriciteit opgewekt door zonne-energie uitgevoerd door een samenwerkingsverband, in aanmerking in verhouding tot de door de deelnemende ondernemingen voor eigen gebruik aangekochte elektriciteit. Krachtens artikel 24, 4°, Subsidiebesluit kan de subsidie geheel of gedeeltelijk teruggevorderd worden binnen tien jaar na de indieningsdatum van de subsidieaanvraag, met behoud van de toepassing van de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd op 17 juli 1991 en de wet van 7 juni 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 mei 1933 betreffende de verklaringen te doen in verband met subsidies, vergoeding en toelagen van elke aard, die geheel of gedeeltelijk ten laste zijn van de Staat, in geval van niet-naleving van de bij het Decreet of dit besluit opgelegde voorwaarden.
  10. De appelrechters stellen vast en oordelen dat: - de eiseres op 28 augustus 2009 een aanvraag voor een ecologiepremie heeft ingediend bij de verweerder; - de aanvraag werd ingediend met opgave van het samenwerkingsverband tussen Herbafrost nv en Solar bv; - uit de voorgelegde stukken afdoende blijkt dat dit samenwerkingsverband bestond op het ogenblik van indiening van de aanvraag alsook de toekenningsbeslissing; - bij de aanvraag het eigen elektriciteitsverbruik van Herbafrost nv werd opgegeven voor de berekening van de maximaal betoelaagbare opwekkingscapaciteit en dat van Solar bv niet in aanmerking werd genomen, omdat het verwaarloosbaar was; - de eiseres bij beslissing van 30 november 2009 de maximale ecologiepremie werd toegekend van 1.750.000 euro ten behoeve van elektriciteit opgewekt door zonnepanelen; - uit de regelgeving alsook haar opzet volgt dat aan de toekenningsvoorwaarden moet voldaan blijven gedurende minstens vijf jaar na beëindiging van de ecologie-investering; - Herbafrost nv evenwel nog vóór de inwerkingtreding van de installatie geen deel meer uitmaakte van het samenwerkingsverband op grond waarvan de steun werd verleend; - de omstandigheid dat de eiseres, aan wie de subsidie werd toegekend, de investering heeft gedaan en heeft geëxploiteerd, geen afbreuk doet aan het feit dat het samenwerkingsverband op grond waarvan de steun werd verleend, werd gewijzigd; - de decretale en reglementaire bepalingen niet toelaten om de subsidie verbonden aan het samenwerkingsverband over te dragen, zoals door verkoop van de aandelen door een aan het samenwerkingsverband deelnemende onderneming; - de investeringen gedaan door de eiseres, toegekend op basis van het samenwerkingsverband Herbafrost-Solar, maar uitgevoerd door een gewijzigd samenwerkingsverband zonder Herbafrost nv, aldus niet in aanmerking komt voor steun.
  11. De appelrechters die op grond van deze redenen oordelen dat de verweerder terecht is overgegaan tot terugvordering van de reeds uitbetaalde premie, schenden geen van de in het middel aangevoerde decretale en reglementaire bepalingen. Het middel kan niet worden aangenomen. Vordering tot gemeenverklaring De verwerping van het cassatieberoep ontneemt alle belang aan de vordering tot gemeenverklaring. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep en de vordering tot gemeenverklaring. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten voor de eiseres op 2.119,88 euro en op de som van 650 euro rolrecht verschuldigd aan de Belgische Staat. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Sven Mosselmans en Myriam Ghyselen, en in openbare rechtszitting van 18 januari 2024 uitgesproken door sectievoorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240118.1N.6 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240118.1N.6 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.