← België

V. contra P.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 28 maart 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240328.1N.3 Rolnummer: C.21.0131.N Zaak: V. contra P. Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Bestuursrecht - Burgerlijk recht Invoerdatum: 2024-05-06 Raadplegingen: 550 - laatst gezien 2026-06-17 00:50 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240328.1N.3 Fiches 1 - 2 De opdrachtgever of de koper moet de nietigheid van de aan de Woningbouwwet onderworpen overeenkomst op straffe van verval in rechte vorderen of voor de rechter als verweer opwerpen vóór de voorlopige oplevering of het verlijden van de authentieke akte; eenmaal de voorlopige oplevering heeft plaatsgevonden of de authentieke akte werd verleden, kan de opdrachtgever of de koper nadien niet meer de nietigheid van de overeenkomst vorderen of ze als verweer opwerpen

(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: STEDENBOUW - ALGEMEEN Wettelijke bepalingen: Wet 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen - 09-07-1971 - Art. 13, derde lid - 30 ELI link Pub nr 1971070904 Thesaurus CAS: KOOP Wettelijke bepalingen: Wet 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen - 09-07-1971 - Art. 13, derde lid - 30 ELI link Pub nr 1971070904 Tekst van de beslissing Nr. C.21.0131.N B.V.R., eiser, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de eiser woonplaats kiest. tegen
  1. K.P.,
  2. E.D., verweerders, mede inzake
  3. V.A., advocaat, […] in zijn hoedanigheid van curator over het faillissement van VR QUALITY HOMES bv, met zetel te 8300 Knokke-Heist, Nieuwstraat 12 bus 12, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0536.614.193,
  4. ARCHITECT C.W. bv,
  5. BUILD4EVER bv, met zetel te 8460 Oudenburg, Oudekerkstraat 50, ingeschreven bij de KBO onder het nummer 0458.096.158,
  6. DAKGROEP N. nv, tot bindendverklaring van het arrest opgeroepen partijen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 15 december
  7. Advocaat-generaal Stijn Ravyse heeft op 28 februari 2024 een schriftelijke conclusie neergelegd. Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Stijn Ravyse heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDEL De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling
  8. Krachtens artikel 13, eerste lid, van de wet van 9 juli 1971 tot regeling van de woningbouw en de verkoop van te bouwen of in aanbouw zijnde woningen, hierna Woningbouwwet, wordt elk beding dat strijdig is met de artikelen 3 tot 6 en 8 tot 11 van die wet, alsmede met de koninklijke besluiten genomen in uitvoering van artikel 8, alinea 2, van die wet voor niet geschreven gehouden. Krachtens het tweede lid van die wetsbepaling heeft niet-nakoming van de bepalingen van artikel 7, van artikel 12 of van de koninklijke besluiten genomen in uitvoering van deze artikelen, de nietigheid van de overeenkomst ofwel de nietigheid van het met de wet strijdige beding tot gevolg. Krachtens het derde lid van die wetsbepaling kan de ene of de andere nietigheid naar keuze door de verkrijger of de opdrachtgever, in de zin van artikel 1, en alleen door hen, worden aangevoerd vóór het verlijden van de authentieke akte of, indien het een aannemingsovereenkomst betreft, vóór de voorlopige oplevering bedoeld in artikel
  9. Uit artikel 13, derde lid, Woningbouwwet volgt dat de opdrachtgever of de koper de nietigheid van de aan de Woningbouwwet onderworpen overeenkomst op straffe van verval in rechte moet vorderen of voor de rechter als verweer moet opwerpen vóór de voorlopige oplevering of het verlijden van de authentieke akte. Eenmaal de voorlopige oplevering heeft plaatsgevonden of de authentieke akte werd verleden, kan de opdrachtgever of de koper nadien niet meer de nietigheid van de overeenkomst vorderen of ze als verweer opwerpen.
  10. De eiser voerde voor de appelrechter aan dat de nietigheid van de aannemingsovereenkomst door de verweerders laattijdig werd opgeworpen aangezien zij pas voor het eerst in rechte werd ingeroepen in hun conclusie na expertise van 2 januari 2018 terwijl het pand op 17 juni 2017 opgeleverd was.
  11. De appelrechter die, met overname van de redenen van de eerste rechter, dit verweer verwerpt op grond dat de verweerders in een brief van 14 februari 2017 en dus voor de voorlopige oplevering die volgens de eerste tot bindendverklaring van het arrest opgeroepen partij plaatsvond op 17 juni 2017, hebben gemeld dat “in hoofdorde dient te worden benadrukt dat de aannemingsovereenkomst absoluut nietig is”, schendt artikel 13 Woningbouwwet. Het middel is gegrond. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Myriam Ghyselen en Michael Traest, en in openbare rechtszitting van 28 maart 2024 uitgesproken door sectievoorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal Stijn Ravyse, met bijstand van griffier Elien Van Isterdael. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240328.1N.3 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240328.1N.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.