← België

M. contra BETONFABRIEK DE BONTE EN VAN HECKE

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 13 juni 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240613.1N.8 Rolnummer: C.23.0105.N Zaak: M. contra BETONFABRIEK DE BONTE EN VAN HECKE Kamer: 1N - eerste kamer Rechtsgebied: Overige - Constitutioneel recht Invoerdatum: 2024-07-01 Raadplegingen: 1517 - laatst gezien 2026-06-19 04:13 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240613.1N.8 Fiches 1 - 2 Uit artikel 50, § 1, eerste, tweede en derde lid, en § 4, Wet Notarisambt volgt dat de notaris handelend als orgaan van zijn vennootschap, voor wat betreft zijn beroepsaansprakelijkheid in de regel niet persoonlijk kan worden aangesproken. Hij kan niettemin persoonlijk worden aangesproken wanneer hij overtredingen heeft begaan met bedrieglijk oogmerk of met het doel om schade te berokkenen

(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: NOTARIS Wettelijke bepalingen: Wet 25 ventôse jaar XI op het notarisambt - 16-03-1803 - Art. 50, § 1, eerste, tweede en derde lid, en § 4 - 30 ELI link Pub nr 1803031601 Fiche 3 Notarissen zijn geen categorie van personen die vergelijkbaar zijn met gerechtsdeurwaarders of advocaten bij het Hof van Cassatie
(1).
(1)Zie concl. OM. Thesaurus CAS: GRONDWETTELIJK HOF Wettelijke bepalingen: Bijzondere wet op het Arbitragehof van 6 januari 1989 - 06-01-1989 - Art. 26, § 2 - 30 ELI link Pub nr 1989021001 Tekst van de beslissing Nr. C.23.0105.N
  1. L. M.,
  2. L. M. NOTARIS bv, eiseressen, vertegenwoordigd door mr. Martin Lebbe, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1060 Brussel, Jourdanstraat 31, waar de eiseressen woonplaats kiezen, tegen BETONFABRIEK DE BONTE EN VAN HECKE nv, verweerster, vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 2000 Antwerpen, Amerikalei 187/302, waar de verweerster woonplaats kiest. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent van 15 december
  3. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft op 27 maart 2024 een schriftelijke conclusie neergelegd. Sectievoorzitter Geert Jocqué heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman heeft geconcludeerd. II. CASSATIEMIDDELEN De eiseressen voeren in hun verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, twee middelen aan. III. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Eerste middel
  4. Het middel dat de appelrechters verwijt een schadevergoeding van 66.825 euro aan de verweerster toe te kennen zonder enige voordeelstoerekening door te voeren, verplicht het Hof tot een onderzoek van feiten waarvoor het niet bevoegd is, en is bijgevolg niet ontvankelijk. Tweede middel
  5. Krachtens artikel 50, § 1, eerste lid, Wet Notarisambt, zoals gewijzigd door de wet van 25 april 2014, kan een notaris, alleen of in associatie, zijn ambt uitoefenen in een vennootschap. Krachtens het tweede lid moet deze vennootschap de vorm aannemen van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid of een coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid. Het derde lid bepaalt dat de notaris nochtans persoonlijk titularis blijft van het notarisambt. Krachtens artikel 50, § 4, eerste lid, Wet Notarisambt, zoals gewijzigd door de wet van 25 april 2014, is de aansprakelijkheid van de vennoten beperkt tot hun inbreng. Het tweede lid bepaalt dat de aansprakelijkheid van de notarisvennootschap beperkt is tot een bedrag van vijf miljoen euro en dat de notaris hoofdelijk aansprakelijk blijft met de vennootschap voor de overtredingen die hij heeft begaan met bedrieglijk oogmerk of met het doel om schade te berokkenen, zonder afbreuk te doen aan het verhaalsrecht van de vennootschap ten aanzien van de notaris. Het derde lid bepaalt dat de notarisvennootschap gehouden is een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid aan te gaan via een door de Nationale kamer van notarissen goedgekeurde verzekeringsovereenkomst die het in het tweede lid bepaalde maximum moet waarborgen.
  6. Hieruit volgt dat de notaris handelend als orgaan van zijn vennootschap, voor wat betreft zijn beroepsaansprakelijkheid in de regel niet persoonlijk kan worden aangesproken. Hij kan niettemin persoonlijk worden aangesproken wanneer hij overtredingen heeft begaan met bedrieglijk oogmerk of met het doel om schade te berokkenen.
  7. De appelrechters die vaststellen dat de eerste eiseres haar ambt als notaris uitoefent in een vennootschap, namelijk de tweede eiseres, en dat de tweede eiseres tekort is gekomen aan haar informatieplicht waardoor zij een contractuele fout beging en vervolgens oordelen dat deze fout ook toegerekend dient te worden aan de eerste eiseres, waardoor zij persoonlijk aansprakelijk kan worden gesteld voor deze beroepsfout, verantwoorden hun beslissing niet naar recht. Het middel is gegrond. Prejudiciële vraag.
  8. Notarissen zijn geen categorie van personen die vergelijkbaar is met gerechtsdeurwaarders of advocaten bij het Hof van Cassatie.
  9. De door de verweerster aangevoerde ongelijkheid heeft derhalve geen betrekking op vergelijkbare toestanden. Er is geen reden het Grondwettelijk Hof een prejudiciële vraag te stellen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het oordeelt over de vordering van de verweerster tegen de eerste eiseres en uitspraak doet over de kosten. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Antwerpen. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samengesteld uit sectievoorzitter Koen Mestdagh, als voorzitter, sectievoorzitter Geert Jocqué, en de raadsheren Bart Wylleman, Ilse Couwenberg en Michael Traest, en in openbare rechtszitting van 13 juni 2024 uitgesproken door sectievoorzitter Koen Mestdagh, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht Frederic Vroman, met bijstand van griffier Wim Vanderputten. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240613.1N.8 Gerelateerde publicatie(s) Conclusie O.M.: ECLI:BE:CASS:2024:CONC.20240613.1N.8 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.