id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 18 juni 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240618.2N.1 Rolnummer: P.24.0559.N Zaak: W. contra E. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht Invoerdatum: 2024-06-24 Raadplegingen: 595 - laatst gezien 2026-06-16 13:17 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Uit het gegeven dat artikel 324bis Strafwetboek een criminele organisatie omschrijft als een gestructureerde vereniging van meer dan twee personen, volgt dat het bestaan van een dergelijke vereniging de betrokkenheid van minstens drie personen veronderstelt
(1), maar niet dat de rechter een beklaagde slechts aan één van de in artikel 324ter Strafwetboek bedoelde misdrijven kan schuldig verklaren indien minstens drie personen voor dat misdrijf worden vervolgd.
(1)Over de voorwaarde van meer dan twee personen zie Cass. 24 mei 2022, AR P.22.0050.N ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220524.2N.13, AC 2022, nr. 370, met concl. OM, RW 2022-23, 1337-
- Thesaurus CAS: VERENIGING VAN MISDADIGERS Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 324ter - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Thesaurus CAS: STRAFVORDERING Wettelijke bepalingen: Strafwetboek 1867 - 08-06-1867 - Art. 324ter - 01 ELI link Pub nr 1867060850 Tekst van de beslissing Nr. P.24.0559.N Y. M. E. W., beklaagde, aangehouden, eiser, met als raadsman Anthony Mallego, advocaat bij de balie Dendermonde, tegen
- Z. E. J., burgerlijke partij,
- A. E. J., in eigen naam en voor haar minderjarige dochter S. C., burgerlijke partij,
- F. E. J., burgerlijke partij,
- A. E. J., burgerlijke partij, verweerders. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen, correctionele kamer, van 21 maart
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Bart De Smet heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van de memorie en van het cassatieberoep
- Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat de eiser zijn memorie heeft ter kennis gebracht van de verweerders en zijn cassatieberoep heeft laten betekenen aan deze verweerders, zoals nochtans is vereist door de artikelen 427 en 429 Wetboek van Strafvordering. In zoverre de memorie betrekking heeft op de beslissingen op de burgerlijke rechtsvorderingen van de verweerders en het cassatieberoep is gericht tegen die beslissingen, zijn ze niet ontvankelijk. Middel
- Het middel voert schending aan van artikel 324bis Strafwetboek: het arrest kan de eiser niet schuldig verklaren aan het misdrijf van criminele organisatie; een dergelijk organisatie vereist volgens artikel 324bis Strafwetboek een vereniging van meer dan twee personen, terwijl in deze zaak slechts twee personen zijn vervolgd.
- Uit het gegeven dat artikel 324bis Strafwetboek een criminele organisatie omschrijft als een gestructureerde vereniging van meer dan twee personen, volgt dat het bestaan van een dergelijke vereniging de betrokkenheid van minstens drie personen veronderstelt, maar niet dat de rechter een beklaagde slechts aan één van de in artikel 324ter Strafwetboek bedoelde misdrijven kan schuldig verklaren indien minstens drie personen voor dat misdrijf worden vervolgd. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 120,51 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, de raadsheren Erwin Francis, Eric Van Dooren, Steven Van Overbeke en Bruno Lietaert, en in openbare rechtszitting van 18 juni 2024 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Bart De Smet, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240618.2N.1 Gerelateerde publicatie(s) geciteerd door: ECLI:BE:HBGNT:2025:ARR.20250915.1 precedenten: ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20220524.2N.13 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div