id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 10 september 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240910.2N.2 Rolnummer: P.24.0641.N Zaak: V. contra E. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Overige - Strafrecht Invoerdatum: 2024-09-12 Raadplegingen: 755 - laatst gezien 2026-06-17 08:27 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 De rechter bepaalt binnen de door de wet bepaalde grenzen onaantastbaar welke straffen en maatregelen en hun maat noodzakelijk zijn ter realisering van de doelstellingen die hij met de straftoemeting beoogt en die doelstellingen kunnen onder meer bestaan in het uiten van de maatschappelijke afkeuring ten aanzien van de overtreding van de strafwet, het bevorderen van het herstel van het maatschappelijk evenwicht en van het herstel van de door het misdrijf veroorzaakte schade, het bevorderen van de maatschappelijke rehabilitatie en re-integratie van de dader en de bescherming van de maatschappij
(1); geen enkele bepaling of algemeen rechtsbeginsel verzet zich ertegen dat de rechter ter verantwoording voor de keuze en de maat van de uitgesproken straffen mede verwijst naar de veronderstelde verwachtingen van slachtoffers en hun familie op het vlak van bestraffing vermits die kunnen worden gekaderd in de voormelde doelstellingen van de straftoemeting.
(1)Cass. 13 december 2022, AR P.22.1193.N ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20221213.2N.3, AC 2022, nr. 822; Cass. 16 maart 2021, AR P.20.1123.N ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210316.2N.2, AC 2022, nr.
- Thesaurus CAS: REDENEN VAN DE VONNISSEN EN ARRESTEN - OP CONCLUSIE - Strafzaken (geestrijke dranken en douane en accijnzen inbegrepen) STRAF - ALGEMEEN. STRAF EN MAATREGEL. WETTIGHEID Annotaties Publicaties: Juristenkrant-De Juristenkrant - 2024, nr. 500, p.
- - VASSEUR, Roeland; Noot'Strafrechter mag bij keuze straf(maat) verwijzen naar de verwachtingen van het slachtoffer' BJS-Bulletin juridique social - 2025, n° 732, p.
- - PHILIPS, Clémence; Note'Choix de la sanction pénale: et la victime dans tout ça?' Tekst van de beslissing Nr. P.24.0641.N A. V. N., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Koen Vaneecke, advocaat bij de balie Antwerpen, tegen I. E., burgerlijke partij, verweerster. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 18 maart
- De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Het arrest spreekt de eiser vrij van de feiten omschreven onder de telastlegging B. In zoverre ook gericht tegen die beslissing, is eisers cassatieberoep bij gebrek aan belang niet ontvankelijk.
- Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat de eiser zijn cassatieberoep heeft laten betekenen aan de verweerster, zoals nochtans is vereist door artikel 427 Wetboek van Strafvordering. In zoverre ook gericht tegen de beslissing op de burgerlijke vordering van de verweerster, is eisers cassatieberoep niet ontvankelijk. Middel
- Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet en de artikelen 195 en 211 Wetboek van Strafvordering, alsook miskenning van het algemeen rechtsbeginsel van de motivering van vonnissen en arresten: door de straftoemetingsbeslissing te motiveren met de stelling dat het voor het slachtoffer en haar familie totaal onbegrijpelijk zou zijn dat geen effectieve straf wordt opgelegd, neemt het arrest de zienswijze of het belang van de burgerlijke partij in aanmerking; de appelrechters stellen zich zo in de plaats van de burgerlijke partij, wiens belang beperkt is tot de eventuele bewezenverklaring van de feiten en daaruit vloeiende vergoeding van de schade; bijgevolg is de opgelegde bestraffing niet naar recht verantwoord.
- De rechter bepaalt binnen de door de wet bepaalde grenzen onaantastbaar welke straffen en maatregelen en hun maat noodzakelijk zijn ter realisering van de doelstellingen die hij met de straftoemeting beoogt. Die doelstellingen kunnen onder meer bestaan in het uiten van de maatschappelijke afkeuring ten aanzien van de overtreding van de strafwet, het bevorderen van het herstel van het maatschappelijk evenwicht en van het herstel van de door het misdrijf veroorzaakte schade, het bevorderen van de maatschappelijke rehabilitatie en re-integratie van de dader en de bescherming van de maatschappij.
- Geen enkele bepaling of algemeen rechtsbeginsel verzet zich ertegen dat de rechter ter verantwoording voor de keuze en de maat van de uitgesproken straffen mede verwijst naar de veronderstelde verwachtingen van slachtoffers en hun familie op het vlak van bestraffing. Die kunnen immers worden gekaderd in de voormelde doelstellingen van de straftoemeting.
- Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek
- De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is in overeenstemming met de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 117,21 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, de raadsheren, Erwin Francis, Eric Van Dooren, Steven Van Overbeke en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 10 september 2024 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240910.2N.2 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2021:ARR.20210316.2N.2 ECLI:BE:CASS:2022:ARR.20221213.2N.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div