) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 De rechter die een beklaagde een tijdelijk rijverbod oplegt, is niet ertoe gehouden de tijd gedurende welke het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs met toepassing van artikel 55, § 1, eerste lid, 1°, 2°, 3°
5°,
, Wegverkeerswet werd ingetrokken, aan te rekenen op de duur van het verbod; die aanrekening, die betrekking heeft op de tenuitvoerlegging van de straf, geschiedt immers van rechtswege. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 55 Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 55, § 1, eerste lid, 1°, 2°, 3°
5°,
- 31 ELI link Pub nr 1968031601 Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 57 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 57 Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 55, § 1, eerste lid, 1°, 2°, 3°
5°,
- 31 ELI link Pub nr 1968031601 Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 57 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 Tekst van de beslissing Nr. P.24.0745.N M. T., beklaagde, eiseres, met als raadsman mr. Peter Vermeiren, advocaat bij de balie Gent. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de Nederlandstalige correctionele rechtbank Brussel van 20 maart
het recht op tegenspraak: het bestreden vonnis oordeelt dat volgens het Nederlandstalige woordenboek Van Dale
volgens de “woordenlijst.org” het woord “killer” iemand is die een tegenstander met nietsontziende middelen bestrijdt of een moordenaar is, zonder daarover het debat te heropenen
de eiser de gelegenheid te geven daarover standpunt in te nemen. 2. De rechter die aan de hand van een woordenboek of woordenlijst oordeelt dat een bepaald woord gangbaar is in het Nederlands, is niet verplicht daarover het debat te heropenen. Of een bepaald woord dat is opgenomen in een stuk van de rechtspleging al dan niet gangbaar is in het Nederlands, behoort noodzakelijk tot het debat
de partijen moeten daar bij hun verdediging rekening mee houden. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Tweede middel 3. Het middel voert schending aan van artikel 149 Grondwet
artikel 24 Taalwet Gerechtszaken: het grievenformulier van het openbaar ministerie vermeldt het
gelse woord “killers”, zonder daaraan als vrije vertaling “moordenaars” toe te voegen; ten onrechte verklaart het bestreden vonnis het grievenformulier niet nietig
het openbaar ministerie niet vervallen van zijn hoger beroep; daardoor is het bestreden vonnis ook niet afdoende gemotiveerd.
rijden onder invloed van alcoholische dranken zijn killers in het verkeer.” Het woord “killers” behoort tot het gewone Nederlandse taalgebruik. De beslissing dat er geen sprake is van de schending van de Taalwet Gerechtszaken
dat het grievenformulier niet nietig is, is dan ook naar recht verantwoord. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen.
artikel 65, eerste lid, Strafwetboek, alsmede miskenning van de motiveringsplicht: het bestreden vonnis oordeelt dat de telastleggingen A, B, C, D
E uit dezelfde gedraging voortvloeien, maar dat er geen eenheid van opzet is met de telastlegging F; het sluit evenwel niet uit dat er geen eenheid van drijfveer was; nochtans was er een korte tijdspanne tussen de feiten van de telastleggingen A, B, C, D
E
het feit van de telastlegging F, dat plaatsgreep toen de eiseres haar rijbewijs kwam ophalen; dit rijbewijs was onmiddellijk ingetrokken ten gevolge van de feiten van de telastleggingen A, B, C, D
E; op grond van deze redenen kan het bestreden vonnis niet wettig oordelen dat er geen eenheid van opzet is tussen de feiten van de telastleggingen A, B, C, D
E
het feit van de telastlegging F.
5°,
, is ingetrokken, op de duur van het verval aangerekend met uitzondering van de perioden van hechtenis door de veroordeelde ondergaan gedurende die tijd.” 12. De rechter die een beklaagde een tijdelijk rijverbod oplegt, is niet ertoe gehouden de tijd gedurende welke het rijbewijs of het als zodanig geldend bewijs met toepassing van artikel 55, § 1, eerste lid, 1°, 2°, 3°
5°,
Die aanrekening, die betrekking heeft op de tenuitvoerlegging van de straf, geschiedt immers van rechtswege. Het middel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht. Ambtshalve onderzoek 13. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen
de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiseres tot de kosten. Bepaalt de kosten op 77,61 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, raadsheer Peter Hoet, sectievoorzitter Erwin Francis, de raadsheren Steven Van Overbeke
Bruno Lietaert,
in openbare rechtszitting van 24 september 2024 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Alain Winants, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20240924.2N.9 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.