← België

K.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 01 oktober 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241001.2N.11 Rolnummer: P.24.0787.N Zaak: K. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2024-10-04 Raadplegingen: 423 - laatst gezien 2026-06-15 07:35 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Noch de bepalingen van artikel 59, § 3, Wegverkeerswet betreffende de ademanalyse en van artikel 4.3. van de bijlage 2 KB 21 april 2017 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen noch enige andere wettelijke bepaling preciseren wat onder “nieuwe of herstelde ademanalysatoren” en “analysatoren die in gebruik zijn” dient te worden verstaan, zodat deze uitdrukkingen in hun gebruikelijke betekenis moeten worden begrepen; een voorwerp wordt in de gebruikelijke betekenis als “nieuw” beschouwd, wanneer het recentelijk werd verworven en operationeel in gebruik genomen werd, terwijl “in gebruik zijn”, inhoudt dat het voorwerp reeds sinds een zekere tijd operationeel wordt gebruikt en de rechter oordeelt daarover onaantastbaar; het Hof gaat wel na of de rechter uit zijn vaststellingen geen gevolgen afleidt die op grond daarvan onmogelijk kunnen worden verantwoord

(1).
(1)Cass. 18 december 2018, AR P.18.0882.N, AC 2018, nr. 722, ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181218.
  1. Thesaurus CAS: WEGVERKEER - WEGVERKEERSWET - WETSBEPALINGEN - Artikel 59 Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 59 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 KB 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen - 21-04-2007 - Art. 4.3 van de bijlage 2 - 40 ELI link Pub nr 2007014149 Thesaurus CAS: ONAANTASTBARE BEOORDELING DOOR DE FEITENRECHTER Wettelijke bepalingen: Wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer - 16-03-1968 - Art. 59 - 31 ELI link Pub nr 1968031601 KB 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en de ademanalysetoestellen - 21-04-2007 - Art. 4.3 van de bijlage 2 - 40 ELI link Pub nr 2007014149 Tekst van de beslissing Nr. P.24.0787.N I. K., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Thibaud Delva, advocaat bij de balie Antwerpen. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het vonnis in hoger beroep van de correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, van 29 maart
  2. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Raadsheer Peter Hoet heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Middel
  3. Het middel voert schending aan van artikel 59, § 3, Wegverkeerswet en artikel 4.3 van de bijlage 2 bij het koninklijk besluit van 21 april 2007 betreffende de ademtesttoestellen en ademanalysetoestellen (hierna KB 21 april 2007): uit het opsporingsonderzoek blijkt niet of het een nieuwe of herstelde ademanalysator betreft dan wel een analysator in gebruik; de appelrechters kunnen dan ook niet wettig oordelen dat artikel 59, § 3, derde lid, Wegverkeerswet werd nageleefd en dat het resultaat tegenstelbaar is aan de eiser; ten onrechte leiden zij dit af uit alle elementen van het dossier en voornamelijk op basis van het feit dat de ijking geldig was tot 16 juni 2023, de ijking geldig is voor één jaar en de uitprint “volgnummer 31” draagt; het staat immers niet vast dat alle volgnummers voor volgnummer 31 dateren van na de ijking; het is zelfs mogelijk dat het gebruik van het toestel in casu bij de door de eiser afgelegde testen het eerste gebruik betrof na deze ijking; of het gebruikte toestel een analysator in gebruik dan wel een nieuwe of herstelde analysator betrof, zou kunnen blijken uit het metrologisch boekje, doch dit werd niet gevoegd aan het strafdossier.
  4. Artikel 59, § 3, Wegverkeerswet bepaalt: “Op verzoek van de in § 1, 1° en 2°, bedoelde personen aan wie een ademanalyse werd opgelegd, wordt onmiddellijk een tweede analyse uitgevoerd en, indien het verschil tussen deze twee resultaten meer bedraagt dan de door de Koning bepaalde nauwkeurigheidsvoorschriften, een derde analyse. Indien het eventuele verschil tussen twee van deze resultaten niet meer bedraagt dan de hierboven bepaalde nauwkeurigheidsvoorschriften, wordt het laagste resultaat in aanmerking genomen. Indien het verschil groter is, wordt de ademanalyse als niet uitgevoerd beschouwd.”
  5. Artikel 4.3 van de bijlage 2 KB 21 april 2007 bepaalt deze nauwkeurigheidsvoorschriften. Het maakt daarbij een onderscheid tussen “nieuwe of herstelde ademanalysatoren” en “analysatoren die in gebruik zijn”, waarbij voor de eerste genoemde analysatoren die voorschriften strenger zijn.
  6. Deze bepalingen noch enige andere wettelijke bepaling preciseren wat onder “nieuwe of herstelde ademanalysatoren” en “analysatoren die in gebruik zijn” dient te worden verstaan, zodat deze uitdrukkingen in hun gebruikelijke betekenis moeten worden begrepen.
  7. Een voorwerp wordt in de gebruikelijke betekenis als “nieuw” beschouwd, wanneer het recentelijk werd verworven en operationeel in gebruik genomen werd, terwijl “in gebruik zijn”, inhoudt dat het voorwerp reeds sinds een zekere tijd operationeel wordt gebruikt.
  8. De rechter oordeelt daarover onaantastbaar.
  9. Het Hof gaat wel na of de rechter uit zijn vaststellingen geen gevolgen afleidt die op grond daarvan onmogelijk kunnen worden verantwoord.
  10. In zoverre het middel uitgaat van andere rechtsopvattingen, faalt het naar recht.
  11. Het bestreden vonnis oordeelt als volgt: - blijkens de gevolgen 2 en 3 aan het aanvankelijk proces-verbaal AN90.L7.409068/2022 van 16 oktober 2022 werden de ademtest en de ademanalyse uitgevoerd met het gecombineerd apparaat Dräger Alcotest type 8610 met ijking geldig tot 16 juni 2023, conform het KB 21 april 2007 en vergezeld van het metrologische boekje en de gebruiksaanwijzing; - de eerste ijk, de herijk en de technische controles blijven uiterlijk één jaar geldig en na iedere ijkverrichting wordt de vervaldatum van de ijkverrichting op de ademanalysator aangebracht aan de hand van het zelfklevend veiligheidsticket overeenkomstig bijlage 3 bij het KB 21 april 2007; - er wordt hierbij geen onderscheid gemaakt naar de aard van de ijkverrichting (eerste ijk, herijk of technische controle); - in casu dateren de feiten van 16 oktober 2022 en was de analysator nog geldig geijkt tot 16 juni 2023; - de verbalisanten maakten geen melding van een eerste ingebruikname van een nieuw toestel of een hersteld toestel, noch stelden zij handelingen bij een (her)ingebruikname zoals een configuratie; - de outprint van het ademanalyseticket vermeldt het testnummer 31 en drie opeenvolgende geldige resultaten. Op grond van deze redenen kan het bestreden vonnis wettig oordelen dat de analysator reeds zeker enige tijd operationeel in gebruik was genomen. In zoverre kan het middel niet worden aangenomen.
  12. In zoverre het middel verplicht tot een onderzoek van feiten, waarvoor het Hof geen bevoegdheid heeft, is het niet ontvankelijk. Ambtshalve onderzoek
  13. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Verwerpt het cassatieberoep. Veroordeelt de eiser tot de kosten. Bepaalt de kosten op 74,31 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, de raadsheren, Peter Hoet, Eric Van Dooren, Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 1 oktober 2024 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241001.2N.11 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2018:ARR.20181218.4 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.