← België

G. contra A.

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Hof van Cassatie Vonnis/arrest van 03 december 2024 ECLI nr: ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241203.2N.19 Rolnummer: P.24.0826.N Zaak: G. contra A. Kamer: 2N - tweede kamer Rechtsgebied: Strafrecht - Overige Invoerdatum: 2024-12-09 Raadplegingen: 556 - laatst gezien 2026-06-19 03:13 Versie(s): Vertaling samenvatting(en) FR nog niet beschikbaar Fiches 1 - 2 Het arrest dat de eiser veroordeelt tot een hoofdgevangenisstraf van zes maanden en voor die hoofdgevangenisstraf door bevestiging van het beroepen vonnis probatie-uitstel verleent voor een termijn van vijf jaar, schendt artikel 8, § 1, laatste lid, Probatiewet dat bepaalt dat de duur van het uitstel niet meer dan drie jaar mag bedragen voor gevangenisstraffen die de zes maanden niet te boven gaan; de onwettigheid van de maatregel om uitstel van tenuitvoerlegging te verlenen, leidt tot de vernietiging van de hoofdstraf waarvoor het uitstel is verleend gelet op de band tussen de strafmaat en de maatregel, alsook tot de vernietiging van de veroordeling tot de betaling van een bijdrage aan het Slachtofferfonds, met verwijzing, met verwijzing

(1).
(1)Zie Cass. 8 november 2022, AR P.22.540.N, arrest niet gepubliceerd; Cass. 15 januari 2019, AR P.18.0790.N ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190115.3, arrest niet gepubliceerd; Contra: Cass. 29 januari 2020, AR P.19.0435.F, AC 2020, nr. 84, ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200129.2F.3 Thesaurus CAS: VEROORDELING MET UITSTEL EN OPSCHORTING VAN DE VEROORDELING - PROBATIEUITSTEL Wettelijke bepalingen: Wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie - 29-06-1964 - Art. 8, § 1, laatste lid - 30 ELI link Pub nr 1964062906 Thesaurus CAS: CASSATIE - VERNIETIGING. OMVANG - Strafzaken - Strafvordering - Beklaagde en verdachte Wettelijke bepalingen: Wet van 29 juni 1964 betreffende de opschorting, het uitstel en de probatie - 29-06-1964 - Art. 8, § 1, laatste lid - 30 ELI link Pub nr 1964062906 Tekst van de beslissing Nr. P.24.0826.N K. G., beklaagde, eiser, met als raadsman mr. Raan Colman, advocaat bij de balie Gent, tegen H. A. D., burgerlijke partij, verweerder. I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 7 mei
  1. De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan. Voorzitter Filip Van Volsem heeft verslag uitgebracht. Advocaat-generaal Dirk Schoeters heeft geconcludeerd. II. BESLISSING VAN HET HOF Beoordeling Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
  2. Het arrest veroordeelt door de bevestiging van het beroepen vonnis de eiser tot betaling aan de verweerder van een provisionele schadevergoeding, het beveelt een deskundigenonderzoek, het houdt de beslissing over de interesten en de kosten met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding aan en het verwijst de zaak terug naar de eerste rechter met het oog op het afhandelen van de burgerlijke belangen. Dat is geen eindbeslissing in de zin van artikel 420, eerste lid, Wetboek van Strafvordering en, behoudens wat betreft de beslissing over het beginsel van aansprakelijkheid, evenmin een beslissing als bedoeld door artikel 420, tweede lid, Wetboek van Strafvordering. In zoverre ook gericht tegen die beslissingen, is eisers cassatieberoep wegens voorbarigheid niet ontvankelijk.
  3. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt niet dat de eiser zijn cassatieberoep heeft laten betekenen aan de verweerder. In zoverre ook gericht tegen de beslissing over het beginsel van aansprakelijkheid, is eisers cassatieberoep niet ontvankelijk. Middel
  4. Het middel voert schending aan van artikel 6 EVRM, artikel 149 Grondwet en artikel 8, § 1, laatste lid, Probatiewet: het arrest legt een hoofdgevangenisstraf van zes maanden op, met probatie-uitstel gedurende een termijn van vijf jaar.
  5. Artikel 8, § 1, laatste lid, Probatiewet bepaalt dat de duur van het uitstel niet meer dan drie jaar mag bedragen voor gevangenisstraffen die de zes maanden niet te boven gaan.
  6. Het arrest veroordeelt de eiser tot een hoofdgevangenisstraf van zes maanden en het verleent voor die hoofdgevangenisstraf door bevestiging van het beroepen vonnis probatie-uitstel voor een termijn van vijf jaar. Die beslissing schendt artikel 8, § 1, laatste lid, Probatiewet. Het middel is in zoverre gegrond. Omvang van de cassatie
  7. De onwettigheid van de maatregel om uitstel van tenuitvoerlegging te verlenen, leidt tot de vernietiging van de hoofdstraf waarvoor het uitstel is verleend, gelet op de band tussen de strafmaat en de maatregel, alsook tot de vernietiging van de veroordeling tot de betaling van een bijdrage aan het Slachtofferfonds. Het laat de overige beslissingen van het arrest onaangetast. Ambtshalve onderzoek voor het overige
  8. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen. Dictum Het Hof, Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het de eiser veroordeelt tot straf en tot de betaling van een bijdrage aan het Slachtofferfonds. Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeeltelijk vernietigde arrest. Verwerpt het cassatieberoep voor het overige. Veroordeelt de eiser tot twee derden van de kosten van zijn cassatieberoep. Houdt de beslissing over de overige kosten aan en laat die over aan de rechter op verwijzing. Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, anders samengesteld. Bepaalt de kosten op 172,15 euro. Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit voorzitter Filip Van Volsem, als voorzitter, de raadsheren Peter Hoet, Eric Van Dooren, Bruno Lietaert en Jos Decoker, en in openbare rechtszitting van 3 december 2024 uitgesproken door voorzitter Filip Van Volsem, in aanwezigheid van advocaat-generaal Dirk Schoeters, met bijstand van griffier Ayse Birant. PDF document ECLI:BE:CASS:2024:ARR.20241203.2N.19 Gerelateerde publicatie(s) precedenten: ECLI:BE:CASS:2019:ARR.20190115.3 ECLI:BE:CASS:2020:ARR.20200129.2F.3 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.